Ackerdijkse Plassen, vogeloase van ongekende allure

Dankzij de grote verscheidenheid aan landschappen binnen het plassengebied is de diversiteit aan broedvogels er groot. (JANKO VAN BEEK) Beeld
Dankzij de grote verscheidenheid aan landschappen binnen het plassengebied is de diversiteit aan broedvogels er groot. (JANKO VAN BEEK)

Op een steenworp afstand van Rotterdam Airport liggen de Ackerdijkse Plassen, een oase van rust met zeldzame vogels als waterral, roerdomp en bosrietzanger.

Met het broedseizoen voor de deur gaan de Ackerdijkse Plassen weer voor een paar maanden nagenoeg op slot. Een quarantaine die weldadig blijkt te zijn, want jaar op jaar broeden er ruim zestig vogelsoorten, waarvan sommige in enorme aantallen. Speciaal voor Trouw is er op de valreep nog een speciale tocht.

Het stormt vele knopen op de reguliere maandelijkse excursie door de Ackerdijkse Plassen. Takken knakken, haren verwaaien, stemmen verdwalen en de wind loeit. Zeventien mensen hebben op deze zaterdag hun bed vroeg verlaten om hier iets voor negenen belaarsd en bekijkerd present te zijn. Er is koffie in het voorhuis van de boerderij uit 1662; een typisch melkveeboerderij compleet met melkkelder, bedsteden en opkamer. Maar hoe mooi en historisch ook; buiten lokt.

Gids Marius Huender, een gepensioneerd verzekeringsman met het voorkomen van een vrijbuiter, maant de groep vooral goed achter hem te blijven aanlopen. Het natuurgebied is door- en doornat. Niet alleen door regen- en smeltwater, maar, zo vertelt Huender, ook doordat Natuurmonumenten de waterstand steeds verder verhoogt. Dat is goed voor de weidevogels. Die houden van natte graslanden. Bovendien gaat de hogere waterstand de verdroging van het moeras tegen. Dat dreigt nu te verruigen en dat is niet best voor snor, roerdomp en porseleinhoen. "Maar pas op: Als je van het pad afraakt, zak je voor je het weet tot je dijen weg in de veenprut."

Het is een wonderlijk natuurgebied, deze Ackerdijkse Plassen. Want terwijl op enkele honderden meters afstand industrie, snelverkeer en Rotterdam Airport meerennen in de economische vaart der volkeren, is het plassengebied een vogeloase van ongekende allure. Jaarlijks bivakkeren hier meer dan 200 soorten. Meer dan zestig soorten vogels broeden er, waaronder zeldzaamheden als waterral, roerdomp, bosrietzanger en zomertaling. Er slapen 's winters 40 grote zilverreigers en in het najaar foerageren regelmatig tientallen lepelaars bijeen. Alle beheer is gericht op de vogels. Zo is het afgesproken toen het terrein in 2007 overging van Vogelbescherming naar Natuurmonumenten. De kapvlakte vlak achter de boerderij is zo'n voorbeeld van vogelbeheer; een flink elzenbroekbos moet plaatsmaken voor de uitbreiding van het oorspronkelijk rietland opdat roerdomp, snor en wie weet de kwak, nieuwe broedmogelijkheden krijgen. De snor zit nog in het zuiden, de roerdomp is elders verborgen en de kwak is nog mijlenver weg, maar een groepje kolganzen dat luid kwebbelend door de lucht trekt, maakt veel goed.

Het is ploeteren door de blubber, geslurp en gesop klinkt op. Bij tien graden boven nul lijkt de lente in aantocht. Het speenkruid is er klaar voor; frisgroen werkt het hard aan nieuwe bloemknoppen. De diversiteit aan broedvogels - van bruine kiekendief tot bosuil en van snor tot veldleeuwerik - is begrijpelijk gezien de grote verscheidenheid aan landschappen binnen dit ene natuurgebied. Goudgele rietruigte, grasland, broekbos, moeras en water, heel veel water. Net als de Nieuwkoopse Plassen zijn ook de Ackerdijkse in de 16de eeuw ontstaan door turfwinning en dankzij een vooruitziende blik van Vogelbescherming zijn ze al tientallen jaren geleden voor teloorgang behoed. De wind maakt het soms moeilijk op smalle bruggetjes het evenwicht te bewaren om van een beschaafd gesprek met een excursiegenoot nog maar niet te spreken. Enthousiast wijst Huender op een buizerd in een boom die met moeite de veren bijeen weet te houden terwijl zijn collega-gids Henk van Gemerden hulp biedt bij het oversteken van een plas.

Het is nog supervroeg in het jaar, maar voor de aalscholvers (334 broedparen) is het broedseizoen gewoon al begonnen. Vanuit de luwe vogelkijkhut zijn ze prima te bespieden. Ze hebben al de witte dijvlekken en kale broedplek op de borst die kenmerkend zijn voor het broedseizoen. Er wordt hard gebouwd. Ondanks de storm vliegen ze af en aan met takken van soms meer dan een meter lengte. Eentje verliest zijn vracht en probeert deze vruchteloos van het wateroppervlakte te halen. Op een paar meter afstand zwemt een soortgenoot op die typische onhandige aalscholvermanier rond. Door de uitgestrekte nek en omhoog gehouden kop lijkt het alsof hij moeite heeft de kop boven water te houden.

De toekijkende blauwe reiger op de oever oogt als een bezorgde ouder die de eerste zwemles van zijn kind bekijkt. Een grote zilverreiger zeilt voorbij en op het water dobberen een paar honderd smientjes. Diep onder water bevinden zich volgens de gidsen de larven van libellen, waaronder bijzondere als die van de vroege glazenmaker.

De grond in een klein bosje is bespikkeld met witte aalscholverpis terwijl de bomen 'artistiek bekleed zijn' met mossen in alle kleuren en maten. Onder een omgevallen boom ontdekt Van Gemerden een merkwaardige concentratie van molshopen. Het zijn er op enkele vierkante meters zeker twintig. Een groepje barmsijsjes en staartmezen strijkt plots neer in de elzen. Een sperwer schiet voorbij, maar heeft kennelijk geen honger.

De weilanden zijn nu nog niet erg in trek bij weidevogels, maar door beheermaatregelen hoopt Natuurmonumenten ze wel te lokken. De weiden zijn jaren begraasd door Konikpaarden - bedoeld om de groei van nieuwe wilgen te voorkomen - maar paardenbegrazing zorgt niet voor veel bloemen. Koeien hebben daarom hun werk overgenomen. Bovendien is de waterstand verder verhoogd zodat de grond langer nat blijft en de wormen goed bereikbaar. "Die wormen zijn volgens mij nu wel verzopen", merkt een wandelaar op.

Huender probeert nog even een geheel ondergelopen pad uit, wiebelt gevaarlijk en besluit tot omlopen. Na een paar uur bos, gras, weidsheid en water, is daar uiteindelijk de boerderij en kunnen de modderlaarzen uit.

Melkveeboerderij uit 1662. Beeld Natuurmonumenten
Melkveeboerderij uit 1662.Beeld Natuurmonumenten
null Beeld Natuurmonumenten
Beeld Natuurmonumenten
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden