In de winkel in Arnhem ‘trekt’ een klant een doos eieren uit de muur.

ReportageFruit uit de muur

Geen kroket, maar fruit uit de muur: dit is de ‘Febo’ onder de fruittelers

In de winkel in Arnhem ‘trekt’ een klant een doos eieren uit de muur.Beeld Koen Verheijden

‘Koop lokaal’ werd opeens populair in coronatijd. De boeren van Appeltje-Eitje trekken er zelfs de stad voor in. Het verhaal van fruit en zuivel uit de muur.

Remco Van Veluwen

De meeste rode appels, de rijpste uit de boomgaard, zijn al geplukt. Sven Wiggelo loopt verder langs de rijen van zijn boomgaard in Dodewaard en plukt een exemplaar. “Hier, deze is mooi rijp”, zegt hij terwijl hij een grote, rode appel aanreikt. “Een mooi ding.” Het is een voorproefje van wat later die dag in zijn eigen winkel in Arnhem te koop is. Samen met zijn compagnon Gertjan van Dam verkoopt Wiggelo zijn fruit en zuivel namelijk op zes verschillende locaties rechtstreeks aan de klant met hun bedrijf Appeltje-Eitje.

Dat doen ze met automaten, Febo-achtige luikjes waar de consument een zak met appels direct uit kan halen zonder dat er een verkoper aan te pas komt. Het enige wat de klant moet doen is eerst de bestelling met pinpas afrekenen, bij een betaalpaal in de winkel. Het is net McDonald’s. Eenvoudig en laagdrempelig, appeltje-eitje dus. De naam slaat ook op de producten die de twee aanbieden. “Gertjan levert het eitje, ik de appel”, zegt Wiggelo. “Veel mensen noemen het de gezonde Febo.”

Waarom altijd verwachten dat de consument naar ons komt?

Wiggelo, fruitteler en melkveehouder van beroep, had sinds jaar en dag een kleine versie van zo’n automatiek voor de boerderij van zijn broer staan. Hij bood Van Dam aan om diens eieren ook in die automaat te verkopen. Wiggelo: “Na een halfjaar dachten we: wij verwachten altijd maar dat de consument naar ons toe komt, waarom brengen we het niet naar hen? We trokken de stoute schoenen aan en openden in maart 2018 de eerste vestiging in Beuningen.”

Inmiddels is in Arnhem de zesde Appeltje-Eitje-vestiging geopend. Andere zijn in Wijchen, Nijmegen, Ede en Veenendaal. Het filiaal in Arnhem is het eerste in volledig eigen beheer, met een eigen systeem. “Uiteindelijk doen ze allemaal hetzelfde: luikje open”, zegt Wiggelo nuchter. “Maar bij deze moeten uiteindelijk ook een klantenkaart en combideals komen.”

Écht rijk worden ze er volgens Wiggelo niet van, maar financieel is het voor hem en Van Dam wel beter verdienen zo. “Ook omdat we gewoon alles in eigen hand houden. Nu komt er niet elke maand een factuur van bedrijven die geld willen zien voor geleverde diensten. Anders valt het niet mee om zo’n winkel op te starten.”

Sven Wiggelo plukt de appels voor Appeltje-Eitje in Dodewaard. Beeld Koen Verheijden
Sven Wiggelo plukt de appels voor Appeltje-Eitje in Dodewaard.Beeld Koen Verheijden

De appeltjes van vanochtend gaan naar de vestiging in Arnhem. Wiggelo tilt een stapel blauwe kratten met daarin de oogst in zijn witte bedrijfsbusje. In de kratten zitten naast appels ook pruimen, aardbeien, frambozen, kaas en literflessen melk en vruchtensap; die andere producten leveren boeren uit de omgeving aan.

Veel klanten associëren de producten van Wiggelo en Van Dam met biologisch, want wat Appeltje-Eitje verkoopt is lokaal geproduceerd en komt rechtstreeks van de boer. Maar Wiggelo is niet van overtuigd dat biologisch écht zoveel voordelen oplevert. Omschakelen naar biologisch is bovendien niet eenvoudig, het is tijdrovend en dus kostbaar. De omschakeling duurt, afhankelijk van de teelt, minstens een jaar tot drie jaar.

Toch, claimt Wiggelo, zijn de artikelen van Appeltje-Eitje, wel duurzamer in vergelijking met dezelfde producten uit de supermarkt. De winst zit hem dan vooral in dat niet meer gesleept wordt met producten; zijn aanpak bespaart voedselkilometers. Waar nu direct geleverd wordt aan de klant, worden de appels en eieren van de boerderij anders eerst geleverd aan groothandels of tussenhandelaren om daarna in distributiecentra van supermarktketens te belanden. Om daarna nog naar de supermarkt vervoerd te worden. “Dat is transport, transport, transport. Nu slaan we dat allemaal over en hebben we een kortere keten. Het gaat rechtstreeks van producent naar consument.”

Een schappelijker prijs

Juist omdat zoveel tussenschakels zijn verdwenen, is het ook mogelijk om de producten tegen een schappelijker prijs aan te bieden, zonder dat Wiggelo (“Wij zijn stukken goedkoper”) en zijn collega’s daar op toe hoeven te leggen. “Daarnaast is de waar veel verser. De eieren zijn dagvers, terwijl ze in de supermarkt normaal minstens twee weken oud zijn. Dat merk je in de kwaliteit. Ook is de beleving een belangrijke reden. Klanten vinden het fijn te weten waar een product vandaan komt.” Juist in tijden dat de afstand tussen platteland en stad zo groot is, is dat laatste belangrijk.

Niet elke vestiging van Appeltje-Eitje draait even goed. “Dat ligt niet aan de mensen, maar aan de locatie van die vestiging”, veronderstelt Wiggelo. “Als de winkel bijvoorbeeld in een winkelgebied zit en mensen gaan daarheen om te shoppen, gaan ze niet ook nog met een een paar pakken melk lopen sjouwen. Maar omdat we onze eigen bedrijven hebben, kunnen we ons die missers veroorloven.”

Ook vanwege het beperkte aanbod is de locatie volgens Wiggelo belangrijk. “Zodat mensen toch speciaal even voor de eieren langskomen. De lagere prijs, langere openingstijden en het feit dat de winkels onbemand zijn, helpen ook mee.”

De fruitmuur wordt bijgevuld. Beeld Koen Verheijden
De fruitmuur wordt bijgevuld.Beeld Koen Verheijden

Een supermarkt heeft het gemak dat alles er te verkrijgen is, bij Appeltje-Eitje is het aanbod natuurlijk wel beperkt. “Wij krijgen vaker te horen van klanten dat ze het liefst hun hele karretje bij ons willen vullen: appeltaarten, schoenen of wat al niet meer.”

Maar Appeltje-Eitje doet liever zijn naam eer aan en past ervoor zelf supermarktje te spelen: ieder zijn vak en in fruit, eieren en zuivel zijn Wiggelo en zijn aanleverende boeren gewoon sterk. “Anders moeten we ook elders weer van alles inkopen.”

Wie de winkel in Arnhem binnenstapt, wordt meteen verwelkomd met een uitlegfilmpje op een groot televisiescherm aan de muur. Geluiden van koeien en vogels galmen door de ruimte. De wanden zijn opgeleukt met houten planken, afbeeldingen en reclameteksten, allemaal ontsproten aan het brein van Wiggelo’s echtgenote Corine. “Dat maakt ze allemaal zelf”, zegt hij trots. Ja, het zijn drukke tijden voor haar, want ze is net bevallen en heeft ook nog een baan. “En toch kwam ze nog gewoon helpen bij het koeien melken.”

Heel anders dan de mopperende tussenhandelaren

Wiggelo wijst naar de enorme posters aan de muur met daarop de gezichten van hemzelf en Van Dam. “We hangen hier niet aan de muur omdat we zo knap of fotogeniek zijn, maar omdat wij gewoon boeren zijn die ons verhaal willen vertellen.” Terwijl de koeienpoep nog aan zijn klompen kleeft, begint Wiggelo aan de achterkant van de automaat de schappen bij te vullen. Een stem van een bandje klinkt vanuit de winkel. Of klanten de luikjes weer goed dicht willen doen, na hun aankoop. Wiggelo lacht. “Dat is ook mijn vrouw die je hoort.”

En ja hoor, daar is een klant. Will Inkenhaag, bewoonster van de binnenstad van Arnhem, slaat haar slag. Ze rekent aardbeien af, met haar pinpas – contant betalen is in zo’n onbemande, geautomatiseerde winkel uit den boze. Inkenhaag is een tevreden klant, blijkt al snel. “Ik koop hier wel vaker aardbeien of frambozen.” Ze gaat bijvoorbeeld weleens een fietstocht maken en dan is dat natuurlijk heerlijk, onderweg, zeker met een wijntje erbij. “Vaak haal ik hier ook gauw nog eieren voor ik naar de supermarkt ga voor de rest van mijn boodschappen.” Wiggelo hoort het goedkeurend aan. Een tevreden klant, daar houdt hij van. “Heel anders dan de mopperende tussenhandelaren waar ik vroeger mee te maken had. Daar hoorde je nooit iets positiefs van.”

Trouw in het land

Appeltje-Eitje is een van de deelnemers aan de bijeenkomst van ‘Trouw in het Land 2021’, dit keer over de veerkracht van de economie na de coronacrisis. In Pakhuis de Zwijger in Amsterdam maken deskundigen op zaterdag 11 september vanaf 16.00 uur de balans op. Deelnemers zijn onder andere Irene van Staveren (econome, Trouw-columniste), Gertjan Slob (retaildeskundige), Hans Stegeman (hoofd research Triodos Bank) en Ingrid Weel (chef economieredactie Trouw).

Tickets en informatie: Trouw.nl/inhetland. De bijeenkomst is ook online te volgen. Voor toelating in Pakhuis de Zwijger wordt een vaccinatiebewijs of negatieve test gevraagd.

Lees ook:

Kleine akker, grote inkomsten? Deze microfarmers geloven dat het kan

Kun je een inkomen verdienen met een groentekwekerij van slechts een halve hectare groot? Gosse Haarsma en Sjoukje Dijk proberen het op hun microfarm It Griene Libben.

Boeren uit Flevoland leveren hun kromme wortels nu aan arme Amsterdamse gezinnen. ‘Supermarkten wijzen ze af’

Gezond eten wordt sneller duurder dan snacks en snoep. Dat kan anders: Boeren uit Flevoland verkopen groente en fruit rechtstreeks aan arme gezinnen in Amsterdam en Almere, tegen een scherpe prijs.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden