Landbouw

Advies: kabinet moet verzakking van veengebied voorkomen. ‘Enorme impact voor de melkveehouderij’

Verzakking door veengrond en renovatie in Kanis. Beeld Jörgen Caris
Verzakking door veengrond en renovatie in Kanis.Beeld Jörgen Caris

De ontwatering van Nederlands veenweidegebied moet stoppen, vindt de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur. Door verzakking van de bodem is de situatie onhoudbaar.

Ecologisch, economisch en maatschappelijk is het onverantwoord om door te gaan met de ontwatering van veenweidegebied. De bodemdaling die daarop volgt, brengt natuur en klimaat grote schade toe, terwijl de kosten voor het waterbeheer steeds hoger oplopen. Dat kan zo niet langer, stelt de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli).

Het kabinet moet een vermindering van de bodemdaling afdwingen tot hooguit drie millimeter per jaar in 2050, adviseert de raad in het advies ‘Stop bodemdaling in veengebieden’, dat hij vandaag aanbiedt aan de ministers Kajsa Ollongren van binnenlandse zaken en Carola Schouten van landbouw en natuur. Helemaal afremmen is volgens de raad onmogelijk, maar het verlagen van het grondwaterpeil ten behoeve van de intensieve landbouw is niet meer vol te houden. Daar hebben op termijn ook de boeren last van, als hun grond openbarst of verzilt.

Het blijft een dilemma: het voedselrijke veen biedt een vruchtbare bodem voor landbouw, op voorwaarde van een goede ontwatering van de grond. Maar door diezelfde ontwatering oxideert het veen, waardoor er CO2 vrijkomt en de bodem daalt. Daardoor kunnen uiteindelijk gebouwen, rioleringen en wegen verzakken.

In kerkdorp de Kanis, bij Woerden, worden verzakte straten opgehoogd. Beeld Jörgen Caris
In kerkdorp de Kanis, bij Woerden, worden verzakte straten opgehoogd.Beeld Jörgen Caris

Lagere uitstoot

De Rli stelt een vermindering van de bodemdaling met 70 procent als streefdoel. Dat percentage is nodig om de lagere uitstoot van CO2 te bereiken die in de Klimaatwet is afgesproken. Wegens die klimaatverplichting noemt de Rli het remmen van bodemdaling onvermijdelijk.

Om te beginnen wil de Rli wettelijk vastleggen dat de verzakking van de bodem over tien jaar met de helft moet zijn verminderd. In die tien jaar moet blijken of het mogelijk is om nog rendabel te boeren op nattere gronden, als het grondwaterpeil omhoog gaat in plaats van omlaag. Ook ziet de raad lokale verschillen die om lokale oplossingen vragen. Gemiddeld daalt de bodem acht millimeter per jaar, maar op sommige plaatsen gaat het harder en elders juist minder hard.

Dat geldt ook voor de grondwaterstand. In sommige polders staat het peil veertig centimeter onder het maaiveld, in andere wel zestig centimeter. Een grondwaterpeil van twintig centimeter onder het maaiveld lijkt optimaal. Een proefboerderij in Zegveld, in het Groene Hart, onderzoekt momenteel of en hoe op nattere gronden te boeren valt. In Friesland krijgt sinds kort de eerste boer betaald voor een hogere waterstand, vanuit het project ‘Valuta voor Veen’ dat certificaten verkoopt ter compensatie van CO2-uitstoot.

Nationale doelstelling

“Er is een tsunami van initiatieven, je wordt er confuus van”, zegt raadslid André van der Zande, opsteller van het advies. “Maar die veelheid zit elkaar in de weg. De opschaling komt niet tot stand.” De landelijke overheid moet de regie nemen, bepleit de Rli, met wettelijke afspraken zoals andere landen die al kennen, en een minister die verantwoordelijk is. “Net als bij de Klimaatwet is een nationale doelstelling nodig.” Dat maakt het ook mogelijk om waar dat kan de aanpak van de bodemdaling te combineren met het werken aan klimaat- en natuurdoelen als verminderde uitstoot van CO2 en stikstof.

De uitvoering moet juist regionaal worden aangepakt, stelt de Rli, met ‘uitvoeringstafels’ waar alle betrokken partijen aanschuiven. “Voor de melkveehouderij heeft dit een enorme impact”, legt Van der Zande uit. “Vernatting betekent de koeien later in de wei, en minder grasgroei. Dat lukt op één bedrijf, maar het schort aan de opschaling. Hoe kunnen we dit organiseren in bijvoorbeeld de hele Krimpenerwaard of de Alblasserwaard?”

Omschakelen kost geld. “Maar doorgaan op de sporen van het verleden kost veel meer”, zegt Van der Zande. Met dat geld moeten ook boeren worden gecompenseerd, vindt hij, want de melkveehouderij hoort bij Nederland. “Die zit in ons dna”.

Lees ook:

Boer Sjoerd compenseert onze uitstoot

Sjoerd Miedema is de eerste boer die krijgt betaald voor het vernatten van zijn weilanden. Door het waterpeil in de omliggende sloten te verhogen, komt er minder CO2 vrij in het Friese veenweidegebied waar zijn koeien grazen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden