Jelle's WeekdierDe slak

Ga wijngaardslakken zoeken, maar eet ze niet op

Een wijngaardslak kruipt over een stuk mos.Beeld Buiten-beeld

Er was wijngaardslakkennieuws. Of misschien moet ik schrijven dat er wijngaardslakkennieuws in de maak is, want de Stichting Anemoon roept ons op om slakken te gaan tellen. De Stichting Anemoon (de naam is een acroniem van ANalyse Educatie en Marien Oecologisch ONderzoek) houdt zich, aldus hun website, bezig met onderzoek naar flora en fauna uit zee en land- en zoetwaterweekdieren ten behoeve van beleid, beheer en bescherming. In de praktijk bestudeert men alles wat in zee leeft, van de gerichelde driekantkalkkokerworm tot de grijze zeehond, en daarnaast ook weekdieren die in zoet water en op land leven. 

Eens in de twee jaar organiseert de stichting onder de noemer ‘Duik in een struik’ een inventarisatie van huisjes- en naaktslakken. Het is een typisch ‘citizen science’-project, vergelijkbaar met de jaarlijkse tuinvogel- en tuinvlindertellingen. Het gaat daarbij om goed herkenbare soorten, dus slakken met een groot huisje én de door weinigen geapprecieerde getijgerde of oranje naaktslakken. Het beste moment om slakken te zoeken is na een regenbuitje.

Wettelijke bescherming

De slak met het grootste huisje van ons land is de zeldzame wijngaardslak (Helix pomatia), die wettelijke bescherming geniet. Wijngaardslakken hebben een kleiner neefje, de segrijnslak of kleine wijngaardslak (Helix aspersa) die je beduidend vaker aantreft. Beide soorten worden gegeten, de wijngaardslak vooral in Frankrijk en de betere Nederlandse restaurants waar ze als ‘escargot’ op de menukaart staan, de segrijnslak vooral in Spanje (‘caracoles’) en andere landen rond de Middellandse Zee. Voor culinaire doeleinden worden slakken succesvol en in grote hoeveelheden gekweekt; ik herinner me Spaanse markten waar kilozakken segrijnslakken in stapels te koop waren. Het voor consumptie zelf uit de natuur halen van wijngaardslakken is in ons land streng verboden (de segrijnslak daarentegen is vogelvrij). 

Zoals alle huisjesslakken hebben wijngaardslakken veel kalk nodig om hun onderkomen van te kunnen bouwen; ze komen daarom vooral voor in die gebieden waar veel kalk in de bodem zit zoals Zuid-Limburg, de Hollandse duinen, Winterswijk en hier en daar bij oude landgoederen.

Een naaktslak met een handvat

Vanwege de afmeting van de dieren (ze kunnen bijna 5 centimeter groot worden, de maat van een klein mandarijntje) zijn het indrukwekkende slakken om te zien. Pak ze eens beet. Daarbij doet zich een interessant psychologisch verschijnsel voor waarvoor ik eigenlijk geen verklaring weet en dat op alle landslakken van toepassing is. Een huisjesslak bestaat uit een slijmerig slakkenlijf voorzien van een gewonden schelp. Maar terwijl een huisjesloze naaktslak bij iedereen een gevoel van walging oproept, is dat bij huisjesslakken zelden het geval. De meeste mensen hebben geen enkele moeite om een wijngaardslak (of een tuinslak of andere huisjesdrager) beet te pakken. 

Het zal er wel aan liggen dat je tijdens het vastpakken van het huisje geen last van hebt van de slakkige slijmerigheid. Een huisjesslak is eigenlijk een naaktslak met een handvat.

Als u een wijngaardslak tegenkomt, vergeet dan niet de melding door te geven aan Anemoon. Of u daarna een portie escargots met kruidenboter wilt verorberen is geheel uw keuze, maar doe dat dan wel met exemplaren uit blik. Die zijn gekweekt en niet beschermd.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden