In Nijmegen gaan vrijwilligers de strijd aan met de reuzenberenklauw.

Reportage Exoten

Doorgaan tot de reuzenbereklauw weg is

In Nijmegen gaan vrijwilligers de strijd aan met de reuzenberenklauw. Beeld Koen Verheijden

Burgers schieten gemeenten, provincies en waterschappen te hulp bij het bestrijden van invasieve exotische planten. In Nijmegen gaat een groep vrijwilligers dit jaar de strijd aan met de reuzenbereklauw.

 Onbevreesd houdt Baudewijn Odé, plantenonderzoeker bij Floron, een bereklauwstengel omhoog. “Dit is de gewone”, laat hij weten aan de groep vrijwilligers die in het Nijmeegse stadspark Staddijk zijn verzameld om op exotenjacht te gaan. Van de plant aan zijn voet blijft hij wijselijk af, het is de exotische variant reuzenbereklauw. “Die heeft veel sterker gif. Dat krijg je via de haartjes aan de bladsteel en de stengel, of via plantensap, op je huid.” En waar een gewone bereklauw soms lichte irritatie veroorzaakt, kunnen reuzenbereklauwen enorme brandwonden en uiteindelijk littekens opleveren. “Het is goed om het verschil te kennen, want de gewone bereklauw is inheems, die willen we gewoon laten staan”, benadrukt hij. De uitleg duurt voor sommige vrijwilligers te lang, ze staan te popelen om de invasieve bereklauw te lijf te gaan. De schoppen worden opgepakt en de deelnemers trekken richting de grote witte schermen die boven de begroeiing uitsteken. “Trek iets met lange mouwen aan”, waarschuwt organisator Annerie Rutenfrans nog.

Rutenfrans, adviseur van bureau Beleef & Weet, nam vorig jaar het initiatief voor het project ‘Wiedewiedenweg’, vanuit de commissie biodiversiteit van Nijmegen European Green Capital. Ze zocht samenwerking met IVN, Waterschap Rivierenland, Radboud Universiteit, Nederlands Expertise Centrum Exoten (NEC-E), Stichting Bargerveen en Floron, alle gevestigd in deze stad. Zo ontstond het project Wiedewiedenweg en – met een knipoog naar de Nijmeegse wandelmars – een vierdaagse: een dag om te informeren, een om te inventariseren, een om te bestrijden en een voor nacontrole. “Om de paar weken een bijeenkomst”, zegt Rutenfrans. “Vorig jaar hebben we dat gedaan voor de reuzenbalsemien, met name in het Goffertpark. Dat lijkt een heel groot succes te zijn. Een kleine mobiele brigade op de fiets is nu ook in dat park om te kijken waar toch iets opgekomen is en de laatste zaailingen te verwijderen. We hopen dat het daarna ook echt helemaal weg is.”

Diepe penwortel

Ondertussen begint zich op het fietspad al een flink hoopje bereklauwstengels te vormen. Met een speciaal mes van het waterschap worden de stengels iets boven de grond afgesneden, waarna het moeilijke gedeelte begint: het uitgraven van de diepe penwortel. Driftig worden spades is de grond gedrukt. Ook is er een groepje met een bereklauwboor. “Die heb ik van een vrijwilligersgroep in Flevoland”, legt Rutenfrans uit. “Het is nu heel droog, dus krijgen we ’m bijna niet de grond in. Maar ik vernam van de week dat er een verbeterde versie is.”

Beeld Koen Verheijden

Odé komt net uit het veld lopen met in zijn hand de grote penwortel van de reuzenbereklauw. Hij veegt het zweet van zijn voorhoofd. “Het is een bereklus”, grapt hij. “Een stuk moeilijker uit de grond te krijgen dan de reuzenbalsemien. Ik ben ook iets sceptischer over het resultaat dit jaar. We hebben een paar weken geleden al een actie gehad met mbo-scholieren en toen we later gingen kijken, zag je dat er weer veel terugkwam. Blijkbaar hebben we niet voldoende van de wortels weg gekregen, dit is echt wel een moeilijkere soort.”

Vlinders en sprinkhanen

De groep van vandaag bestaat voornamelijk uit IVN-vrijwilligers en medewerkers van organiserende partijen. “Ik doe eigenlijk al veertig jaar dit soort werk”, zegt IVN’er Nico van der Poel. “Op een heideterrein in de buurt trekken we regelmatig Japanse duizendknoop uit. Er is eigenlijk nog steeds geen methode om die echt weg te krijgen, daarom doet Staatsbosbeheer er weinig tegen. Wij willen toch voorkomen dat het leefgebied van veel vlinders en de zeldzame zadelsprinkhaan wordt bedreigd door duizendknopen.”

Dat is ook de reden waarom IVN-collega Geerten de Jong al jaren strijdt tegen exoten. “Er is hier in het park een veldje met vier orchideeënsoorten. Die dreigen overschaduwd te worden door de reuzenbereklauw.” Maar met alleen IVN-vrijwilligers wordt de strijd tegen exoten niet gewonnen, het is zaak ook mensen uit de buurt te enthousiasmeren. “Wat we vandaag doen is nog niet eens een druppel op de gloeiende plaat. Maar als je als groep een gebied adopteert en er steeds terug blijft komen, heeft dat wel zin. Ik hoop dat het lukt om voor Staddijk zo’n groep te mobiliseren en dat het een voorbeeld is voor andere wijken.”

De groep is inmiddels gegroeid, er waren enkele laatkomers. Ook is de mobiele brigade uit het Goffertpark aangeschoven. “Toch nog 52 weggehaald”, meldt Janneke van der Loop, onderzoeker bij Stichting Bargerveen. Zij gebruikte de actie van vorig jaar om te onderzoeken of inheemse planten de vestiging van exoten kunnen tegenhouden. Ze zaaide een deel van de opengekomen grond in met inheemse zaden. “Er is nog weinig verschil te zien tussen wel- en niet-ingezaaide stukken”, zegt Van der Loop. “Maar dat heeft waarschijnlijk ook met de extreme droogte van vorig jaar te maken.”

Beeld Koen Verheijden

Aanpak van plaagsoorten

Rob Leuven, hoogleraar invasiebiologie aan de Radboud Universiteit en voorzitter van het NEC-E, zat ook bij de mobiele brigade. Hij volgt de inspanningen van de vrijwilligersgroep met interesse. “Je ziet steeds vaker burgerparticipatie bij de aanpak van plaagsoorten. maar er is bijna nooit een goede evaluatie van de effectiviteit.” Maar het gaat in het project volgens hem niet alleen om de werkelijke bestrijding van planten. “In de citizen science kunnen burgers verschillende rollen hebben, ze zijn tellers, herstellers, maar ook vertellers. De meeste mensen in Nederland hebben geen idee van invasieve exoten of beseffen in elk geval de omvang van het probleem niet.”

Ook Floron probeert de bewustwording te vergroten. “De reuzenbereklauw, reuzenbalsemien en Japanse duizendknoop staan al overal, maar het gevaar is dat er ook weer nieuwe bij komen vanuit tuinen”, zegt Odé. “In de duinen beginnen bijvoorbeeld soorten als dwergmispel op te komen. Dat zijn leuke tuinsoorten, met mooie besjes, ook leuk voor de vogels. Maar die vogels poepen ze wel uit in de vrije natuur en voor je het weet hebben we er weer een invasieve soort bij. We praten met branchepartijen en zijn de site tuinernietin.nl begonnen, om mensen te informeren over de risico’s en te laten zien dat je een mooie tuin kunt maken met inheemse planten.”

Na een ochtend zwoegen en zweten is het veld vrij van reuzenbereklauw. De planten worden veilig afgevoerd door het waterschap, alle vrijwilligers gaan zonder brandwonden naar huis. Over een maand zal duidelijk worden of hun noeste arbeid in de zon ook werkelijk effect heeft gehad.

Lees ook: 

De agressieve exoot laat zich niet zomaar uitroeien

Hoe bestrijd je een agressieve exoot die oevers en vennen overwoekert? In Brabant wordt een nieuwe methode beproefd: uitdunnen en herstel van de originele flora en fauna. 

Renkum wil met Bonte Bentheimers de Japanse duizendknoop ruimen

Varkens moeten onkruid wegvreten. De buurt is enthousiast. Maar de varkens hebben nog geen trek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden