ReportageKorte ketens

Thee uit Brabant? Jazeker, ook tropische producten worden vaker lokaal geteeld

Johan Jansen en Dionne Oomen kweken in Brabant van oorsprong Aziatische theesoorten. Beeld Merlin Daleman
Johan Jansen en Dionne Oomen kweken in Brabant van oorsprong Aziatische theesoorten.Beeld Merlin Daleman

In het Brabantse Zundert probeert theekweker Local Tea op een duurzame manier de Aziatische standaard van goede thee te halen. Korte ketens van lokaal geteeld voedsel beginnen ook voor tropische producten een voorzichtige trend te worden.

Sarah-Mie Luyckx

Noblesse oblige. Johan Jansen (37), oprichter van Local Tea – Nederlands eerste grootschalige lokale theekweker – komt natuurlijk niet aanzetten met een paar kartonnen bekertjes, waarin een karig gevuld zakje een paar rondjes mag draaien. Op het royale houten blad prijken geglazuurde kommetjes – formaatje eierdop – afkomstig uit verschillende werelddelen. Daarin wordt zowel groene als zwarte thee geschonken; met aandacht gezet van brokjes van een hasjachtig ogende klont thee, ofwel pu ehr-cake.

“De zwarte thee smaakt aards; alsof je met je handen door de grond woelt”, verduidelijkt Jansen. “En de groene verfrissend en plantaardig.”

Vooral die laatste is welkom. Het is pas een uur of elf uur in de ochtend, maar de prille lentezon weet de temperatuur in het Zundertse kassencomplex al aardig op te drijven. Daar zit Jansen samen met zijn zaken- en levenspartner Dionne Oomen (31), omringd door 2 miljoen planten, die jaarlijks 10.000 kilo thee opleveren. In het Latijn heet het gewas Camellia sinensis, waarvan Jansen in acht jaar tijd een winterharde soort – geschikt voor het Nederlandse klimaat – wist te kweken door verschillende varianten te kruisen.

null Beeld Merlin Daleman
Beeld Merlin Daleman

Met een verdienstelijk resultaat: in 2018 belandde de groene thee uit Zundert op de vierde plaats van de Tea of The World Contest, waaraan 200 landen meededen, en doorgaans Zuidoost-Aziatische naties er met de trofeeën vandoor gaan.

De meest genuttigde drank ter wereld, na water

De Brabander stamt weliswaar uit een kwekersfamilie, maar dit avontuur was aanvankelijk nooit de bedoeling. Zijn studie bedrijfskunde voerde hem twaalf jaar geleden voor een stageproject naar China, waar hij opnieuw kennis maakte met – na water – de meest genuttigde drank ter wereld. Desondanks weten wij westerlingen er over het algemeen heel weinig van, zegt Jansen.

Ook hij moest destijds leren dat de vier basissoorten – zwart, oolong, groen en wit – allemaal afkomstig zijn van de Camillia sinensis. De plant is eigenlijk een boom, die om het plukken te vergemakkelijken kort wordt gehouden.

Het zijn de manieren van bewerken die het verschil maken. Grofweg worden zwarte thee en oolong geoxideerd. Terwijl bij de groene dat proces de kop wordt ingedrukt door de bladeren meteen te stomen of roosteren, en vervolgens te rollen waardoor de cellen breken en de smaak vrijkomt. Witte daarentegen wordt verhit noch gerold, en volgens een gecontroleerd procedé gedroogd. Zo kunnen in totaal wel zo’n 500 smaaknuances ontstaan. Let wel: zónder toevoeging van smaakstoffen.

We weten niet beter

‘Dramatisch’, noemt de ondernemer de gemiddelde kwaliteit van de thee in de Nederlandse schappen. Zakjes gruis met een ‘uniforme, wrange’ smaak, die verraadt dat de inhoud eveneens verre van vers is. Dat we daarmee genoegen nemen, komt omdat we niet beter weten, leert zijn compagnon. Al sinds de VOC-tijd, in de zeventiende eeuw, wordt ctc (crush, tear, curl) toegepast: een bulkmethode waarbij de halve theeplant met tak en al – in plaats van de toppen die alle geur-, kleur- en smaakstoffen bevatten – door de shredder tot een poederachtige substantie wordt vermalen. Zo gaat het dus al honderden jaren, vermeldt Oomen. Aanvankelijk brachten de VOC-schepen wel hoogwaardige loose leaf-tea vanuit Azië naar Nederland. Maar omdat die in korte tijd enorm populair werd, gingen de prijzen door het dak. Dat deed de private handelsonderneming besluiten een goedkope productiemethode te ontwikkelen, nadat experimenten met plantages op Europese bodem waren mislukt .

Vandaag de dag zijn mede door het ctc-procedé al pakjes thee voor één luttele euro verkrijgbaar. “Vier cent voor een kopje, dat is toch van de zotte!”, roept Jansen in oprechte verontwaardiging uit. “En dan te bedenken dat slechts 2 procent van de totale theeopbrengst naar de boeren gaat. De overige 98 procent belandt in de zakken van de vier multinationals die de totale markt beheersen.”

Een eerlijk en verser product

Wie Local Tea uit Zundert wil drinken betaalt voor een doosje met tien zakjes – goed voor tien kopjes – 3,99 euro. Daarvan kan de prijsbewuste consument mogelijk best even schrikken, begrijpt Jansen. Maar dan heb je wel een eerlijk én verser product. Gekweekt in onverwarmde kassen met een gesloten systeem voor het water en de voedingsstoffen, die dus constant worden hergebruikt. Bovendien komen de blaadjes ‘uit je spreekwoordelijke achtertuin’; ze hoeven geen reis van pakweg 4000 kilometer te maken.

Young Academy, een onafhankelijk platform van jonge wetenschappers van de Universiteit van Amsterdam, heeft doorgerekend welke milieuvoordelen dat biedt. Het onderzoek wees uit dat een kop Local Tea vergeleken met thee van ver 96 procent minder CO2-uitstoot heeft, en 99 procent energie en water bespaart.

Inmiddels zijn drie smaken van het merk – verpakt in biologisch afbreekbare builtjes van maiszetmeel – bij ruim duizend Nederlandse verkooppunten verkrijgbaar, waaronder Plus- en Jumbosupermarkten.

Een euro van de prijs af

Vorig jaar gingen er 2 miljoen pakjes over de toonbank. En voor 2022 mikt Local Tea op liefst 5 miljoen. Door op te schalen kan de prijs van een doosje straks met een euro omlaag, zegt Jansen, die in de opstartfase van zijn bedrijf via crowdfunding 3 ton wist op te halen, en afgelopen jaar werd geholpen door Jaap Korteweg en Nico Koffeman, de oprichters van de Vegetarische Slager.

Momenteel is hij weer op zoek naar nieuwe investeerders om onder andere zijn buitenlands plannen verder te realiseren. Die hebben inmiddels postgevat net over de Belgische grens. In Loenhout, niet ver van Zundert, staan tegenwoordig 60.000 theeplanten, waarvan de oogst verkocht zal worden bij supermarktketens Delhaize en Bioplanet. Daarbij lopen in Frankrijk en Duitsland proeven. ‘Elk land zijn eigen plantage, en lokale thee’, luidt het opgewekte credo van de Brabantse kwekerszoon.

Voorlopig is het nog niet zo ver. Maar dat zijn idealen geen luchtfietserij zijn, daarvan is hij vast overtuigd. Korte ketens – lokaal geteeld voedsel – beginnen ook voor tropische producten een voorzichtige trend te worden: inmiddels zijn in Nederland de eerste bananen en sojabonen van eigen bodem gesignaleerd.

Lees ook:

Graan, dat is veel meer dan veevoer bij boer Verschure

Biologisch melkveehouder Arjen Verschure is graan gaan malen van zijn eigen akkers. De opmaat voor zijn grootse plannen in de Noordoostpolder, waar hét ‘uithangbord voor de landbouw-nieuwe-stijl’ moet komen.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden