null

EssayEconomische groei

Op naar een toekomst zonder economische groei. Maar hoe?

Al in 1972 wilde Nederland toe naar een economie zonder groei. Het kwam er niet van. Nu hebben we geen keuze meer, zegt econoom Paul Schenderling. We moéten af van economische groei. De vraag is alleen: hoe dan?

Paul Schenderling

Laten we een gedachten­experiment doen en teruggaan naar 1972, het jaar waarin de Club van Rome Grenzen aan de groei uitbracht. Dat rapport schudde de wereld wakker: aan de ongebreidelde groei die ze tot dan toe had nagestreefd, zaten grote nadelige consequenties. Het klimaat zou veranderen en de grondstoffen opraken.

Vrijwel alle politieke partijen in Nederland namen die boodschap serieus. PvdA, D66 en de PPR, het linkerblok in de Tweede Kamer, kwamen voor de parlementsverkiezingen aan het einde van dat jaar met een gezamenlijk groen verkiezingsprogramma, ‘Keerpunt 1972’. Vier jaar later, in 1976, publiceerde toenmalig CDA-minister van economische zaken Ruud Lubbers, de latere premier, de Nota inzake de selectieve groei. Hij stelde voor om vervuilde groei, onder meer in delen van de Rotterdamse haven, te beëindigen.

Stel, politici van toen hadden het momentum aangegrepen en het voor elkaar gekregen om deze nieuwe weg in te slaan. Hoe had Nederland er dan anno 2022 uit kunnen zien?

Tekst loopt door onder de foto

Paul Schenderling  Beeld
Paul Schenderling

Paul Schenderling (1988) is econoom en schrijver. Dit essay is gebaseerd op het boek Er is leven na de groei, dat hij schreef met twaalf deskundigen en dat deze week verscheen. Op 22 november is de boekpresentatie in Pakhuis de Zwijger. Meer informatie én een interactieve huishoudtool, die laat zien welke stappen je kunt zetten zijn te vinden op postgroei.nl.

Een van de eerste verschillen die je zou opvallen, is dat mensen bewustere afwegingen maken als ze een aankoop doen. Afwegingen zoals: eet ik vanavond een stukje vlees of doe ik dat in het weekend, als ik er echt van kan genieten?

Je ziet nieuwe vormen van luxe: hoogwaardige, met de hand gemaakte spullen en etentjes in hippe groene restaurants. Want we zijn er al snel achtergekomen dat we alleen grenzen kunnen stellen aan de groei als dat op een eerlijke manier gebeurt.

Btw-verhoging voor vervuilende producten en diensten

Dus is de btw verhoogd, op zo’n manier dat vervuilende producten en diensten duurder worden en schone goedkoper. De belastingen op arbeid zijn juist fors verlaagd. Het gevolg daarvan is dat 90 procent van de inkomens er niet in welvaart op achteruit is gegaan. Zij houden genoeg geld over om de btw-verhoging te kunnen betalen. Alleen de 10 procent hoogste inkomens heeft door deze belastingverschuiving een veertje moeten laten.

De btw-verhoging voor vervuilende producten en diensten heeft álle Nederlanders gestimuleerd om producten te kopen met een lange levensduur. De nieuwe luxes die mensen zich kunnen veroorloven vergen vooral veel vakwerk en minder materialen. Het inhuren van een meubelmaker of reparateur is immers goedkoper en het kopen van materialen juist duurder.

Ondernemers hebben op die enorm gestegen vraag naar kwalitatief betere producten met een lange levensduur ingespeeld door met elkaar te wedijveren wie de meeste waarde kan bieden tegen de minste milieu-impact. Ze zijn gaan pionieren met modulair ontworpen producten, waarvan elk afzonderlijk onderdeel kan worden vervangen. Dus is het niet langer de vaatwasser die kapot is, maar de condensator van de vaatwasser. Die wordt vervangen en niet het hele apparaat. Dit is weliswaar arbeidsintensief, maar arbeid is goedkoop.

null Beeld Colourbox
Beeld Colourbox

In aanschaf zijn producten duurder, maar omdat ze langer meegaan zijn ze juist een stuk betaalbaarder dan niet-modulaire producten. Je kunt hun aanschafprijs immers over hun hele, langere levensduur uitsmeren.

Nederlandse bedrijven, die de thuismarkt goed kennen, hebben een stevige concurrentievoorsprong op buitenlandse branchegenoten opgebouwd. Die voorsprong is nog eens vergroot doordat ze minder belasting betalen op arbeid. De vrees van veel economen, begin jaren zeventig, dat stoppen met groei zou leiden tot algehele verarming, is ongegrond gebleken.

Ook in het straatbeeld zou je verandering zien. Winkels met kwalitatief belabberde kleding en spullen zijn verdwenen. In plaats daarvan zie je nu creatieve kringloop-, repair- en ombouwshops, zoals de kledingbibliotheek. Daar kun je een abonnement nemen op een bepaald aantal kledingstukken die je mag omwisselen als je eens iets anders wilt of als ze afgedragen zijn: duurzamer én leuker.

Nederlanders hebben ontdekt dat de impact van de belastingverschuiving kleiner is en hun welzijn groter, als ze voorzieningen samen organiseren. Daarom is er nu een breed scala aan coöperaties: mobiliteitscoöperaties die samen een wagenpark hebben aangeschaft en dat beheren, en energiecoöperaties die samen hebben geïnvesteerd in zonnepanelen en omvormers of kluscoöperaties, waar je workmates en betonboren kan lenen. De aanschafprijs van al die producten is immers gestegen sinds de btw-verhoging, maar uitgesmeerd over al die ­coöperatieleden komen ze per hoofd lager uit.

Er kwamen niet veel banen meer bij

De opmars van de nieuwe coöperatieve beweging veranderde zowel het leven in de stad als op het platteland. In woonwijken staan naast een basisschool en huisartsenpraktijk wijkdepots, van waaruit coöperaties het delen van allerhande spullen coördineren.

De transitie bracht ook nieuwe problemen met zich mee. Toen het effect van de lagere belasting op arbeid was uitgewerkt, begon de werkgelegenheid langzaam te stabiliseren: er kwamen niet veel nieuwe banen meer bij. En nu de economie niet meer groeide, groeiden ook de overheidsinkomsten niet langer, terwijl de meeste overheidsuitgaven wel bleven stijgen.

Die problemen bleken tijdelijk te zijn. Zo zijn zorg en uitkeringen van oudsher de grootste kostenposten voor de overheid. Dus liet die onderzoeken wat hardnekkige maatschappelijke kwalen als een toenemend aantal arbeidsongeschikten en stijgende zorgkosten nu eigenlijk veroorzaakt. De conclusie: de helft van alle ziekten in Nederland is te karakteriseren als vermijdbare (welvaarts)ziekte, en die groei van de arbeidsongeschiktheid en welvaartsziekten hangt samen met stress en werkdruk. Denk aan hart- en vaatziekten; die kunnen genetisch zijn, maar ook stress-gerelateerd.

Dus sloeg de overheid twee vliegen in een klap door de werkweek te verkorten van 38 naar 32 uur: mensen werken korter, dat verlaagt hun stress en vergroot hun kansen op een gezond leven, terwijl het beschikbare werk over meer mensen kan worden verdeeld. En door het stimuleren van de nieuwe coöperaties slaagt de overheid erin om de werkgelegenheid te herstellen en de kosten voor zorg en arbeidsongeschiktheid te beteugelen.

Er zijn ook zorgcoöperaties ontstaan. Mensen hebben meer vrije tijd, ervaren minder stress en worden minder vaak ziek. Ze besteden hun vrije tijd aan activiteiten waar ze gelukkiger van worden.

null Beeld Colourbox
Beeld Colourbox

Kortom, al heeft de transitie veel van iedereen gevergd, Nederland is na 1972 een gidsland geworden. Al jarenlang komen er internationale delegaties op bezoek om het ‘polderpostgroeimodel’ te bestuderen. En hoewel we een nuchter volkje zijn, heeft al die internationale aandacht wel geholpen om koersvast te blijven en ons nieuwe samenlevingsmodel te perfectioneren.

We weten: het is na 1972 niet zo gelopen. Midden jaren zeventig brak de oliecrisis uit, een paar jaar later gevolgd door een langdurige recessie. Zo ging het momentum voor stoppen met schadelijke economische groei in de jaren tachtig verloren. We kwamen terecht in veertig jaar neoliberale woestijn.

Er is helemaal geen bewijs

Toch is dit niet het einde van het verhaal. Het nieuwe verhaal voor Nederland dat hierboven geschetst is, krijgt nieuw momentum. Het maatschappelijke debat over groei kantelt razendsnel. ‘Twijfel aan economische groei kruipt nu ook de gevestigde orde binnen’, kopte deze krant eind september.

Er zijn twee hoofdoorzaken voor deze razendsnelle kentering. De eerste is dat milieu- en klimaatontwrichting steeds zichtbaarder wordt, dichtbij en ver weg. De tweede is dat een groeiend aantal topwetenschappers weet dat er geen wetenschappelijk bewijs is dat vergroening en groei samengaan – het groenegroei-paradigma – en dat er geen andere keuze is dan economische groei vaarwel te zeggen, willen we onze planeet leefbaar houden. Dus verkennen die topwetenschappers scenario’s zonder groei, net als het klimaatpanel van de VN, het IPCC. Dat is goed nieuws. Laten we, gezien het overweldigende bewijs dat groen en groei niet samengaan, niet te veel tijd meer besteden aan de waarom-vraag. Laten we ons richten op: hoe stoppen we met groeien?

Dat is hard nodig, want stoppen met groei vraagt om een ingrijpende transitie, die vrijwel alle sectoren van de samenleving beïnvloedt, van sociale zekerheid tot landbouw, van zorg tot mobiliteit. Bovendien hebben we, anders dan in 1972, nog maar weinig tijd om een leefbare toekomst op deze aarde veilig te stellen.

De afgelopen anderhalf jaar heb ik met twaalf deskundigen uit elf verschillende politieke partijen over het hele spectrum, van SP tot SGP, grondig nagedacht over deze opgave. Wij vinden dat er niet alleen een sterke inhoudelijke visie moet komen, maar ook een breed gedragen perspectief, een toekomstvisie die ook mensen met een smalle beurs vervult met hoop en niet met de vrees ‘oh nee hè, dat kan ik niet betalen’.

Het feit dat het gelukt is om met mensen met heel verschillende politieke opvattingen tot een gezamenlijke visie voor Nederland te komen, stemt hoopvol. We hebben ons ten doel gesteld om een ambitieus, wetenschappelijk gefundeerd, sociaal en realistisch verhaal te maken. En waardengedreven: een einde aan de groei is geen doel op zich, maar bedoeld om de biodiversiteit veilig te stellen en om meer te delen met mensen dichterbij de evenaar, om maar enkele waarden te noemen.

De kern is een verschuiving van kwantitatieve groei (consumptie- en bbp-groei) naar kwalitatieve groei (groei van levensgeluk). Die verschuiving noemen we postgroei, wat letterlijk betekent: het tijdperk na de groei. Een tijdperk waarin, anders dan sommigen denken, niet alles minder wordt, maar juist veel nieuwe mogelijkheden ontstaan.

Het verschil in milieu-impact van een toekomst met en zonder groei is enorm. Onze doorrekeningen, gebaseerd op het werk van ecologisch economen Simone D’Alessandro, Tim Jackson en Jacques Brien, bewijzen dit: in de komende vier decennia gaat het opgeteld om zo’n 40 procent verschil in CO2-uitstoot en meer dan 30 procent in materiaalverbruik.

Laten we de broodnodige transitie dus alsnog inzetten! Landelijke beleidsmakers moeten zich richten op twee opgaven: een forse belastingverschuiving van arbeid naar consumptie en vergroting van de bestaans­zekerheid, zodat de transitie eerlijk uitpakt voor iedereen, ook de Nederlanders die in grote sociaaleconomische onzekerheid leven.

Stel elke nieuwe aankoop die je wilt doen eens een maand uit

Kun je niet wachten op het nieuwe tijdperk en wil je alvast beginnen? Stel elke nieuwe aankoop die je wilt doen eens een maand uit. Gebruik die tijd om zorgvuldig te overwegen: heb ik dit echt nodig? In veel gevallen zal blijken dat de oorspronkelijke behoefte is weggeëbd en dat je prima zonder kunt. Onderzoek voor echt noodzakelijke aankopen welk product eerlijk en duurzaam geproduceerd is en een lange levensduur heeft en kies daarvoor, ook al is het in aanschaf iets duurder. Op de lange termijn ben je goedkoper uit.

Door die besparingen heb je na enkele jaren 10 tot 20 procent minder geld nodig voor een vergelijkbare levensstandaard, zo blijkt uit de interactieve huishoudtool die we bouwden. Bijkomend voordeel: je hoeft dus minder te werken. Zo krijg je meer vrije tijd, zul je minder stress ervaren, word je gezonder en neemt je levensvreugde toe.

Niets is zo krachtig als een idee waarvoor de tijd gekomen is, zei de Franse schrijver Victor Hugo. In de 20ste eeuw was de tijd gekomen om de sociale kwestie op te lossen, door de invoering van een progressieve inkomstenbelasting en de opbouw van de verzorgingsstaat. Eindelijk was de sociale correctie op het kapitalisme doorgevoerd.

In de 21ste eeuw is de tijd gekomen voor de ecologische correctie op het kapitalisme. Ook in onze tijd speelt een belastingmaatregel hierbij een sleutelrol: een forse belastingverschuiving van arbeid naar consumptie. Nederland kan tot de pioniers behoren. Laten we alles op alles zetten om deze missie samen te volbrengen, want: er is leven na de groei!

Lees ook:

Jaap Tielbeke herlas het Club van Rome-rapport. ‘Ik dacht, nu ga ik lezen hoe de wereld ten einde komt’

Vijftig jaar geleden verscheen het roemruchte De grenzen aan de groei van de Club van Rome. Wat stond er precies in dat rapport en wat is er sindsdien met die boodschap gedaan? Jaap Tielbeke, klimaatjournalist, zocht het uit.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden