ReportageSpeurhonden

Deze honden speuren in de VS naar een schadelijk Chinees insect

Joshua Beese met speurneus Fagan.Beeld Ellen Kok

Honden worden al decennialang ingezet bij grenscontroles of vermissingen, ook in de Verenigde Staten. Sommige kunnen iets heel bijzonders: een Chinese exoot opsporen.

“Zoek!” Terwijl Joshua Beese rustig door het bos wandelt, flitst Dia voor hem heen en weer. Opeens blijft ze staan bij een bosje. “Laat zien”, zegt Beese, en haar neus gaat vooruit, naar de plek waar ze de geur heeft opgepikt waarop ze getraind is: die van de eitjes van een insect dat in dit bos en in heel Amerika niet welkom is. De Spotted Lanternfly (Lycorma delicatula), een van de vele insectensoorten uit de lantaarndragerfamilie, die valt onder de cicaden, komt uit China. Het beestje werd in de VS voor het eerst gesignaleerd in 2014, in de staat Pennsylvania. Vermoed wordt dat het de wereld rondreisde per schip, met een lading decoratieve tuinstenen. Net als het coronavirus ontmoet het in het oosten van de VS voorlopig totaal geen weerstand van het ecosysteem. 

De insecten leven van sap dat ze opzuigen uit bomen en planten. Dat bekomt die gastheren op zich al niet goed, maar bovendien scheiden de lantaarndragers na het eten honingdauw af, een vloeistof waarin veel onverteerde suikers zitten. Die lokt weer andere schadelijke insecten naar het aangetaste groen. Vooral in Pennsylvania hebben ze al voor honderden miljoenen dollars schade aangericht, bijvoorbeeld bij fruittelers en wijnboeren.  

Beeld Ellen Kok

Vliegen kunnen de lantaarndragers nauwelijks; in Pennsylvania stellen sommige plattelandsbewoners er dan ook eer in er zoveel mogelijk dood te stampen, meppen of branden. Maar dat vermindert hun aantallen nauwelijks. De federale overheid trekt dan ook miljoenen uit voor maatregelen tegen de plaag, zoals bestrijding met insecticiden en onderzoek naar de beste bestrijdingsmethode, wellicht met behulp van natuurlijke vijanden uit China.

Meeliften met auto’s

Maar ondertussen wordt de ene na de andere staat aan de Amerikaanse oostkust gekoloniseerd. Inmiddels bereikte de invasie de staten Maryland, Delaware en verder naar het zuiden Virginia. In het noorden heeft New York met een invasie te kampen. Dat lukt de lantaarndragers onder andere door mee te liften op of onder auto’s. En nu zijn ze dus ook in New Jersey gesignaleerd. 

Maar daar komen ze Dia tegen, een 2-jarige labrador-retriever, en haar collega Fagan, een Mechelse herder van 6,5 jaar oud. De twee zijn vertegenwoordigers van een nieuw slag werkhonden: speurders voor natuurbescherming. De New York and New Jersey Trail Conference (NYNJTC) die in die twee staten wandelpaden door natuurgebieden aanlegt en onderhoudt, ziet de honden als een onmisbare aanvulling op het werk van haar vrijwilligers.

Om met de bestrijdingsmethode te beginnen huurde de NYNJTC Beese in als ‘natuurbeschermingshondengeleider’. Tot die tijd, geeft hij toe, had hij van invasieve planten en dieren nauwelijks verstand. Van het trainen van honden des te meer. De waarde van de honden zit hem in het vinden van de laatste sporen van een onwelkome exoot, nadat er al opruimwerkzaamheden hebben plaatsgevonden. In het begin richtte zich dat vooral op planten. Beese: “Ons eerste doelwit was brem. Onze vrijwilligers kunnen die plant herkennen en vernietigen. Maar als er ook maar één klein plantje aan hun aandacht ontsnapt, kan dat de bron worden van nieuwe verspreiding. Met hun reukzin kunnen de honden dat laatste restje vinden, en dan roepen we onze Invasives Strike Force erbij.”

Bal met een handvat

Voor het werk als exootuitroeier is niet elke hond geschikt. Met de reukzin zit het algauw goed, maar het dier moet ook gemakkelijk te motiveren zijn. Dia krijgt nooit genoeg van haar favoriete speelgoed, een bal met een handvat eraan. Elke keer als ze succes heeft, komt die tevoorschijn en mag ze hem grijpen, zodat Beese haar even lekker heen en weer kan slingeren. Dan nog heeft elke hond zijn eigen nukken, waardoor Beese niet met één toe kan.

Beeld Ellen Kok

Dia wordt nerveus van auto’s. In het bos geen probleem, maar het controleren van auto’s is een belangrijk onderdeel van de strijd tegen de invasie van de lantaarndragers. Met name vrachtwagenchauffeurs horen te weten dat ze hun trucks moeten controleren op door de insecten afgezette eimassa’s. Ze kunnen flinke boetes krijgen als die bij een controle aan de staatsgrens worden gevonden.

Exotenjagers

De honden die in New York en New Jersey naar exoten zoeken, zijn door Joshua Beese uitgezocht en getraind. Organisaties die geen hondenexpert in dienst hebben, kunnen terecht bij Working Dogs for Conservation (WD4C) in de staat Montana. WD4C heeft tientallen honden getraind, samen met hun toekomstige baas, voor allerlei schadelijke exoten: van distels in Colorado tot slakken op ­Hawaii en slangen op Guam. Andere honden zijn getraind op het vinden van moeilijk te ontdekken of bedreigde inheemse soorten, zodat hun vindplaatsen in kaart gebracht en eventueel beschermd kunnen worden.

Voor controleurs aan de grenzen kunnen honden leren de verboden delen van beschermde diersoorten te herkennen, zoals de huid van een jachtluipaard, de hoorn van een neushoorn, en de ivoren slagtand van een olifant. 

De honden komen uit asiels, maar moeten aan strenge voorwaarden voldoen: slechts 1 op de 1000 blijkt geschikt. Juist dat soort intense honden is vaak lastiger in gewone gezinnen te plaatsen. Om zoveel ­mogelijk honden een kans op eerlijk werk te bieden, heeft WD4C samen met het International Fund for Animal Welfare het internationale programma Rescues2theRescue opgezet. Op www.rescues2therescue.org biedt dat een testprogramma aan, waarmee een hond kan worden beoordeeld op zijn ­geschiktheid als exotenjager.

Daarvoor zet Beese dan Fagan in. Dat is eigenlijk zijn reddingshond, getraind op het vinden van levende mensen onder puin, bijvoorbeeld na een aardverschuiving of het instorten van een gebouw door een tornado. Maar Fagan weet inmiddels ook perfect hoe de eitjes van de lantaarndrager ruiken. En hij weet ook wanneer hij en Beese die gaan zoeken: wanneer hij zachte slofjes aankrijgt, die voorkomen dat hij bij het opspringen tegen de zijkanten en wielkasten van auto’s krassen maakt. Hij weet dan ook dat hij moet gaan zitten en wijzen als hij iets vindt. Bij reddingssituaties, waar het onoverzichtelijk en lawaaiig kan zijn, zal hij juist blaffen.

Het zoeken naar exoten met honden werkt zo goed, dat de NYNJTC al aan uitbreiding denkt. Beese’s assistent Arden Blumenthal wordt ervoor opgeleid en mag binnenkort een hond uitzoeken. Beese: “Waar we naartoe willen, is een flinke groep vrijwilligers, waarbij ik zorg voor de honden en de honden en hun bazen train. We willen die dan inzetten voor de gemakkelijkste dingen, zoals brem. De lastiger doelwitten, zoals de lantaarndragers, blijf ik vermoedelijk zelf doen.”

Lees ook: 

Wilfred Reinhold is een eenzame strijder tegen tijgermuggen én een lakse overheid

Sinds 2006 strijdt Wilfred Reinhold tegen de invasieve exoot. Voorlopig is zijn strijd nog niet ten einde. ‘Ik ga door tot ik niet meer kan.’

Met schepnet en pipet achter de tijgermug aan

Gevangen op een Veenendaals woonerf: de tijgermug. Het beestje kan ziektes als zika verspreiden en mag zich hier dus niet vestigen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden