Jelle's weekdier

Een eekhoorn en een boommarter samen in een faunapassage? Dat kan zomaar niet goed aflopen

Boommarter zittend op wat boomstronken Beeld Buitenbeeld

Wie ooit met de auto over de A12 ­tussen Utrecht en Arnhem heeft gereden, heeft ze waarschijnlijk wel eens gezien: vreemde dikke ­kabels die als scheepstrossen twee verkeersportalen aan de wegberm verankeren. ­Onlangs zag ik deze megascheerlijnen ook in de buurt van Hilversum, ogenschijnlijk aangebracht om aldaar het portaal over de recentelijk verbrede A27 tegen wegwaaien te behoeden. Wat een vreemde constructie, denk je dan.

Die gedachte is onterecht. Er hoeft helemaal niets te worden verankerd en geen portaal hoeft tegen omwaaien te worden beschermd. De kabels zijn er om de plaatselijke fauna het oversteken te faciliteren. Het is het nieuwste item in de catalogus van verkeerstechnische oversteekmiddelen ­ofwel faunapassages. Naast het wildviaduct (ook wel ecoduct of cerviduct genoemd), de dassentunnel, de paddenbuis, en vrijwilligers met een emmer is er nu ook het faunaportaal. 

Het bestaat uit een op het wegportaal gemonteerde goot en dikke touwen die goot en grond verbinden. Het gebruik van touwen om eekhoorns van kruin naar kruin te laten rennen is niet nieuw; in meerdere steden werd de dieren deze faciliteit al geboden, onder ­andere in Den Haag. Al in 2017 bleek een Haagse eekhoornkabel ook al eens door een boommarter te zijn gebruikt. Boommarters zijn roofdieren en natuurlijke vijanden van die andere doelgroep, de eekhoorns.

Overstekende eekhoorn

In 2016 zijn beide faunaportalen over de A12 aangelegd; in de zomer van 2018 filmde een ­camera van wegenbouwer Heijmans de eerste overstekende eekhoorn. Dat het even duurde voor het eerste schaap over de dam was, heeft ermee te maken dat zo’n voorziening even moet ‘landen’, vreemde geuren kwijtraken en in de begroeiing worden ­opgenomen. Dat is dus gelukt. Nu is bekend geworden dat ook een boommarter het portaal heeft aangedurfd. Eind december waagde hij de oversteek.

Ons land telt meerdere soorten marterachtigen, waaronder das, otter, boom- en steenmarter, ­bunzing, hermelijn en wezel. Beide martersoorten lijken uiterlijk veel op elkaar en verwarring is ­eenvoudig; in principe heeft de boommarter een oranje tot gele bef en de steenmarter een lichtgele tot witte, maar er bestaan uitzonderingen. Ze hebben een andere habitatvoorkeur; de steenmarter voelt zich zelfs in de omgeving van de mens thuis in spouwmuren en op zolders, terwijl de boommarter (zijn naam verraadt het al) liever in bossen vertoeft. Ze maken hun nesten in bomen, dikwijls in holtes, maar ook wel in gekraakte vogel- of eekhoornnesten. Boommarters komen daardoor vooral voor op de Veluwe en Utrechtse Heuvelrug (leefgebieden dus die door respectievelijk de A12 en de A27 worden doorsneden), en in de Drents-Friese wouden en de Noord-Hollandse duinen. Ze eten gevarieerd en believen naast knaagdieren, vogels en eieren ook wel bessen, vruchten en insecten.

Boommarters 

Waarnemingen van levende exemplaren zijn lastig, waardoor wellicht een onderschatting van het aantal boommarters kan optreden; veel ­verspreidingskennis is helaas afkomstig van ­doodgereden exemplaren. De faunaportalen ­vervullen dus een nuttige functie.

Ik ben wel ­benieuwd naar wat er zal gebeuren als vanaf de ene kant een eekhoorn aan de oversteek begint, en vanaf de andere kant een boommarter, en beide elkaar halverwege tegenkomen. Dat kan zomaar niet goed aflopen.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt. Lees hier eerdere afleveringen van Jelle’s Weekdier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden