De Wondere VogelwereldO.C Hooymeijer

De Grote Weideloper is meer mol dan vogel

Grote Weideloper Beeld tekening OC Hooymeijer
Grote WeideloperBeeld tekening OC Hooymeijer

Grote Weideloper
L 18 cm
chalhandrinaias ahgraririus rhai

Vroeger algemeen. Sedert de jaren vijftig van de vorige eeuw echter sterk in aantal afgenomen. Nu, tegen alle verwachtingen in, oplevend. Verenkleed overwegend in bruintinten met zwarte accenten op borst en stuit. Mannetje heldergele kop.

Zie licht verbaasde oogopslag. Verrassende verenpartij op achterhoofd. In verhouding redelijk zware echte insecten - en zadeneterssnavel. Aast in open veld op vliegende insecten, geleedpotigen, sprinkhanen en krekels, maar vooral ook op door overbemesting, door verstikking omgekomen larven en wormachtigen. Bloemknoppen en zaden zijn een welkome aanvulling op het menu.

Was een echte bovengrondse weidebroeder van de kruidige, bloemrijke, geurende akkers en graslanden. Heeft nest- en broedgedrag door de intensivering van de landbouw en veeteelt op verbazingwekkende wijze aangepast door letterlijk ‘ondergronds’ te gaan. Vooral het injecteren van de grond met de zeer ammoniakrijke drijfmest, de verlaging van het grondwaterpeil, alsmede het vroege maaien van het grasland hebben de Weideloper min of meer gedwongen het veld te ruimen.

Bouwt nest nu in de grond, circa 20 centimeter onder het maaiveld, meest in het gangenstelsel van een mol. Dit ingenieuze onderaardse bouwwerk met regenwaterafvoersysteem, tochtproppen, broedkamer en vluchtuitgangen kan vele meters beslaan. Opvallend is de symbiose met de mol: niet alleen is er toestemming van de mol om van zijn onderaardse gangenstelsel gebruik te maken, maar ‘helpt’ de mol ook om het broedsel, welk meest uit een achttal groengespikkelde eieren bestaat, warm te houden, en zelfs uit te broeden als de Weidelopers boven de grond de poten strekken en wat eten.

Bij zeer ‘uithuizige’ vogels neemt de mol zelfs de zorg over de uit het ei gekropen jonge Weidelopertjes op zich, en voedert de om eten schreeuwende kuikens met wormen en larven. De oudervogels zijn echter altijd weer op tijd om de nestvliedende jongen te begeleiden tijdens de risicovolle reis naar de ‘bovenwereld’. Deze moet namelijk precies tussen twee maaibeurten in geschieden. Het liefst vlak voor de ‘derde snee’, als het gras nog lang genoeg is om bescherming te bieden bij het rennen naar het veilige struikgewas aan de rand van het weideland.

Zijn de vogels echter te laat en is het gras al van het land, dan is de kans groot dat de jongen op hun avontuur over het kort gemaaide veld slachtoffer worden van een roofvogel of harige predator. Zijn ze te vroeg, en moet de risicovolle reis worden aangevangen door het hoge gras, dan is vaak een hele familie Weidelopers het slachtoffer van de niets ontziende maaibalken aan de trekker van de boer.

Roep, een aanhoudend hoog tik-tek-tikke-tektek. Zang, meest van molshoop of juist in de verborgenheid van gras, een verrassend melodieus FFFFRrrriet, FFFFOOeiit... PTTaaaatatttaaataaaata... Volksvogelwijsheid: Herkomst: Nederland (Friesland, Gretserlân) “Hy is strak ien Greidefjochter” ofwel: “Hij leeft een nogal verborgen leven.”

Grote Weideloper  Beeld
Grote Weideloper
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden