Fabrikanten 'bijengif' furieus over nieuwe Europese studie

Beeld thinkstock

De studie van Europese topwetenschappers naar effecten van neonicotinoïden ('bijengif') op grote groepen insecten, is eenzijdig en vooringenomen. Dat zeggen de twee belangrijkste fabrikanten van de bestrijdingsmiddelen. Het onderzoek levert geen bewijs voor de negatieve effecten van de middelen op het ecosysteem, aldus Bayer en Syngenta.

Beide bedrijven zetten jaarlijks honderden miljoenen om in de verkoop van neonicotinoïden. Gisteren publiceerden onderzoekers van de gezamenlijke Akademies van Wetenschappen in Europa een studie naar neonicotinoïden. Het zijn de meest verkochte insecticiden te wereld, die op grote schaal worden toegepast in de landbouw. De bestrijdingsmiddelen zijn omstreden omdat ze bijenvolken zouden uitroeien.

Na analyse van meer dan 100 wetenschappelijke publicaties, concluderen de onderzoekers dat er hard wetenschappelijk bewijs is dat neonicotinoïden al in zeer lage doses grote effecten hebben op organismen waarvoor het gif niet is bedoeld. De middelen doden niet alleen plaagdieren die oogsten aantasten, maar ook 'wilde bestuivers' zoals hommels, vlinders en zweefvliegen.

De Europese Commissie had de topwetenschappers om advies gevraagd, omdat eind dit jaar een tijdelijk verbod op neonicotinoïden voor gebruik bij enkele landbouwgewassen afloopt. De EU moet beslissen of de middelen nog op de markt kunnen blijven.

Omzet
Bayer en Syngenta zijn buitengewoon bezorgd over de studie. De neonicotinoïden leveren beide bedrijven jaarlijks een enorme omzet op. Ze hopen dat eind dit jaar het moratorium wordt opgeheven. Bayer, die de meeste neonicotinoïden verkoopt, wijst er in een reactie op dat de risico's van bestrijdingsmiddelen in de Europese goedkeuringsprocedure zorgvuldig in kaart zijn gebracht en onderzocht.

"De auteurs van de Europese studie benadrukken de afname van insecten, zonder dat ze aantonen dat neonicotinoïden hiervan de enige aanwijsbare oorzaak zouden zijn.'' De fabrikant stelt dat in de landbouw ook veel andere bestrijdingsmiddelen worden gebruikt, die mogelijk ook effecten hebben op insecten. Het is te makkelijk om de neonicotinoïden als schuldige aan te wijzen, aldus Bayer. Volgens de producent hebben de onderzoekers in hun analyse vooral gebruik gemaakt van publicaties van organisaties en wetenschappers van wie bekend is dat ze tegen toepassing van neonicotinoïden zijn.

Selectief en eenzijdig
Syngenta reageert nog feller dan Bayer op de studie. Volgens Peter Campbell, hoofd productveiligheid van deze fabrikant, is de studie selectief en eenzijdig. Campbell stelt dat de wetenschappers alle serieuze veldonderzoeken naar de effecten van neonicotinoïden hebben genegeerd omdat de resultaten hen niet uitkwamen. De studie is een vooropgezette, anti-neonicotinoïden-campagne, aldus Syngenta.

De Europese Commissie zal naast het onderzoek van de Europese wetenschappers ook de registratiestudies van de fabrikanten beoordelen. Deze onderzoeken zijn geheim, de industrie kan ze onder tafel houden omdat publicatie bedrijfsbelangen zouden kunnen schaden. De wetenschappers die de Europese studie deden zijn daarover verbolgen, omdat niet kan worden nagegaan hoe die onderzoeken zijn opgezet of wat de kwaliteit is van de onderliggende gegevens.

Onderzoekers: 'Kritiek is bekende strategie'

"Dit is industriestrategie, als een studie niet bevalt, dan moet je de resultaten onderuit halen'', aldus Mike Norton, hoofd van het milieuprogramma van Easac, de organisatie van de Akademies van Wetenschappen in Europa, waarbij ook de Nederlandse KNAW is aangesloten. Norton is niet onder de indruk van de industriekritiek op de studie van de Europese onderzoeksgroep waarvan hij secretaris is. Norton is zelf hoogleraar milieubeleid. ,,Dit is hoe bedrijven reageren op niet-welkome studieresultaten. Het is standaard. We hebben dit ook gezien bij maatschappelijke debatten over zure regen, lood in benzine, broeikasgassen, DDT, klimaatverandering en roken. Het is de oude industrie-aanpak om hun afzet te beschermen.''

Volgens Norton hanteren andere bedrijven ook een meer duurzame strategie. Hij merkt op dat zowel Syngenta als Bayer lid zijn van de WBCSD, een wereldwijde koepel van bedrijven die duurzame ontwikkeling nastreven. De Nederlander Peter Bakker is voorzitter van die in Genève gevestigde organisatie. Norton: "Syngenta en Bayer hebben dus kennelijk de visie ondertekend van de WBCSD, waarin staat dat een duurzame onderneming zich behoort te richten op wat maatschappelijk aanvaardbaar is. Bedrijven die die visie ondertekenen behoren eerder op samenwerking uit te zijn dan op het in diskrediet brengen van anderen.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden