De Wondere Vogelwereld van O.C. Hooymeijer

Bloedrug

Bloedrug Beeld O.C. Hooymeijer
BloedrugBeeld O.C. Hooymeijer

Parvius sangreckx maso L 95 cm - V 310 cm

Niet algemene, plaatselijk wat talrijkere, zeer zware rover. Bewoner van de afgelegen, stoffige laag- en hoogvlaktes van de mediterrane landen, liefst met verspreide, door jarenlang watergebrek verdroogde boomgroepen en bosschages. Mijdt gebergten.

Zware groenige haaksnavel. Verenkleed over het algemeen in vale bruintinten. Kan een wat rafelige, armoedige uitstraling vertonen. Borst zandkleurig tot zelfs wit, doch altijd met twee naar zwart gaande brede banden. Zie overduidelijke donkere onderstuit.

Kan in met name de warme zomermaanden enorme last hebben van stekende, bloeddorstige vleesetende parasieten als iberische teek, sluipwants en grootoogdaas.

Gastvogels als Kleine Krabber en Groenpootschraper kunnen het ongemak deels wegnemen door op de rug te landen en de hinderlijke insecten weg te vangen. Bloedruggen met tientallen gastvogels zijn geen uitzondering.

Door het langdurig met de scherpe nagels krabben en het pikken met de snavel naar de in het vlees vastgezogen insecten, kan de rug uiteindelijk in een bloederige open vleeswond veranderen alwaar vliegachtigen als sluimervlieg en nierwesp op hun beurt weer hun eieren in leggen, om na reeds drie dagen uit te komen en als maden over de rug van het slachtoffer te krioelen. Door de kijker beschouwd lijkt de vogel hierdoor te trillen.

Bloedrug Beeld O.C. Hooymeijer
BloedrugBeeld O.C. Hooymeijer

Boeiend om te zien is het zogenaamde ruggestrijken: De Bloedrug schuurt met gespreide vleugels het rugdek tegen een cactus of een grove stenen wand teneinde zijn stekende belagers van zich af te schudden. Dit ‘strijken’ kan vaak, vooral bij hoge temperaturen enkele uren in beslag nemen, maar biedt de vogel enige verlichting.

Ondanks het nogal wrede proces lijkt de Bloedrug uiteindelijk geen last te hebben van het bloedverlies en de constante ontstekingen, maar lijkt er eerder van te genieten en in te berusten.

Roep, een luid krijsend janken, welk over kan gaan in een treurig fluiten. Meest tijdens zeilvlucht. Op nest en tijdens het krabben en pikken van de gastvogels, een zacht steunen.

Volksvogelwijsheid

Herkomst: Iberisch Schiereiland. (Omgeving Juanadia Madre Dios) “La pejoris del Sangrada no tabritas rus”. Vertaling: “Een rug vol bloed kan ook een zegen zijn”.

Iedere week beschrijft O.C. Hooymeijer een vogel die aan zijn brein is ontsproten. Eerdere afleveringen in de serie ‘De Wondere vogelwereld van O.C. Hooymeijer’ leest u hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden