ReportageBollenteelt

Bezorgde Drenten zijn het bollengif beu en verlangen actie van de overheid. ‘Er ligt echt een deken van gif over Nederland’

Een boer bespuit zijn land met bestrijdingsmiddelen. Beeld Meten=weten
Een boer bespuit zijn land met bestrijdingsmiddelen.Beeld Meten=weten

Omwonenden van de bollenvelden in Drenthe voelen zich in de steek gelaten door de overheden. Drie jaar geleden begonnen ze met eigen metingen naar de verspreiding van gebruikte pesticiden, uit zorgen om hun gezondheid. Maar er gebeurt niets.

Onno Havermans

De framing begint al ruim voor het debat. ‘We hadden gezegd: omwonenden, maar geen actiegroepen’, schrijft Tweede Kamerlid Caroline van de Plas van BoerBurgerBeweging in een tweet. Je bent dus ofwel ‘omwonende’ ofwel ‘lid van een actiegroep’, concludeert Joke Kolthoff uit de Drentse gemeente Westerveld.

Maar Kolthoff is als omwonende actief in een belangengroep. Vanuit haar huiskamerraam in de buurtschap Lhee bij Dwingeloo kijkt ze uit op een es, een hoge akker aan de overkant van de weg, die door een gestopte boer is verpacht aan een bloembollenteler. En ze is lid van het burgerinitiatief Meten=Weten, een groep bezorgde inwoners van Westerveld die drie jaar geleden is begonnen zelf moestuingroentes, de grond van tuinen en akkerranden en het water in sloten en plassen te onderzoeken op pesticiden die worden gebruikt in de bollenteelt.

De leden van Meten=Weten (nummer 27 in de Duurzame 100 van 2021) dringen bij de gemeente, de provincie en het kabinet aan op nader onderzoek naar de verspreiding van bestrijdingsmiddelen in het milieu, en op maatregelen om te voorkomen dat gespoten stoffen buiten de bollenvelden terechtkomen en daar mogelijk schade veroorzaken.

Spuitvrije zones rond woningen

Joke Kolthoff is een van de deelnemers aan een rondetafelgesprek onder de titel ‘Gezonde gewassen en gezonde bodem’, dat vandaag op de agenda staat van de Kamercommissie landbouw, natuur en voedselkwaliteit. Ze zal er pleiten voor spuitvrije zones van 1 kilometer rondom woningen en natuurgebieden, omdat uit onderzoek van Meten=Weten blijkt dat een deel van de pesticiden zich ver verspreiden buiten de akker waar ze zijn gespoten.

BBB-Kamerlid Van der Plas heeft de andere commissieleden eind vorige week voorgesteld om nog een door de BBB-fractie gekozen omwonende uit te nodigen, ‘niet zijnde een actiegroep’. Ze gaf daarmee invulling aan haar tweet van twee weken geleden, die weer een reactie was op een uiting van de Drentse bollenteler Gert Veninga op Twitter: ‘Door actiegroepen als omwonenden uit te nodigen doe je meer dan 90 procent van de omwonenden tekort!!’ De Westerveldse wethouder Jelle de Haas retweette beide tweets. Neemt de overheid zorgen van omwonenden minder ernstig als niet alle omwonenden die zorgen delen?

null Beeld Meten=weten
Beeld Meten=weten

Welkom in Westerveld, fusiegemeente in het zuidwesten van Drenthe, tussen Steenwijk, Beilen en Appelscha. Deze week doet de rechtbank in Groningen uitspraak over een mountainbikepad dat wel of niet is aangelegd door beschermde natuur in deze gemeente. En vandaag buigen zowel de Kamercommissie LNV als provinciale staten van Drenthe zich over al dan niet schadelijke gevolgen voor mens en natuur van het pesticidengebruik in de bollenteelt.

Voorafgaand aan beide bijeenkomsten publiceerde Meten=Weten maandag een rapport op basis van drie jaar eigen onderzoek. ‘Er ligt écht een deken van gif over Nederland’, is de hoofdconclusie. Pesticiden verspreiden zich veel verder dan de akkers waarop is gespoten. In 87 monsters uit tuinen, natuurgebieden, akkerranden, sloten, composthopen, mest, de bodem en de lucht werden bij laboratoriumonderzoek 132 bestrijdingsmiddelen, biociden of metabolieten (veranderingen van chemische stoffen) gevonden.

Stadse fratsen versus geboren Drenten?

Westerveld lijkt gepolariseerd, met de natuur als splijtzwam. Nieuwkomers met stadse fratsen versus geboren en getogen Drenten die doen wat ze altijd al deden, hoor je soms fluisteren. Dat klopt niet, zegt Joke Kolthoff, die is opgegroeid in het noorden van het land. “Ook steeds meer mensen van de oude garde delen de bezwaren tegen de bollenteelt, die hier in twintig jaar is verviervoudigd, van 494 hectare in 2000 naar 2040 hectare in 2021, veel meer dan de landelijke groei van 20 procent.”

Dat de tegenstelling tussen oorspronkelijke bewoners en nieuwkomers ’feitelijk niet altijd klopt’ staat ook in het rapport Uitgesproken, dat procesbegeleider Martha Buitenkamp en voormalig dijkgraaf en gedeputeerde Marga Kool in 2019 opstelden. Zij spraken in opdracht van gemeente en provincie met dertig betrokkenen en constateerden dat de standpunten over de bollenteelt in Westerveld ver uiteen liggen.

‘Dit lossen de omwonenden en telers niet samen op’, constateren Buitenkamp en Kool. ‘De gezamenlijke overheden zijn aan zet. Gevraagd wordt een helder en consistent beleid en maatregelen op het snijpunt van landbouw, volksgezondheid en ruimtelijke ordening. Dit moet gepaard gaan met een grote aandacht voor de onderlinge verhoudingen (welzijn, leefbaarheid en samenlevingsopbouw) op het platteland.’

Met die aanbeveling is weinig gedaan, vindt Kolthoff. Meten=Weten heeft gevraagd om spuitvrije zones van 100 meter rondom bollenakkers, om speelplekken van kinderen en tuinen te beschermen, maar die zijn niet ingesteld, ondanks aangenomen moties in de Tweede Kamer. “Intussen is duidelijk dat 100 meter veel te weinig is”, zegt Guido Nijland uit Geeuwenburg, die het eigen onderzoek van Meten=Weten coördineert.

Geen draagvlak voor extra regels

‘Er zijn geen reële juridische mogelijkheden om op planologisch gebied grenzen te stellen aan deze teelt’, schreef commissaris van de koning Jetta Klijnsma vorige maand aan provinciale staten van Drenthe. Ook is er volgens haar ‘geen draagvlak om voor de landbouwsector extra regels op te leggen bovenop de landelijke regels’. Het Uitvoeringsprogramma Toekomstvisie Gewasbescherming 2030 werkt langzaam toe naar gifvrije bestrijdingsmiddelen.

De commissaris heeft het op zich genomen om de dialoog tussen bollentelers, natuurorganisaties en omwonenden vlot te trekken. Dat doet ze als onderdeel van proefproject duurzame bollenteelt dat gemeente, provincie, waterschap en het ministerie van landbouw, natuur en voedselveiligheid vorig jaar hebben opgezet, samen met vijf organisaties uit de bollensector. Bewoners zijn bij de opzet niet betrokken, tot frustratie van Meten=Weten. “We zijn bewust buiten de pilot gehouden”, zegt Kolthoff.

De pilot bestaat uit drie sporen. In twee daarvan zoeken telers samen met onderzoekers naar manieren om de weerstand van gewassen tegen ziektes en plagen te verbeteren en naar groene middelen om gewassen te beschermen, allebei met als doel het gebruik van chemische middelen te verminderen. Het derde spoor is de dialoog.

Klijnsma wil ‘een gesprekstafel’ waaraan ‘de verwachtingen van alle betrokkenen verder in kaart worden gebracht en een setting wordt geboden om te komen tot (vrijwillige) afspraken’. Haar notitie komt vandaag ter sprake in een vergadering van de Drentse Statencommissie Omgevingsbeleid.

Al heel vaak gepraat

Een nieuwe dialoog heeft volgens Kolthoff geen zin. “Wij hebben al heel vaak met ‘onze’ teler gepraat. Dat gaan we niet meer doen, de standpunten zijn duidelijk. Klijnsma heeft een soort charmeoffensief geprobeerd dat meer kwaad dan goed heeft gedaan.” “We zijn niet tegen boeren, niet tegen telers, maar tegen de overheid die dit mogelijk maakt”, vult Guido Nijland aan.

Meten=Weten haalde zijn gelijk intussen wel bij de rechter. In juni vorig jaar oordeelde de rechtbank in Groningen dat een vergunning nodig is voor drainage, beregenen en het spuiten met bestrijdingsmiddelen op landbouwpercelen in de buurt van wettelijk beschermde Natura 2000-gebieden. Het burgerinitiatief vroeg daarop aan alle provincies om het gebruik van veertien chemische stoffen niet langer toe te staan.

Kolthoff noemt het schrijnend bescherming tegen de gevolgen van pesticiden kennelijk alleen via de natuur kan, niet als de gezondheid van de mens in het geding is. “Het is schrijnend dat je in je eigen tuin de gifstoffen van de buurman kunt krijgen en dat je daar niets tegen kunt doen.”

Meer onderzoek is nodig

De Gezondheidsraad adviseerde het kabinet in juni 2020 zo min mogelijk pesticiden te spuiten. Het RIVM constateerde in 2019 in het Onderzoek Blootstelling Omwonenden dat omwonenden van landbouwpercelen bestrijdingsmiddelen binnenkrijgen. De hoeveelheden die in de lucht en in urine van omwonenden zijn gevonden lagen onder de risicogrenzen voor de gezondheid, maar volgens het RIVM is meer onderzoek nodig. Daarvoor pleit ook Meten=Weten.

Het burgerinitiatief haalt in zijn nieuwe rapport wetenschappelijk onderzoek aan van toxicoloog Martin van den Berg en hoogleraar kindergeneeskunde Pieter Sauer die waarschuwen voor negatieve effecten op de hersenontwikkeling bij ongeboren kinderen, hoogleraar neurologie Bas Bloem die een relatie ziet tussen bestrijdingsmiddelen en de ziekte van Parkinson, en cardioloog en hoogleraar fysiologie Bianca Brundel die een verband met hartritmestoornissen vermoedt.

‘De overheden blijven volharden in hun opvatting dat de zorgen en het verzet rond pesticiden een communicatieprobleem is tussen telers en burgers’, schrijft Meten=Weten in het persbericht bij het nieuwe rapport. De onvrede over de ‘er-is-niets-aan-de-hand houding’ van de overheid is nog even groot als drie jaar geleden.

‘Het is geen misdadig gebruik’

De bollenteelt is druk bezig te vergroenen en te verduurzamen, zegt voorzitter Jaap Bond van de Koninklijke Algemeene Vereeniging voor Bloembollencultuur (KAVB). Over twee of drie jaar moeten de effecten daarvan merkbaar zijn, verwacht directeur Janny Peltjes van HLB. Haar instituut (HLB staat voor Hilbrands Laboratorium) in Wijster leidt de onderzoeken van het proefproject duurzame bollenteelt in Westerveld.

Die pilot is belangrijk, vindt Bond. “Het is een omvangrijk onderzoek, dat ervoor kan zorgen dat middelen die bij andere teelten al zijn toegestaan ook voor bollen mogen worden gebruikt.” De bloemsierteelt mag een groot aantal groene bestrijdingsmiddelen nog niet gebruiken en een procedure bij het College voor toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) kan jaren duren. “De regels zaten onze omschakeling in de weg”, zegt Bond. Dankzij een motie van D66-Kamerlid Tjeerd de Groot komt er nu een ‘spoedloket’ bij het Ctgb, voor middelen die in andere teelten al zijn toegelaten. “Daar ben ik blij mee, dat is goed voor verduurzaming van de sector.”

Het proefproject onderzoekt ook manieren om planten minder vatbaar te maken voor plagen en ziektes, bijvoorbeeld door de bodem te verbeteren, inzet van resistentie en minder vatbare cultivars, methodieken om insecten te weren en natuurlijke vijanden te stimuleren, niet het hele perceel behandelen maar plaatsspecifiek, akkerranden in te richten voor biodiversiteit en plaagbeheersing. “In plaats van spuitvrije zones kun je beter het middelengebruik en dus de emissie verlagen”, stelt Peltjes.

Iedereen is het erover een dat we moeten omschakelen naar een duurzame wereld, zegt Peltjes. “We zijn dicht bij een soort kantelpunt, niet alleen in de land- en tuinbouw maar ook in andere sectoren. De bloembollenteelt is dertig jaar opgebouwd met kunstmest en chemische middelen, dat kun je niet in één jaar veranderen. We moeten de afhankelijkheid van chemie afbouwen en meer natuurlijke systemen gaan gebruiken. Dat zal meer risico brengen voor de telers. Maar ik zie mogelijkheden om de transitie tot een goed einde te brengen. Tegelijkertijd is het essentieel dat de consument zich bewust wordt van zijn koopgedrag. Als die kiest voor duurzame producten zal de sector op een natuurlijke wijze verduurzamen. De overheid kan daarbij een belangrijke rol in spelen.”

Bond en Peltjes benadrukken dat de gewasbeschermingsmiddelen die momenteel worden gebruikt allemaal veilig zijn, na een zorgvuldige toelatingsprocedure van het Ctgb. “Het is geen misdadig gebruik”, zegt Peltjes.

Het Ctgb beoordeelt individuele stoffen en middelen en zal zodra het Europese toetsingskader hierop is aangepast ook kijken naar combinaties van verschillende middelen bij consumptie, legt woordvoerder Hans van Boven uit. De Europese autoriteit voor voedselveiligheid Efsa heeft samen met het RIVM een methode ontwikkeld die is doorgerekend op effecten op het zenuwstelsel en de schildklier van mensen. “We blijven ook bij cocktails nog binnen alle veilige marges”, zegt Van Boven.

Lees ook:

Bewoners Westerveld boos over proefproject duurzame bollenteelt. ‘Er wordt gewoon doorgespoten’

Bewoners van het Drentse Westerveld zijn boos. Ze zijn niet betrokken bij een proefproject voor duurzame bollenteelt. Kan niet anders, zegt de gedeputeerde. De situatie is inmiddels zwaar gepolariseerd en het project moet nog beginnen.

Hoe landbouwgif het hart van natuurgebieden bereikt

In acht Drentse natuurgebieden zitten bestrijdingsmiddelen in planten en in mest van schapen en runderen. Natuurorganisaties zijn geschokt. Ze pleiten voor een nationaal onderzoek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden