reportage

De schaapherder is een laatste stuiptrekking in een moderne wereld

Stijn Hilgers met zijn kudde op de Brabantse heide. Beeld Beeld uit documentaire Schapenheld.

Hij zorgt voor soortenrijkdom, voedsel en natuur, zijn vak is toegevoegd aan de lijst van immaterieel cultureel erfgoed. Toch kan Stijn Hilgers het niet bolwerken in zijn uitstervend beroep.

Het begroefde gezicht van Stijn Hilgers (39) vangt de eerste zonnestralen op, zijn zwart-witte border collie schudt zich uit tussen het vochtige lange gras. Nog doezelig en verdwaasd, verkent zijn snuit gevoelsmatig de diverse geuren die deze nieuwe dag te bieden heeft. Onder een pluizige deken bracht de schaapherder de nacht in de Brabantse buitenlucht door. Zijn op schouderlengte geknipte haar zit in een staart, zijn leren hoed is op zijn kruin geschoven. De zilveren oorringen bungelen nog wat na.

De eerste beelden van de documentaire  ‘Schapenheld’ hebben alle schijn van een idyllisch portret van een ongebonden levensgenieter. Maar zijn verhaal is ook de langgerekte strijd van een idealist met een nieuwe werkelijkheid in de herdersbranche, die wordt ingehaald door de economische realiteit. Twee jaar lang volgde documentairemaker Ton van Zantvoort schaapherder Stijn Hilgers. Zijn gemoedstoestand balanceert voortdurend op de rand van verbittering en moedeloosheid.

De crisis noopte natuurbeheerders, vooral provincies, tot bezuinigen. Zo namen de vergoedingen voor de begrazing van hun land af. Ze wendden zich al snel tot grotere ondernemingen, die parttimers inhuren bij wie milieubelangen vaak ondergeschikt zijn. Die provincies zijn wel Hilgers’ grootste inkomstenbron. Subsidies werden geschrapt en hij kreeg te maken met concurrentie en mechanisering van het vak, die ten koste gaan van zijn inkomsten.

Stug vasthoudend aan zijn idealen werkt de Brabander zich in de rode cijfers. Zijn inkomsten (op een bepaald moment 30.000 euro) verdampen bij de kosten (60.000 euro). Hilgers moet creatief zijn om de eindjes aan elkaar te knopen. Naast het traditionele heidebeheer zet hij allerlei nevenactiviteiten op. Zo ontvangt hij groepen, verkoopt hij wol aan 17 eurocent per kilo en uiteindelijk gaan ook lammetjes naar de slachtbank. “Mijn concurrenten zullen zeggen: het is geen ondernemer”, zegt Hilgers in een toelichting op de film. “Maar daarvoor ben ik niet in het vak gestapt. Een goeie schaapherder, dat ben ik wel, maar een goeie ondernemer? Nee, dit is geen vak waarbij je pur sang ondernemer moet willen zijn. Het is een kwetsbaar vak waarin je met je hart moet kunnen werken.”

Mistroostig

Juist die onbuigzaamheid, die tegensparteling laat ‘Schapenheld’ op mooie wijze zien. Om zijn droomwereld in stand te houden put Hilgers alle mogelijkheden uit, van verschillende optredens voor radio en tv tot een bezoek aan de Tweede Kamer. De documentairemaker is aanwezig op het meest kwetsbare moment van de Brabander. Hilgers heeft dan het idee opgevat om mensen in een winkelstraat voor een euro het gewicht van zijn schapen te laten raden. Het schouwspel roept een mistroostig gevoel op: de herder met zijn handen in zijn spijkerbroek naast een hekopstelling met een handvol schapen en een weegschaal. “Laat maar komen die miljoenen.” Hilgers is een aardige man, als kijker gun je hem zoveel beter. 

Maar de strijd van de herder bleek eindig. Uiteindelijk verhuisde de Brabander met zijn vrouw en twee kinderen naar Frankrijk, waar hij nu als knecht voor een herder werkt.

Gilde van Traditionele Schaapherders

Hilgers is niet de enige die het moeilijk heeft om het hoofd boven water te houden. De vereniging en stichting het Gilde van Traditionele Schaapherders schat het aantal herders rond de honderd. Daarvan zou de helft het beroep op traditionele wijze beoefenen. Een rapport uit 2016 van Alterra Wageningen UR in opdracht van het ministerie van economische zaken beschreef de financiële positie van deze traditionele herders als ‘overwegend zeer zwak’. Gemiddeld komt een kudde jaarlijks 28.600 euro tekort, volgens ramingen van de universiteit. Herders spelen een belangrijke rol in het behoud van de biodiversiteit. In het groeiseizoen trekken ze met hun kuddes over heide en grasvelden. Twee jaar geleden nog werd het traditionele herderschap – naast het sinterklaasfeest, het worstebroodje en schaatsen op natuurijs – toegevoegd aan de lijst van immaterieel cultureel erfgoed door het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland. Een sympathieke geste, maar de documentaire roept de vraag op: hoe lang overleven herders het nog? Een symbolisch beeld halverwege de documentaire: als Hilgers zijn kudde door een binnenstadje leidt, vallen zowel zeurend getoeter van automobilisten als uitbundig gegil van schoolkinderen hem ten deel. Het lijken de laatste stuiptrekkingen van een achterhaald beroep in een moderne wereld.

Don Quichotte

Vanuit Frankrijk trekt Hilgers zelf de parallel met Don Quichotte, de dolende ridder die met windmolens strijdt om zijn geliefde te veroveren. “Alleen zie ik mezelf niet als een gek. Ik was met iets tastbaars, iets goeds bezig. Ik hield soortenrijkdom in stand, was zelfvoorzienend, produceerde voedsel met zorg voor de natuur. Dat bestaan bleek té kwetsbaar. Het had maar een tikkie nodig of het viel om. Ik ben ten prooi gevallen aan koude marktwerking en politieke keuzes. Elementen waar je geen invloed op hebt, maken je stuk.”

“Je kunt het koppig noemen, maar ik zeg liever bevlogen. Ik moest zelf ook even slikken toen ik de documentaire zag. Natuurlijk, het gaat om mijn wereld, mijn leven. Het opgeven van mijn idealen was ook een interne strijd, die zijn tol eiste. Op een gegeven moment verloor ik zelfs mijn haren door de stress.”

Het liefst zou hij zijn liefde voor het herderschap willen uitdrukken in een ellenlang gedicht, zegt Hilgers. “Dan nog is het met geen pen te beschrijven. Je zou het moeten ervaren. Pas dan kun je het alleen voelen, als je het zelf gedaan hebt. Het is een Heilige Drievuldigheid: herder, kudde en hond. Een eeuwenoude traditie die op sommige stukken in Europa duizenden jaren teruggaat. Het is een eerlijk bestaan.” Hilgers rolde als buitenstaander het vak in, maar gaandeweg is hij zich ermee gaan vereenzelvigen. “Al heel mijn leven noemt iedereen me schapenheld. Sommige mensen kennen me niet anders. Het is verbonden met mijn grootste drijfveer: In contact blijven met de natuur die zo vergeten wordt in Nederland.”

Deel van de natuur uitmaken

“Schapen zijn mijn leven. De kudde zorgt goed voor jou als jij voor die kudde zorgt. Het is geen beroep waar je lekker tegen een boom aan kunt liggen. Dat is een grote misvatting. Ze bieden je wel de vrijheid op om te leven zoals jij wilt, in een heel simpele setting. Het is een manier van leven waarbij je als individu een kleine ecologische voetafdruk nalaat en tegelijk een oud systeem en een oud schapenras in leven houdt. Toen ik twintig jaar geleden begon, was het beroep haast volledig weggevaagd. Niemand die het deed. We moesten opnieuw het wiel uitvinden.”

In de documentaire komt – de aanwezigheid van zijn vrouw en kinderen ten spijt – een beeld naar voren van een herder die een eenzaam bestaan leidt. “Dat zoek ik op”, zegt Hilgers. “Het biedt rust om ergens een paar uur op een plekje te gaan zitten om eens écht goed rond te kijken. Anders blijft het maar malen in mijn hoofd. Bovendien maak je deel uit van de natuur: de insectenwereld, de vogels, de bossen om je heen. Dat is mateloos boeiend.”

Tegen het einde van de documentaire rijdt de verhuistruck tergend langzaam de oprit op. Verdwaasd kijken honden toe hoe de schaapjes de truck in worden geduwd. Een verzameling vliegen rust onaangeroerd op Hilgers’ gebruinde torso. Zijn enorme handen strelen op troostende wijze zijn jammerende oudste zoon, wiens tranen onophoudelijk vloeien. Hilgers veegt het zweet van zijn voorhoofd. Zijn diepblauwe ogen kijken in het niets. “Ik wil van mijn leven een avontuur maken”, zegt hij met verbittering in zijn stem. Ik ga niet wachten tot iemand anders dat voor mij gedaan heeft. Je leeft maar een keer. De grens is bereikt. Men wil mij niet meer. Dat is mijn conclusie. Vierhonderd kilometer verderop zit je in de motherfucking Pyreneeën en daar verandert helemaal niks.” 

Vlucht

Als er wrok te zien was in de documentaire, klopt dat wel, vertelt Hilgers over de telefoon. “Dat cynisme komt door oneerlijkheid, door een wereld die niet klopt. Het kan ook op een andere manier. Simpel, simpel, simpel leven. Of dat geen romantiek is, zeg je? Ga dan maar eens een paar dagen mee. De wereld is veel te hard geworden. Je wordt dagelijks doodgegooid met alle ellende. Dus zocht ik mijn toevlucht in zaken die nog wel goed gaan. In zekere zin was het een vlucht. Het zegt iets eerder over de rest van de wereld dan over mij dat ik het niet gehaald heb.

“Maar het voelt niet alsof ik gefaald heb. Is iets niet eerlijk, dan moet je er iets aan veranderen. En als je er niets aan kunt veranderen, moet je maken dat je wegkomt. Ik ben eigenlijk een simpele kerel. C’est la vie, zeggen ze hier.”

Schapenheld, (Sheep Hero) draait vanaf vandaag op het vierdaagse internationale documentaire festival  DOCfeed in Eindhoven.  Daarna te zien in meer dan 40 filmtheaters. Zie:  schapenheldfilm.nl 

Lees ook: 

Herder zoekt waardering

Er heerst onrust onder schaapherders. Ze verwijten elkaar de markt te verpesten. Jammer, vindt Clemens Oude Groeniger. ‘Wij moeten juist samen in verzet komen tegen de vrijemarktwerking.’ 

Stage lopen tussen de schapen

Nederland kent sinds een jaar een officiële mbo-opleiding tot schaapherder: twee dagen praktijk, één dag in de collegebanken. Paméla Freriks leert het vak tussen Kempische heideschapen.  

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden