Reportage World Food Prize

Een groentelab in de Filippijnen helpt boeren aan klimaatbestendig zaad

Op Hortanova Farm plukken werknemers stukjes blad van de aubergineplant, om die verder te analyseren. Beeld Hans Nauta

Klimaatverandering bezorgt boeren in de tropen nieuwe insectenplagen, schimmels of virussen. Zadenbedrijf East-West Seed helpt ze aan weerbaar groentezaad. Oprichter Simon Groot krijgt morgen de World Food Prize.

Op Hortanova Farm, twee uur ten zuiden van de Filippijnse hoofdstad Manila, gaat het anders dan op een gewone tuinderij. Twee vrouwen staan over de aubergineplanten gebogen. Vruchten zijn er niet, het is ze om de bladeren te doen. Met een pincet plukken ze stukjes groen en bewaren die in laboratoriumbuisjes met watten. Het van oorsprong Nederlands-Filippijnse bedrijf East-West Seed werkt hier aan zaad voor een aubergine die resistent is tegen ziektes.

Zoals de Filippijnse werknemers hun schoeisel bij elke plantenkas in een desinfectie-badje dopen, zo hebben ook de planten schone wortels: de aarde is namelijk eerst gekookt. In de schuur staan hoge metalen ketels te dampen om nieuwe grond te prepareren. De aarde waarin geteeld wordt mag geen kwaadaardige bacteriën of virussen bevatten die de experimenten verpesten.

Simon Groot Beeld World Food Prize

Wie is Simon Groot?
Simon Groot (84) ontvangt morgen in de Verenigde Staten de World Food Prize, een onderscheiding die in zijn vakgebied vergelijkbaar is met de Nobelprijs. Bij de bekendmaking noemde Mike Pompeo, de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Simon Groot een innovator. “Door zijn opzienbarende verbeteringen van het tropische groentezaad heeft hij kleine boeren in ontwikkelingslanden geholpen om meer voedsel te produceren en een beter inkomen te verkrijgen, voor zichzelf en hun families. Overal waar het zaad terechtkwam, werd honger bestreden en economische groei gestimuleerd”, aldus Pompeo in juni. Diezelfde maand kreeg Groot een eredoctoraat aan de Universiteit van de Filippijnen in Los Baños. In dat land begon hij in 1982 het bedrijf East-West Seed.

Hortanova Farm is een van de vier onderzoekscentra in de Filippijnen van East-West Seed, dat in 1982 is opgericht door de Nederlandse zadenhandelaar Simon Nanne Groot – SNG noemt het personeel in de Filippijnen hem. Zijn foto hangt in de hal, naast zoon Ard, die nu de leiding heeft over het bedrijf dat inmiddels in zestig landen actief is. Het hogere doel is alle boeren, ook de kleintjes, toegang te bieden tot goed zaad.

Simon Groot was een pionier: samen met zijn Filippijnse partner Benito Domingo, een boer en zadenhandelaar, begon hij vanaf de jaren tachtig het zaad voor tropische gebieden te verbeteren. Het familiebedrijf was in die tijd verkocht aan het Zwitserse Syngenta en Groot besloot de blik op tropisch Azië te richten. Daar bleven de oogsten namelijk achter.

Bevolkingsgewassen

“Het zaad was er ondermaats”, vertelt Groot thuis in Enkhuizen, een oase van rust vergeleken bij zijn hectische tweede thuis, de Filippijnen. “In het verleden staken koloniale overheden hun energie in gewassen die geld opleverden. Nederland had zich in Indonesië vooral beziggehouden met exportproducten zoals koffie, rietsuiker of specerijen. En ook de Spanjaarden en Amerikanen hadden in de Filippijnen geen oog gehad voor de ontwikkeling van de zogenoemde bevolkingsgewassen. Met het lokale voedsel viel niks te verdienen.”

Groot zag in de Filippijnen dat boeren het zaad van hun oogst simpelweg bewaarden voor de volgende cyclus. Maar het is veel productiever om het zaad van succesvolle planten te kruisen en de positieve eigenschappen te stimuleren. Zoals een betere smaak, een langere houdbaarheid, een grotere productie of betere resistentie.

In het groentelab op Hortanova Farm onderzoekt Jaira Lorenzo auberginebladeren op de aanwezigheid van een virus. Het doel is zaad te ontwikkelen waaruit een resistente plant groeit. Beeld Hans Nauta

Het is een langdurig proces. “Pas na twintig jaar selecteren introduceerden we een goede tomaat voor het laagland in de Filippijnen”, zegt Groot. “De traditionele tomaat had het in de tropen te warm en groeide alleen in hooggelegen gebieden, waar het ’s nachts afkoelt. Dankzij ons nieuwe zaad konden boeren in het laagland tomaat verbouwen. Verder ontwikkelden we een tomaat die in het regenseizoen gedijt. Ook dat was nieuw.”

Aanvankelijk waren boeren huiverig om een cent voor een zaadje te betalen. “Daarom investeerden we veel in educatie en teelcentra waar boeren konden kijken. Zo zagen ze zelf dat onze planten een kilo extra opbrachten. En dat goed zaad een verstandige investering is.”

Zakenpartner Domingo is vorig jaar overleden. Voor het hoofdkantoor in de Filippijnen staan de bronzen bustes van Groot en Domingo gebroederlijk naast elkaar. Ook draagt de oudste kas van Hortanova Farm Benito’s naam.

Twee meter hoge papajaboom

East-West Seed heeft zaad ontwikkeld voor tal van gewassen, soms met opvallende eigenschappen. Zo is de papajaboom die maximaal twee meter hoog wordt populair onder boeren. Het laaghangend fruit van deze Royal Red is lekker makkelijk te oogsten.

Het werk is nooit gedaan voor een zaadontwikkelaar: klimaatverandering zorgt voor andere omstandigheden en problemen. Nieuwe insectenplagen, schimmels of virussen duiken op, en ze kunnen elkaar ook versterken. Zo verspreiden insecten het geelbladvirus dat tomatenplanten aantast en verpest. Droogte of juist meer regenwater: op al die omstandigheden valt te sturen in de kas. Bijvoorbeeld door groenten te telen met een sterker wortelsysteem. Groot heeft een bedrijf opgebouwd dat hiervoor hoogwaardige technologie toepast.

Beneden staat de kerstboom alvast, boven oogt het bedrijfspand van Hortanova Farm als een groentelaboratorium. Werknemers dragen witte jassen en mondkapjes op de afdeling waar ze gewassen op celniveau kruisen. Deze technologie maakt het mogelijk een groentevariant in vier jaar te ontwikkelen in plaats van acht. Het is namelijk mogelijk om enkele generaties over te slaan bij het combineren van erfelijke eigenschappen.

Hiv-analyse

Jedeliza Ferrater (44), ‘de plantendokter’ noemt ze zichzelf, werkt een gang verderop: afdeling pathologie. “Als een plant is aangetast, stellen wij de diagnose: welk virus, welke bacterie of welke schimmel is dit?” Daarvoor gebruiken ze moderne apparatuur die ook in ziekenhuizen te vinden is, bijvoorbeeld voor hiv-analyse.

Soms is het blote oog genoeg: zoals nu de legerworm na een verwoestende mars door Afrika, India en China is aangekomen op de Filippijnen. Ferrater, die in Wageningen is gepromoveerd, adviseert de boeren om het gewas tweemaal daags te inspecteren, de rupsen met de hand te verwijderen, en oorwurmen in te zetten als ‘vriendelijk insect’. Liever geen gif, vooral omdat het niet nodig is.

Hortanova Farm is een onderzoekscentrum van het bedrijf East-West Seed in de Filippijnen. Het bedrijf is in 1982 opgericht door de Nederlandse zadenhandelaar Simon Groot. Beeld Hans Nauta

Haar collega vermorzelt de buiten geplukte aubergineblaadjes om ze te analyseren op de aanwezigheid van een virus. Dat vermorzelen is nog handwerk, maar gebeurt wel met smurfenblauwe handschoenen aan. Opnieuw om besmetting te voorkomen.

Typhoon-bestendig

Het kleurrijke resultaat van al die inspanningen ligt uitgestald op de landbouwbeurs Agrilink in het World Trade Center bij de baai van Manila. East-West Seed presenteert er bakken vol groenten, zoals kouseband, hete peper, watermeloen, papaja en pompoen. In de beursstand staat ook een nieuwe plantenkas die hoge windsnelheden kan weerstaan: ‘Typhoon-bestendig’.

Nadat hij de Nederlandse ambassadeur heeft rondgeleid vertelt directeur Henk Hermans (56) van East-West Seed Filippijnen dat het bedrijf zo’n tweehonderd distributeurs door het land heeft, die zo’n vier miljoen boeren bedienen. Jaarlijks kopen zij zo’n 700.000 kilo zaad. “Maar er is nog veel ruimte voor uitbreiding van de productie in dit land met meer dan 100 miljoen mensen, waar de consumptie van groenten nog veel te laag is.”  

Boer Johnny Flojimon (57), te gast op de beurs, heeft vier hectare land in de provincie Occidental Mindoro. Flojimon werkt al twintig jaar met East-West Seed en heeft inmiddels een uien-expertisecentrum op zijn land, waar andere boeren de kunst afkijken. Hij is geen arme boer, maar heeft een huis, een auto en een trekker, vertelt hij.

Voor een blik met 400 gram uienzaad betaalt hij 1960 pesos, 32 euro. En voor een hectare uien heeft hij tien blikken nodig. Het is een kostbare investering. “Maar aan uien kun je ook goed verdienen”, zegt Flojimon.

De uienprijs kan enorm schommelen, zo tussen de 8 en 26 pesos per kilo, oftewel 12 tot 40 eurocent. “Als de prijs laag is, sla ik mijn oogst op en wacht tot de prijs weer stijgt. Dat is het voordeel van uien die lang goed blijven. Goed zaad zorgt ervoor dat ik me kan redden op een grillige markt.”

Lees ook:

‘Laat verbeteren van gewas over aan de deskundigen’

Simon Groot kreeg vier jaar geleden een onderscheiding in Wageningen, de Mansholt Business Award.“Plantenveredeling is een vak, dat moet je niet aan boeren overlaten.”  

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden