'Aarde kan met minder soorten toe'

"Mijn conclusie is dat we zeer voorzichtig moeten omgaan met ons groene spul, dat we natuur noemen. Maar dat we ons geen zorgen hoeven te maken over het verdwijnen van soorten." ©JEAN-PIERRE JANS

Filosoof Bas Haring durft zijn hand er voor in het vuur te steken: we kunnen op de wereld met heel wat minder plant- en diersoorten toe, zonder dat dit desastreuze gevolgen heeft. Waarmee hij overigens niet beweert dat al die soorten maar over de kling gejaagd moeten worden.

Een nasaal, snotterig geknor overstemt het gesprek. De twee varkentjes van Bas Haring schuren met hun snuit tegen het ruwe houten hek, wisselen even van plaats, en laten opnieuw een slijmerige schreeuw horen. "Sorry, ze zijn wat onrustig", zegt Haring. "De cateraar uit het dorp heeft zojuist een grijze afvalzak met etensresten afgeleverd. Dat hebben ze gezien. Dus het wordt denk ik eerst voeren, en dan pas praten."

'Volksfilosoof' Haring (1968) creeerde de afgelopen jaren in Waterland zijn eigen paradijsje. Eerst verbouwde hij eigenhandig de vroegere kaaswinkel van Ransdorp tot een moderne woning in het groen. Daarna kwam de nieuwe werkschuur waarin hij zijn teksten schrijft, en toen ook de omheining gereed was werd het tijd voor huppelende konijnen op het erf, en de twee varkens, die zolang ze hun snuiten niet onder de grasmat steken, kunnen gaan en staan waar zij willen.

Haring ontdekte op zijn landje net onder de stompe toren van Ransdorp de kracht van het woekerende zevenblad, en de voorkeuren van zijn hortensia's. Hij zag ook de rijkdom van de weidsheid om hem heen, de oude polders met in de lente de grutto's, kieviten en tureluurs.

Kaalslag, die voelt als een ramp
Maar hij trok verder. In 2010, het Jaar van de Biodiversiteit, deed hij onderzoek naar de stand van de natuur, wereldwijd. Haring sprak met deskundigen, las rapporten, bezocht de regenwouden in Zuid-Amerika, zag de kaalslag, die voelt als een ramp. Maar stelde vervolgens de vraag die niemand durft te stellen: ís een wereld met minder soorten wel een ramp?

De zeenerts, de buldograt, de rode ral, de Geneefse houting, en de tretretretre (een grote halfaap die op Madagaskar leefde) zijn inmiddels uitgestorven, maar daar merkt Haring persoonlijk weinig van, schrijft hij in zijn boek 'Plastic Panda's' dat vandaag uitkomt. Hij zou slijkzegge ook niet herkennen als iets bijzonders. Voor hem is het gewoon een grasje. "En ik kan dus ook niet merken dat de soort sinds 1993 niet meer in Nederland is waargenomen, en hier feitelijk uitgestorven is. Tijdens mijn leven. Ik had het kunnen zien, maar was er blind voor."

De focus op het behoud van soorten is volkomen overtrokken, concludeert Haring in zijn boek, die zich liet bijstaan door vooraanstaande natuurwetenschappers als Louise Vet, Joop Schaminée en Louise Fresco. De wereld kan ook met de helft van het aantal soorten toe. Hij ziet in dat verband de wereld als een grote boekwinkel, waar de toppers op tafels liggen en negentig procent van de omzet maken, met in de kasten een veelheid aan boeken die nauwelijks geld opleveren. Halveer je de omvang van de kasten, dan halveer je ook de diversiteit in de boekwinkel, maar de omzet wordt veel minder geraakt. Hetzelfde geldt wat Haring betreft voor de natuur: wanneer er een paar honderd 'obscure' soorten verdwijnen, betekent dat nog niet dat de omvang van de natuur afneemt. Over die omvang is hij trouwens wél bezorgd, maar die heeft niets met soortenrijkdom te maken.

Je neemt de lezers van je boek als het ware mee op een wandeling door de natuur. Niet over de gebaande paden, maar op een gps-tocht met wel heel veel coördinaten. Onder de modder komen ze bekaf in het laatste hoofdstuk aan.

"Dat was nodig. Als het om natuur gaat, kiezen veel biologen voor hetzelfde pad. Om de natuur te redden moeten we de soorten beschermen. Veel van de maatregelen die ook in Nederland worden getroffen, hebben als doel het soortenbehoud. Als leek op natuurgebied, maar als deskundige op het gebied van argumentatie, had ik het gevoel dat hun verhaal niet klopte. En het irriteerde me. Ik probeer in mijn boek aan te tonen dat er onterecht veel focus ligt op die biodiversiteit. De argumenten deugen niet. En daar maak ik mij zorgen over. Juist als de natuur beschermd moet worden, moet je daarbij de beste argumenten gebruiken. Mijn conclusie is dat we zeer voorzichtig moeten omgaan met ons groene spul, dat we natuur noemen. Maar dat we ons geen zorgen hoeven te maken over het verdwijnen van soorten."

Je lijkt te schrikken van de reacties die je lezingen over dit onderwerp en je boek oproepen.

"Die reacties zijn inderdaad heftig ja. Nu moet ik zeggen dat ik de neiging heb in een debat te polariseren. Maar dat doe ik om dingen duidelijk te maken, om te komen tot een duidelijke uitwisseling van argumenten. Maar vooral leken reageren sterk. Elk soortje moet ten koste van alles worden beschermd."

Is natuurbescherming een geloof, dat is omkleed met taboes?

"Absoluut, tenminste de discussie die over het behoud van soorten gaat. Die vindt haar oorsprong in het verhaal van Noach, die niet de wereld redde of de natuur, maar de soorten. Van elke soort, nam ie er twee mee. Dat geloof in soorten is een concept geworden, een bedenksel waarin we zijn gaan geloven, en dat steeds belangrijker wordt. Ik was laatst in discussie met een heel aardige man van Greenpeace die zich inzette voor het tropisch regenwoud. Achteraf zei hij dat hij ging nadenken over een helderder uitleg over het belang van soorten. Dat is toch vreemd. De vraag óf soorten er toe doen, sloeg hij gewoon over."

In je boek constateer je dat er vijf keer eerder een massasterfte in de natuur heeft plaatsgevonden. Met andere woorden: de afname van soorten is een natuurlijk proces. Maar de teruggang nu is wel de eerste die wordt veroorzaakt door de mens.

"Inderdaad, en dat moeten we niet bagatelliseren. Het wezen mens homogeniseert de wereld. Wij maken overal steden, en in een stad kan de wolf niet leven. Maar hoe groot is het drama?"

Je kunt je ook afvragen: hoe kunnen wij als mens de teruggang keren door te zoeken naar alternatieven voor de roofbouw die wij nu plegen.

"Zou kunnen. Maar dan moet je wel een prioriteitenlijstje maken van dieren die je per se wilt behouden. Want allemaal, dat gaat niet meer. De innovaties die de mens nog zou kunnen doorvoeren eindigen bij de efficiëntie van de fotosynthese. De natuur groeit door gebruik te maken van zonlicht, en die groei kent een maximum, terwijl de wereldbevolking vooralsnog toeneemt. Om die te kunnen voeden, is het noodzakelijk grote delen van het tropisch regenwoud te kappen. Is dat erg? Nee. Allerlei obscure soorten zullen verdwijnen, de helft van de biodiversiteit vermoedelijk, maar is dat een drama? Een secundair bos is ook mooi.

Sommige biologen gaan uit van het adagium dat dieren en planten intrinsieke waarde hebben. Ik geloof niet in dingen die uit zichzelf waarde hebben. Als een aap die waarde heeft, waarom heeft mijn iPhone die dan ook niet? Anderen stellen dat dieren en planten een eigen functie hebben, zoals alle organen samen een lichaam vormen. Verdwijnt er een, dan volgt een kettingreactie. Absolute flauwekul, die ik in mijn boek weerleg. Hoewel er wel van functionele biodiversiteit sprake kan zijn: om een bepaald ecosysteem te behouden, zijn bepaalde dieren en planten nodig."

Heeft een wereld met een rijke biodiversiteit niet meer kwaliteit?

"Een diverse wereld is aangenamer, in zijn algemeenheid. Op alle gebied, niet alleen wat natuur betreft. Ik ben ook blij met deze tafel, met dit fruitmandje, met de smurfen. Maar laat ik een natuurvoorbeeld geven. De Cubaanse krokodil wordt met uitsterven bedreigd omdat hij seks heeft met de Floridaanse krokodil, die algemeen voorkomt. Is dit erg? Ik vind van niet. Of een giraffe-soort minder? Is het erg dat we in Nederland straks zes, in plaats van negen soorten lieveheersbeestjes hebben? Trouwens: ik ben vóór de terugkeer van de wolf. Hartstikke leuk beest.

Maar de wereld zal veranderen. Wij zijn verantwoordelijk voor een goede wereld, maar dat kan nooit dezelfde zijn, met 15 miljard mensen. We moeten dingen opgeven. Ik ben er nooit zo bang voor. Stel dat de biodiversiteit afneemt tot het niveau van dat in Nederland, dan houden we nog een mooie wereld over."

Feitelijk schets je een complete reorganisatie van de natuur.

"Dat woord zocht ik, maar kon ik tijdens het schrijven niet vinden. Precies!"

Je doet luchtig over de biodiversiteit, maar in je boek maak je je wel zorgen over het klimaat, de bio-industrie en de totale omvang van de natuur.

"Ja, ik heb eens zitten rekenen. Als je al het leven op aarde neemt, en het droogt - want het bestaat voor een groot deel uit water. Wat je overhoudt weegt dan duizend miljard ton, of een biljoen. Dat is honderdvijftig ton per persoon. Dat lijkt behoorlijk. Het stikt van het leven, Maar het is ook weinig. Als je die hele hoeveelheid zou samenpersen tot een soort van triplex, en je de aarde zou bekleden, dan zou je overal een laagje laminaat van vier millimeter hebben. En dat vind ik dan weer angstaanjagend weinig. Daar maak ík me nou zorgen over."

Bas Haring dubt
Ik dub. Aan de ene kant voel ik een grote betrokkenheid bij de natuur. Hetzelfde type betrokkenheid dat ik voelde toen ik zeven was en naar die poster tuurde. Ik voel dat vooral wanneer ik in het regenwoud ben - ik ben daar een paar keer geweest. Dit is echt fantastisch, denk ik dan. Zo veel verschillende planten en zo dicht opeen. En iedere drie seconden verdwijnt er van dit wonder een oppervlak ter grootte van een voetbalveld. Twintig voetbalvelden per minuut! Dat is een ramp. Aan de andere kant heb ik ook twijfels over de grootte van de eventuele aanstaande ramp. Ik twijfel over hoe erg het écht is dat al die natuur, planten en dieren verdwijnen." Fragment uit Plastic Panda's

Hoogleraar 'Publiek begrip van wetenschap'
Bas Haring promoveerde in de Kunstmatige Intelligentie en is bijzonder hoogleraar 'Publiek begrip van wetenschap'. Zijn debuut was 'Kaas en de evolutietheorie'. Dit werk over de evolutietheorie en de implicaties hiervan verscheen in 2001 en ontving in 2002 de Gouden Uil voor de jeugdliteratuur en de Eureka!-prijs voor populair-wetenschappelijke literatuur. In oktober 2003 verscheen zijn tweede boek, 'De ijzeren wil', over de verschillen tussen mensen, konijnen en computers. Hierin gaat hij in op de vraag of de mens iets extra's heeft ten opzichte van dieren en computers aan de hand van verschillende voorbeelden. Van 'Voor een echt succesvol leven' (2007) waarin Haring probeerde een lans te breken voor een succesloos leven, zijn meer dan 40.000 exemplaren verkocht. In 2010 verscheen van zijn hand 'Vallende kwartjes'.


Zijn nieuwste boek 'Plastic Panda's, Over het opheffen van de natuur' verschijnt vandaag. Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar, prijs: € 19,95, ISBN 978 90 388 9467 6.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden