Trekvis

60.000 dammen en sluizen verhinderen de zwemtocht van de paling

Levende paling op de visafslag van Harderwijk. De traditionele visafslag, die verloren ging toen het zoute water van de Zuiderzee veranderde in het zoete water van het IJsselmeer, is in ere hersteld.  Beeld ANP
Levende paling op de visafslag van Harderwijk. De traditionele visafslag, die verloren ging toen het zoute water van de Zuiderzee veranderde in het zoete water van het IJsselmeer, is in ere hersteld.Beeld ANP

Het Aalbeheerplan uit 2009 werkt niet. Liefst 60.000 sluizen, dammen en andere obstakels hinderen de zwemtocht van de paling door Nederlandse wateren, becijferde Ravon.

Onno Havermans

Nederland is een palingland. Geen gebied is zo geschikt voor die glibberige zwemmer als het laaggelegen waterland met zijn rivieren, plassen en sloten. Meer dan 200.000 voetbalgebieden groot zou het leefgebied van de paling in Nederland kunnen zijn, stelt Ravon, kennisorganisatie voor reptielen, amfibieën en vissen. Maar de helft van dit gebied blijft onbereikbaar voor paling en andere trekvissen. Er zijn te veel obstakels.

De paling zwemt van de Sargassozee voor de oostkust van de Verenigde Staten, waar hij is geboren, naar Nederland. Van zout naar zoet. Maar die ‘intrek’ is al enkele jaren dramatisch laag. Dat komt grotendeels door de vele dammen, sluizen en andere obstakels in rivieren en kanalen, waarschuwde de World Fish Migration Foundation (WFMF) in Groningen al eerder. De populaties trekvissen in Europa zijn in vijftig jaar met 93 procent gekelderd, bleek vorig jaar uit onderzoek van de WFMF samen met het Wereld Natuur Fonds en de Internationale Unie voor Natuurconservatie (IUCN). Nederland is voor deze vissen van groot belang voor toegang tot en aanvoer uit zee.

Bereikbaar maken

Ravon heeft de afgelopen twee jaar in kaart gebracht waar het misgaat: niet alleen in de bredere waterwegen, maar ook in de 300.000 kilometer aan sloten in Nederland. Waterschappen zijn te weinig gericht op het bereikbaar maken van dit leefgebied, stelt Ravon donderdag op een symposium, al zijn er grote verschillen tussen de waterbeheerders onderling.

Vanuit de Kader Richtlijn Water worden wel obstakels opgeruimd, maar dat leidt niet tot ontsluiting van het hele leefgebied. Bij vispassages blijft 75 procent van de palingen achter, wat betekent dat na vier passages nog maar een van elke honderd palingen over is, becijfert Ravon. Ook het Aalbeheerplan, dat in 2009 van kracht werd, helpt onvoldoende. Het richt zich vooral op het uitzetten van in het buitenland gevangen babypaling, het terugdringen van sterfte door visserij en evaluatie van de uittrek van volgroeide paling.

Lees ook:

Een ‘dramatische’ afname van zoetwatervissen door dammen, stuwen, sluizen en vervuiling

Populaties trekkende zoetwatervissen zijn in vijftig jaar met liefst 93 procent afgenomen in Europa. Wereldwijd gebeurde dat met 76 procent. Ook in Nederland is de zwemroute nog vol hindernissen.

De triomfantelijke terugkeer van de zo gewilde trekvis

Het uitzetten van tachtigduizend jonge elften onder de Waalbrug bij Nijmegen vormt het slotstuk van vier jaar internationale samenwerking in de Groen Blauwe Rijn Alliantie. Komt de trekvis terug in de rivier?

Ecoloog: Laat zalm, paling en andere vissen weer vrij voortbewegen

In Europa en dus ook in Nederland houden tienduizenden sluizen, dammen en andere obstakels stroomopwaarts zwemmende vissen onnodig tegen. Snel slopen die handel, zeggen Nederlandse onderzoekers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden