ColumnPatrick Jansen

Betaald parkeren bij gratis natuur, zo gek is dat niet

Natuurmonumenten gaat in drukke natuurgebieden betaald parkeren invoeren. Landgoed Hackfort in het Gelderse Vorden heeft de primeur. Automobilisten moeten maximaal 7 euro per dag betalen. Leden parkeren gratis. En mensen die met de fiets komen.

Hackfort is het eerste gebied van Natuurmonumenten waar betaald parkeren wordt ingevoerd. Later volgen er meer. Media meldden dat de vereniging dit doet om het natuurbeheer te bekostigen. Vermoedelijk wordt daarmee vooral gedoeld op de kosten van de recreanten zelf. Want het onderhoud van paden en bomen erlangs, schade, overlast en afval, en toezicht vormen de grootste kostenposten. Voor de natuur zal weinig overblijven.

Wat betaald parkeren wél oplevert is een rem op de onstuimige groei van de toeloop naar deze gebieden, waar het op zon- en feestdagen zwart ziet van de mensen. Die drukte kan slecht uitpakken voor uitgerekend de planten en dieren die van deze gebieden afhankelijk zijn. Zo is er een keihard negatief verband tussen het broedsucces van vogels en drukte. En veel bijzondere planten verdragen geen betreding.

Die drukte hebben Natuurmonumenten en de andere terreinbeheerders deels zelf over zich afgeroepen. Jarenlang maakten ze eindeloos reclame voor beleven en genieten, alsof dat ook in de natuur al het allerhoogste doel is. Wie sputterde dat de natuur al die drukte misschien niet aankon, hoorde wat gemompel over draagvlak en balans.

Er zijn felle reacties: niet-leden verkondigen luidkeels dat ze hun lidmaatschap opzeggen

Het nieuwe parkeerbeleid lokt felle reacties uit, vooral van mensen die nog nooit op Hackfort zijn geweest en er vermoedelijk ook nooit zullen komen. Niet-leden verkondigen luidkeels hun lidmaatschap op te zeggen. Mensen die nooit lid zouden worden van enige natuurorganisatie zweren nooit lid te worden van deze natuurorganisatie. Natuur moet voor iedereen toegankelijk zijn, foeteren zij. Alsof niet het parkeren hoeft te worden afgerekend, maar het fietsen en wandelen.

Een belangrijk punt van de critici is dat natuurterreinen worden gesubsidieerd en dus gratis toegankelijk moeten zijn. Dat lijkt mij geen geldig argument. Musea, theaters en concerten ontvangen ook subsidie. Toch moet daar worden betaald, niet alleen voor het parkeren, maar ook nog eens voor de entree. Toch eisen weinigen dat het Rijksmuseum en voorstellingen van het Concertgebouworkest gratis toegankelijk moeten zijn. Cultuurbezoek mag kennelijk wat kosten, natuurbezoek niet.

Zondagsdrukte bij Lutterzand langs de Dinkel in Twente

In de permanente tentoonstelling van de natuur zingen de vogels gratis. Entree betalen hoeft hoogst zelden. Alleen in de Amsterdamse Waterleidingduinen, het Noordhollands Duinreservaat, het Zwanenwater en De Hoge Veluwe. Dankzij de kaartverkoop is het daar minder druk en is er meer geld voor beheer en toezicht. Bovendien hebben de bezoekers een relatief grote waardering voor de gebieden. Dingen waarvoor je betaalt, zijn immers meer waard.

Een belangrijke reden om iets te betalen bij je natuurbezoek is dat subsidies voor natuurbeheer in Nederland buitengewoon krenterig zijn. Het kan eenvoudigweg niet uit. Het is dus een wonder dat niet meer terreineigenaren kosten zijn gaan doorberekenen.

Dat betalen voor parkeren of entree ook nog eens de drukte wat tempert, is een buitengewoon nuttige bijkomstigheid. En wie hiervoor geen geld of begrip over heeft, doet het beleven en genieten maar ergens anders.

Patrick Jansen is ecoloog en universitair hoofddocent in Wageningen en schrijft voor Trouw om de week een column.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden