Het metrostel op het kunstwerk in de vorm van een walvisstaart.

Jelle's weekdierBultrug

De metro landde op een bultrug, gelukkig niet op een vis

Het metrostel op het kunstwerk in de vorm van een walvisstaart.Beeld ANP

De bestuurder overleefde het ongeluk dankzij het feit dat een bultrug een zoogdier is, met een horizontale staartvin.

Een walvis is geen vis maar een zoogdier, dat is tamelijk algemeen bekend. Maar nu: dit basale biologische feit heeft deze week het leven gered van een metrobestuurder. U heeft het ongetwijfeld gezien; een metrostel reed in Spijkenisse door de stopblokken, schoot van het tien meter hoge spoortracé de lucht door en kwam tot stilstand op een kunstwerk in de vorm van een walvisstaart. De bestuurder kwam met de schrik vrij.

Die enorme walvisstaart vormde een groot horizontaal vlak dat zich zeer toevallig op de juiste hoogte bevond en geheel onverwacht ook sterk genoeg bleek om het loodzware treinstel te ondersteunen.

Het was zo’n bizarre gebeurtenis waarvan achteraf wordt gezegd dat je het niet zou kunnen verzinnen. Maar als een walvis geen zoogdier was maar een vis, of een reptiel, dan was het ongeluk totaal anders afgelopen. Dan had dat staartvlak namelijk geen horizontale positie gehad, maar een verticale.

Vissen bewegen zich in het water voort door in een horizontaal vlak te kronkelen met hun spieren die zich aan weerszijden van de ruggengraat bevinden. Rug-, anaal-, en staartvin bevinden zich in het centrale, verticale symmetrievlak en bijgevolg heeft een vis een verticale staartvin. Datzelfde geldt voor amfibieën (denk aan de salamanderstaart) en reptielen; ook de uitgestorven ichthyosauriërs en andere zwemmende reptielen hadden net als haaien een verticale staartvin.

Zoogdieren hebben een geheel andere anatomie, gevolg van de wijze waarop de ruggenwervels met gewrichtjes in elkaar grijpen. Daardoor kan de wervelkolom – ook de onze – zich goed krommen in verticale richting en minder eenvoudig in zijwaartse richting. Wanneer een zoogdier loopt, beweegt de wervelkolom daarbij in een verticaal vlak. Kijk maar eens naar een rennende cheeta. Er zijn filmpjes op internet te vinden die laten zien dat zo’n dier al rennend de rug in een verticale golfbeweging laat kronkelen.

Een zwemmende dolfijn of walvis doet hetzelfde, die kronkelt niet zijwaarts maar op en neer. Als gevolg daarvan hebben deze zoogdieren een horizontaal staartvlak ontwikkeld. Daarmee zorgen ze voor de voortstuwing. Met een paar stevige klappen van de staartvin kan een dolfijn of walvis flink vaart maken en zelfs zoveel kracht zetten dat een sprong boven water mogelijk is.

Vooral de bultrug (Megaptera novaeangliae) staat bekend om zijn sprongen. Dikwijls vallen deze baleinwalvissen daarbij op hun zijkant in het water terug (wat een megabommetje oplevert), maar vaak ook duiken ze zodanig dat hun grote staartvin boven het wateroppervlak uitsteekt. Dat beeld, die boven water stekende walvisstaart, is iconisch geworden. Het wordt door meerdere bedrijven als logo gebruikt en een groot blauw kunstwerk in de vorm van een duikende bultruggenstaart sierde vorig jaar de Utrechtse Catharijnesingel; het was een protest tegen de plasticsoep in zee.

En in Spijkenisse plaatste men een kunstwerk in de vorm van twee duikende walvisstaarten in een vijver bij het eindpunt van de metro. Gemaakt van gewapend kunststof en niet berekend op het opvangen van een doorgeschoten treinstel, maar dat ging toch goed.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden