Reportage

Al vijftig jaar is het Lauwersmeer geen zee meer, maar in Zoutkamp schrijnt de pijn nog altijd

Beeld Joop Bouma

Het verdriet is wat vervaagd, getemperd door de jaren. Maar nog zijn er oudere Zoutkampers die weemoedig terugdenken aan de tijd dat het Lauwersmeer een zee was, een estuarium waar zout en zoet tot brak water vermengden. Toen was deze binnenzee nog een rijke kraamkamer voor bot, schol en tong en floreerde de visserij.

Het dorpje Zoutkamp had een trotse vloot van 36 vissersbootjes, waarmee op de Lauwerszee werd gevist op garnalen, haring en sprot. Er was een aardige boterham te verdienen. De goeie, ouwe tijd. Grote kans dat er eind mei bij het 50-jarig jubileum van de afsluiting van de Lauwerszee weer vlaggen halfstok hangen in het dorp, net als in 2009 bij de 40-jarige herdenking.

Oud-visserman J. Oostindiën uit Zoutkamp beschreef een halve eeuw geleden het verdriet van Zoutkamp, met een gedicht in de krant:

Bedankt regering, dat gij zijt gekomen
en ons de Lauwerszee hebt afgenomen.
Bedankt dat gij dat zo goed hebt gedaan.
Gij bracht zo een einde aan ons mooie bestaan.
Zijn laatste strofe:
Bedankt aan allen in ’t bijzonder
voor Zoutkamp gaat de levenszon onder.
Bedankt aan u, die dit uit hebben gehaald
Zoutkamp heeft nu zijn tol wel betaald.

De tekst van de oude visser hangt ingelijst in het Visserijmuseum van Zoutkamp, op een tentoonstelling die helemaal is gewijd aan de afsluiting van de Lauwerszee. Volgende maand wordt dat met een symposium gevierd – of herdacht, dat is misschien een betere omschrijving.

In het museum hangen meer gedichten. De Zoutkampers uitten destijds hun gevoelens kennelijk graag op rijm. Zoals ‘’t Olle Zoltkamp’, geschreven door T. Noorda-Sloot:

O, dörpske aan zee,
Mit dien sluuzen, dien diek en ’t Raitdaip,
mit dien heufd, kört en laang
mit dien hoaven, dien daam,
met dien bootjes, ’k vergeet die toch nait.
Moar Lauwerszee dei is dicht,
’t dörp verloor zien gezicht.
Nou is Zoltkamp ’t zulfde dörpke nait meer.
Der was altied wel wat,
Nou wordt ’t ein dood gat;
En nou is ’t olle Zoltkamp nait meer.’’

Met dat doodse van Zoutkamp valt het anno 2019 mee. De fraaie zoetwaternatuur van het nationaal park Lauwersmeer en de vele vogels in het uitgestrekte, beschermde Natura 2000-gebied trekken bezoekers aan, die ook naar het voormalige vissersdorp komen. Het gaat zo slecht nog niet. Al is de visserij sinds de afsluiting noodgedwongen uitgeweken naar de nieuwe haven in Lauwersoog.

Heimwee 

Visser Betto Bolt (76), geboren en getogen Zoutkamper, viste al in het gebied toen de Lauwerszee nog open was. Hij hoort niet bij de groep die bedroefd terugkijkt. “Je kunt de tijd en de economie niet vijftig jaar terugdraaien.”

Zijn vader en grootvader visten hun hele leven op de Lauwerszee. “Je kon er beschut varen, met kleine schepen, je hoefde niet de volle zee op. Het vissen was er eenvoudig en efficiënt en je kon je gezin ermee onderhouden. De Lauwerszee was ook een broedkamer voor de vis. Dat is verloren gegaan. En door de afsluiting is de ziel is uit het dorp gehaald, zeker. Maar het zijn andere tijden. Dat hou je niet tegen.”

Bolt en zijn zoon vissen intussen al vele jaren in Noorse wateren op kabeljauw, zeeduivel, schelvis, tarbot, tong en schar vanuit hun bedrijf aan de westkust van Denemarken. Hij was sowieso al niet een visser die in de jaren zestig een glorieuze toekomst zag op de Lauwerszee. Bolt wilde het open water op, de Noordzee.

De natuur van de Lauwerskust is door de aanleg van een afsluitdijk wel ingrijpend veranderd, vertelt hij. Ook onderwater. “Toen de Lauwerszee nog open was, was er een natuurlijk systeem van stromingen en waterstuwingen, waardoor op een dynamische manier diepe geulen, ook in de Waddenzee, in stand bleven. Dat verandert nu. Alles is aan het verzanden. Maar de afsluiting heeft ons ook meer veiligheid én een prachtig natuurreservaat gebracht, met veel meer toerisme. De ziel van de visserij is weliswaar uit Zoutkamp gehaald, maar er is andere bedrijvigheid voor in de plaats gekomen.”

Intussen wordt er, vijftig jaar na de aanleg van 13 kilometer afsluitdijk, serieus gepraat over een oude wens van de Waddenvereniging: een nieuwe stuw of een aanpassing aan de huidige sluizen, waardoor met de getijden zout water het gebied in kan. De sluizen kunnen nu maar één kant op spoelen, overtollig zoetwater uit de Friese boezem, richting Waddenzee. Het is een omstreden plan, omdat verzilting gevolgen kan hebben voor de landbouw. 

Kraamkamer

“Maar we praten hier serieus en positief over met alle partijen, de landbouw, de visserij, de duurzame energiesector, de recreatie en de landschapsorganisaties”, vertelt Bas Bijl, projectleider Lauwerskust van de Waddenvereniging. Een goede opening in de dijk is er niet, die moet er eigenlijk toch al komen nu er stroomopwaarts in de Drentse beken duizenden piepjonge zeeforellen zijn uitgezet, die uiteindelijk via het Lauwersmeer richting zee moeten kunnen zwemmen.

Eind mei, tijdens de herdenking van een halve eeuw Lauwersmeer wordt een Lauwerskust Manifest overhandigd aan bestuurders uit de regio. In dat document hebben de partijen die met elkaar aan tafel zitten hun visie op de toekomst van het gebied vastgelegd. In het manifest krijgt het Lauwersmeer een beperkt tij terug, zodat het gebied opnieuw de kraamkamer kan worden voor tal van vissoorten. 

Met de landbouw wordt gepraat over mogelijkheden om gewassen te gaan telen die tegen verzilting kunnen. Het grote voordeel is dat met de inlaat van zout water de verruiging van het nationale park wordt bestreden. Elzen en wilgen steken steeds maar de kop op in het gebied. Met zilt water krijgt het landschap weer de oude begroeiing. “Meer rietgroei, minder bosopslag. We zijn er echt serieus over aan het nadenken met al die partijen”, zegt Bijl.

Het ideale toekomstbeeld van de Waddenvereniging is dat het estuarium op de grens van Friesland en Groningen weer iets terug krijgt van vroeger, een open zout/zoet-gebied – ook al zal de opening per saldo heel klein zijn. “Het is nu een prachtig zoetwaterreservaat. Maar dat is niet de oorsprong. De Lauwerszee waren eigenlijk de longen van de Waddenzee, als kraamkamer voor vis. Dat zouden we graag willen herstellen. Maar er zijn nog heel wat hobbels te nemen, hoor. We zijn er nog lang niet.”

Historie van de Lauwerszee

De Lauwerszee is eeuwenlang het decor geweest van watersnoodrampen en bestuurlijke twisten tussen Groningen en Friesland. Het estuarium waarin het Reitdiep vanuit het Groninger land en het Dokkumer Diep vanuit Friesland loosden, werd al rond het jaar 800 bewoond. Vanaf de twaalfde eeuw begon de inpoldering aan de randen van het gebied. De historicus Albert Buursma heeft een boek geschreven over de geschiedenis van het gebied. Het wordt op 23 mei, de dag dat de laatste caisson het gebied afsloot, tijdens een symposium gepresenteerd.

Sinds 1953, na de watersnoodramp in zuidwest-Nederland, kwam de discussie over afsluiting van het gebied in een stroomversnelling. Daarvoor waren de plannen er ook al. Maar toen ging het vooral om redenen van waterstaatkundige aard, aldus Buursma: het lozen en beheersen van zoet water uit de beide provincies en het openhouden van scheepvaartroutes. Het Reitdiep en het Dokkumer Diep zorgde voor ontsluiten van de oude zeehavens van Groningen en Dokkum. Vanaf het einde van de negentiende eeuw werd de behoefte aan meer landbouwgrond een argument voor afsluiting en inpoldering.

De veiligheid speelde na 1953 een steeds grotere rol. Eén hoge dijk van 13 kilometer maakte tientallen kilometers dijk rond de Lauwerszee overbodig. Vooral uit vanuit Friesland werd vanaf 1960 intensief campagne gevoerd voor afsluiting (‘Potdomme, de dyk sil er komme’). De emoties liepen soms hoog op. Buursma: “In Zoutkamp was er zelfs een boycot van Friese producten: beschuit van Van der Meulen, koffiemelk van Friesche Vlag of roggebrood kwamen er in Zoutkamp niet meer in. Het verhaal gaat dat de Friese producten zelfs demonstratief in zeer werden gemikt.”

‘Beteugeld estuarium: cultureel erfgoed in het Lauwerszee- en het Lauwersmeergebied’, Albert Buursma, 176 blz., 15 euro (22,50 met verzendkosten), Uitg. Waddenacademie, Leeuwarden. Verschijnt op 23 mei.

Lees ook: 

En nu het Lauwersmeer nog

Voor de Waddenvereniging is de aanleg van de vismigratierivier in de Afsluitdijk slechts een eerste stap. Ook bij het Lauwersmeer moet er een gat in de dijk komen.

Een lijst met de rijkdom van het Lauwersmeer: 350 vogelsoorten

Nationaal Park Lauwersmeer bracht in 2012 een lijst uit met alles wat er rond Lauwersoog, Zoutkamp en Ezumazijl vliegt en broedt. In het boekje staan zeker 350 vogelsoorten, die sinds 2000 zijn gespot door een club liefhebbers

Alle kevers en spinnen tellen mee voor bioloog Jan Meijer

Bioloog Jan Meijer kent de bodemfauna van ‘zijn’ Sennerplaat en Schildhoek op z’n duimpje na veertig jaar observeren, vallen zetten, tellen en noteren. Liefhebbers en vakgenoten nu ook: zijn inventarisaties zijn gepubliceerd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden