Groene Gids Bestrijdingsmiddelen

Biologische teelt scheelt minstens 240 bestrijdingsmiddelen

Na alle berichten over hormoonverstorende bestrijdingsmiddelen op groente en fruit, is de vraag van veel lezers: Is biologisch eten wél gezond?  Het simpele antwoord is ja, met enkele kanttekeningen. 

“De stoffen die in het onderzoek van Trouw zijn aangetroffen zijn verboden in biologische teelt,” zegt Mi­riam van Bree van Bionext, de ketenorganisatie van de biologische sector. “Een biologische boer probeert ziektes en plagen te voorkomen door een ruimere wisseling van gewassen en het telen van gewassen die minder schimmelgevoelig zijn.”

In de gangbare teelt zijn minstens 240 verschillende bestrijdingsmiddelen toegestaan, voor biologische boeren zijn die chemisch-­synthetische middelen verboden. Mede daardoor bevatten biologische producten veel minder pesticiden dan gangbare producten. “In Nederland is tot nu toe geen degelijk vergelijkend onderzoek gedaan,” zegt Jelmer Buijs, onderzoeker bij Buijs Agro-Services uit Bennekom. “De NVWA doet alleen steekproeven en meet slechts een zeer beperkt aantal pesticiden. Het wereldwijd veelgebruikte ­glysofaat wordt bijvoorbeeld helemaal niet ­gemeten.”

Een probleem bij biologische teelt is de verspreiding van bestrijdingsmiddelen vanaf akkers met conventionele teelt, via regen en wind. Buijs benoemt andere indirecte vervuilingrisico’s. “In biologisch mengvoer voor ­koeien zit 3,7 keer minder bestrijdingsmiddel dan in gangbaar mengvoer, maar dat is toch nog meer dan verantwoord voor ons ecosysteem. Voor drink- en irrigatiewater heeft de ­biologische sector geen extra eisen. Zo kunnen schadelijke stoffen alsnog in biologische producten terechtkomen.”

Geen veilige ondergrens

Bij de discussie over de schadelijkheid van hormoonverstorende stoffen staan twee visies lijnrecht tegenover elkaar. Sommige onderzoekers zoals ecologen, epidemiologen en endocrinologen (experts van het hormoonsysteem) vinden dat er geen veilige ondergrens is vast te stellen voor hormoonverstorende stoffen, omdat ze per molecuul een effect teweeg kunnen brengen. Traditionele toxicologen gaan ervanuit dat de dosis de giftigheid bepaalt.

Zo wijst Wieke van der Vossen, expert voedselveiligheid van het Voedingscentrum, erop dat de aangetroffen concentraties van bestrijdingsmiddelen voor conventionele en biologische teelt binnen de huidige normen vallen. “Als je een stof vindt, betekent dat niet automatisch dat het een probleem is. In het onderzoek van Trouw is alleen gekeken of deze middelen zijn aangetroffen. In de normen die de NVWA hanteert, is meegenomen of de gevonden concentraties een risico zijn.”

Van Bree brengt daar tegenin dat er bij de normering geen rekening wordt gehouden met de stapeling van stoffen. Als je verschillende soorten groente en fruit eet op een dag, zou je meer bestrijdingsmiddelen kunnen binnenkrijgen dan de norm is.

Er wordt nazorg gepleegd

Margriet Mantingh, onderzoeker water- en voedselkwaliteit van de organisatie Women Engage for a Common Future (WECF), valt haar bij: “In het huidige systeem is geen grens voor het aantal verschillende stoffen. In praktijk kunnen er resten van meer dan tien bestrijdingsmiddelen op een product achterblijven. Enkele milligrammen per kilo aardbeien of aardappels zijn geen uitzondering.”

Buijs: “Nu wordt er in feite nazorg gepleegd: we stellen maximale doses vast per bestrijdingsmiddel. Zolang we niet kunnen aantonen dat we er ziek van worden, houden we ze in de markt. Maar door de veelheid van middelen is het vrijwel onmogelijk om achteraf vast te stellen van welke combinatie van stoffen we ziek zijn geworden. De gangbare landbouwpraktijk voortzetten is belangrijker dan het voorzorgsprincipe adequaat toepassen.”

Van der Vossen weet dat er in Europees verband wordt onderzocht hoe groot de ‘stapelingseffecten’ van het eten van verschillende bespoten producten zijn. Vooralsnog lijken die beperkt. Ze wil er dan ook voor waken mensen bang te maken. “Biologische producten zijn vaak een betere keuze vanuit het oogpunt van biodiversiteit of dierenwelzijn. Voor de gezondheid maakt het niet uit.”

Mantingh weet echter dat er aanwijzingen zijn dat biologisch eten gezonder is. “Tussen 1970 en 1990 zijn er allerlei dierproeven gedaan die een negatieve invloed lieten zien van gangbaar voedsel op de weerstand, vruchtbaarheid en overlevingskansen van de jongen. Soms traden die effecten pas in de tweede generatie op. De industrie doet deze studies vaak af als statistisch irrelevant.”

Gezondheidseffecten

Toch lijken er bij mensen ook gezondheidseffecten te zijn, zegt ze. “In 2017 bleek uit een studie bij 325 vrouwen die een onvruchtbaarheidsbehandeling ondergingen dat de inname van groente en fruit met veel resten van pesticiden samenhing met een lagere kans op een zwangerschap met een levende geboorte. Dit gold niet voor de inname van groente en fruit met weinig resten van pesticiden.”

Vorig jaar concludeerden wetenschappers in een studie onder ruim 60.000 mannen en vrouwen dat een hogere frequentie van biologische voedselconsumptie samenhing met een lager risico op kanker. De hoeveelheid pesticiden in de controlepersonen is volgens Buijs in dit onderzoek niet vastgesteld, wat de vergelijking tussen beide groepen bemoeilijkt.

Volgens Van der Vossen is het ook moeilijk te achterhalen of het gezondheidseffect het gevolg is van het eten van biologische producten, of van een gezondere levensstijl van de groep die deze producten eet.

De rubriek ‘Groene Gids’ beantwoordt praktische vragen over milieubewust(er) leven. Heeft u een praktische vraag over milieubewust(er) leven? Mail naar: groenegids@trouw.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden