reportagenatuurbeheer

De waterbuffel beheert al grazend nieuwe snelwegnatuur

Waterbuffels in de Diemerscheg. Het is de hoop dat zij met hun gegraas het gebied openhouden en zo aantrekkelijk maken voor otters. Beeld Jean-Pierre Jans
Waterbuffels in de Diemerscheg. Het is de hoop dat zij met hun gegraas het gebied openhouden en zo aantrekkelijk maken voor otters.Beeld Jean-Pierre Jans

Naast Schotse hooglanders, wisenten en konikpaarden worden ook waterbuffels ingezet om de Nederlandse natuur te begrazen. In de Diemerscheg, tussen Diemen en Muiden, gaan deze grote grazers nu een stuk voormalige snelweg beheren.

In de oksel van de A1, bij knooppunt Diemen, ­liggen acht waterbuffels gemoedelijk te herkauwen op een strandje in de plas. Ze lijken zich niet zoveel aan te trekken van het geruis van het verkeer achter zich. De hoogspanningsmasten en de Vattenfall elektriciteitscentrale op de achtergrond vormen een gek contrast met deze zwartharige dieren met grote hoorns die je toch eerder in een rijstveld of een ander tropisch decor zou verwachten.

De dieren zijn hier op 9 april uitgezet en moeten nog even wennen aan hun nieuwe omgeving. “We kunnen daarom niet te dichtbij ­komen, want ik wil de prille relatie die ik met ze aan het opbouwen ben niet verstoren”, waarschuwt Wouter Slors, die namens Free Nature de kudde in dit nieuwe natuurgebied Waterlandtak-West beheert. “Als je als journalist contact wil leggen met de Hells Angels, dan ga je ook niet al na twee appjes in hun clubhuis op de bank hangen.”

Compensatiegroen, ‘meestal niet op de mooiste plekken’

Free Nature beheert de dieren die in een gebied lopen dat eigendom is van Staatsbosbeheer en is ontwikkeld door de provincie Noord-Holland. Een paar jaar geleden liep de A1 hier nog. Die snelweg werd verlegd en verbreed, een klus die in 2016 was geklaard. Ter compensatie van de snelwegverbreding is de Diemer­scheg, een groene verbindingszone ten oosten van Amsterdam, verspreid over Diemen, Weesp en Muiden er gekomen. “Die compensatienatuur komt meestal niet op de mooiste plekken te liggen”, zegt Slors met een schuin oog naar de snelweg op de achtergrond.

Toch is het plasje met rietlanden eromheen, als je die snelweg wegdenkt, best mooi. Ernaast staat een klein bos met reigersnesten in de boomkronen. Auto’s of niet, de ­natuur weet dit gebied toch wel te vinden. En dat is ook de reden dat de waterbuffels zijn ingeschakeld. Zonder grazen of maaien, verandert het drassige gebied in een wilgenbos. Een tractor met een maaimachine maakt meer stuk dan een grazende buffel, vandaar dat zij zijn ingeschakeld. Dankzij hun gegraas kunnen naast wilgen en riet ook andere planten en bomen er een plek vinden. En het is de hoop dat als het gebied openblijft, straks ook de otter en de ringslang zich hier thuis voelen.

Wouter Slors beheert namens Free Nature de kudde in het nieuwe natuurgebied Waterlandtak-West. Beeld Jean-Pierre Jans
Wouter Slors beheert namens Free Nature de kudde in het nieuwe natuurgebied Waterlandtak-West.Beeld Jean-Pierre Jans

Slors wijst naar enkele jonge ­wilgenboompjes en een stuk rietgras waar duidelijk van is gegeten. “Dat eten galloways niet in dit jaargetijde, waterbuffels wel.” Slors beheert in het Naardermeer ook een kudde ­galloways, een Schots runderras dat vaak in natuurgebieden wordt ingezet als grote grazer. Voor hem zijn de waterbuffels een nieuwe soort om mee te werken. “Ik heb gehoord dat ze in Duitse natuurgebieden zelfs bij temperaturen van min 24 graden buiten blijven, maar dan moet het wel droog en beschut zijn.”

Slors zal de dieren in dit gebied in de winter bijvoeren. “Het zijn voor de wet ‘gehouden dieren’ waar wij een zorgplicht voor hebben.” Ook op deze voorjaarsdag waar de koude noordenwind guur aanvoelt, heeft hij een baal hooi mee. “Dat doe ik nu om het vertrouwen van de dieren te winnen. Ik voer ze expres niet op ­dezelfde tijd. Het moet geen routine worden.” Als Slors het hooi op zo’n 50 meter van de dieren vandaan uitstrooit, staat één buffel op, de overige runderen blijven liggen. “Ze zijn aan het herkauwen. Als jij net gegeten hebt en er komt iemand een afhaalmaaltijd brengen, denk je ook: laat maar even staan”, zegt Slors.

Kalfje blijft bij de moeder

De ene buffel die wel opstaat, is de dominante koe van het stel, denkt hij. “Zij is iets minder schuw dan de rest. Met haar heb ik het meeste contact.” De buffels zijn een familiegroep afkomstig van een kudde die sinds 2016 in de Biesbosch dienstdoet als natuurlijke grasmaaier. “We werken met natuurlijke kuddes. Dat betekent dat de kalfjes bij de moeder blijven en dat er meerdere stieren zijn.” Daardoor breidde de kudde in de Biesbosch zich uit en konden er acht dieren worden overgeplaatst naar de Diemerscheg. “Deze buffels zijn afkomstig uit twee familielijnen, een rustiger lijn, en een die iets schuwer is, en dat merk je nu wel.”

Overigens hebben de oudere dieren ooit weleens een stal van binnen gezien. “Ze komen oorspronkelijk uit buffelhouderijen”, weet Slors. “Deze soort leeft al sinds de tweede eeuw na Christus in Italië en werd daar vooral gebruikt als trekdier en later in buffelhouderijen om mozzarella te kunnen maken van de melk.”

De Diemense buffels hebben ooit wel een naam gehad, maar voor Slors zijn het nummers. “Anders maak je het te menselijk. Ik hou bewust afstand. Reeën, hazen en andere dieren in de natuur hebben ook geen naam.” Free Nature is een bedrijf dat een afsplitsing is van natuurorganisatie Ark Natuurontwikkeling. Slors: “De kern van onze werkwijze is dat wij natuurlijke processen zo veel mogelijk hun gang laten gaan zodat er robuuste natuur ontstaat die voor zichzelf kan zorgen. Critici zullen zeggen: waterbuffels zijn niet ­natuurlijk en dat is ook zo. Maar in Nederland is het nu eenmaal zo dat de mens bijna alle wilde dieren heeft opgegeten en dat het voor dieren niet mogelijk is om vrij rond te ­trekken. Het is dus mensenwerk om dieren weer een rol te geven.”

Waterbuffel kan goed uit de voeten op drassig terrein

De buffels in de Diemerscheg kunnen ook niet vrij reizen. De ­grote tunnelbuis die de Diemerscheg met andere delen van natuurgebied Waterlandtak-West verbindt is aan het eind afgesloten met een hek. Het gebied aan de Muidense kant van de tunnel is namelijk nog niet overgedragen door Staatsbosbeheer. Maar aan de pootafdrukken in de oever naast het water in de tunnelbuis is te zien dat de runderen het gebied al flink verkend hebben en klaar zijn om de twee natuurgebieden met elkaar te verbinden. Waterbuffels hebben bredere hoeven dan andere rundersoorten, en er wordt dan ook wel gedacht dat zij daarom goed uit de voeten kunnen op drassig terrein. Slors betwijfelt dat: “Volgens mij voelen deze dieren zich vooral goed thuis in waterrijke gebieden omdat zij in het water beter hun lichaamstemperatuur kunnen regelen.”

Als over enkele weken de hekken weg zijn en beide gebieden met ­elkaar verbonden zijn, dan worden wandelaars voorlopig niet in het gebied toegelaten. Maar langs de hekken zijn de buffels en de natuur wel te zien. Door het mulle zand loopt al een vrouw met een kinderwagen. Blijkbaar weet de menselijke soort nieuwe natuur ook snel te vinden.

Lees ook:

Op pad met stichting Ark, die al dertig jaar wilde natuur met succes laat terugkeren in Nederland

Wat hebben wolf, wisent, lynx en wilde paarden gemeen? Inderdaad: al dertig jaar zet stichting Ark Natuurontwikkeling zich in voor hun plek in Nederland. Voor échte natuur. Op pad met Ark’er van het eerste uur: Hettie Meertens.

Een wisent als ‘buurman’? In De Maashorst vinden ze het maar niets

Met zijn ruige vacht en zeshonderd kilo lichaamsgewicht is de wisent een imposant beest. Een icoon voor menig natuurgebied. Maar wat als je zo’n icoon als buur hebt?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden