Jelle's WeekdierDiadeem zee-egel

Hoe een zieke zee-egel ook slecht is voor het koraal

Jelle Reumer

In de ecologie hangt alles met alles samen. De ondergang of het succes van de ene soort heeft gevolg voor dat van een andere soort. Een bekend voorbeeld is de herintroductie van wolven in Yellowstone Park in de Verenigde Staten. Toen de roofdieren er weer leefden, leidde dat tot een voorspelbare vermindering van het aantal grazers, voornamelijk herten. Doordat er minder werd gegraasd, herstelde de vegetatie, vond er vervolgens minder erosie plaats, waardoor er minder sediment in de rivieren terechtkwam en zelfs de morfologie van de rivieren veranderde. Er trad dus een cascade aan effecten op.

Iets dergelijks zie je bij koraalriffen. Zo zijn in de Caribische zee de koraalriffen voor hun langetermijnbestaan afhankelijk van grazende zee-egels. Het gaat om een stekelhuidige met de fraaie naam Diadema antillarum. Die stekelbeesten eten algen die een concurrent voor de koralen zijn, dus simpel gesteld: minder zee-egels is lastiger voor het koraal. Maar de zee-egels hebben een probleem. Meer dan tachtig wetenschappers waren vorige week fysiek en online aanwezig bij een conferentie over het herstel van de zee-egelpopulatie bij het Nederlandse eiland Saba.

Een levend speldenkussen

Zee-egels behoren tot de stekelhuidigen of Echinodermata (van echinos – stekel en derma – huid). Hiertoe rekenen we ook de zeesterren, slangsterren, zeelelies en zeekomkommers. Het zijn dieren die een eigenaardige vijftallige symmetrie vertonen – zeesterren bijvoorbeeld hebben vrijwel altijd vijf armen. Zee-egels zien er meestal uit als een bal van kalkplaatjes waaruit stekels of stekeltjes steken. De stekels van de diadeem zee-egel zijn lang en dun. Het is een levend speldenkussen.

Een gemiddelde egel ziet er nogal ongenaakbaar uit, maar ook zij kunnen last hebben van een pandemie. De Caribische diademen lijden onder een nare ziekte die wordt veroorzaakt door een bacterie die zich via het water kan verspreiden. Begin februari waren de zee-egels bij het eiland St. Thomas (een van de Maagdeneilanden) aangetast, en al snel verspreidde de ziekte zich in zuidwaartse richting, in maart waren onder andere St. John, St. Eustatius, Saba, St. Maarten en St. Barth bereikt (grappig trouwens hoeveel Caribische eilanden naar heiligen zijn vernoemd). De verspreiding gaat waarschijnlijk via ballastwater of buiswater, wat blijkt uit het feit dat de plaag zich tegen zeestromen in uitbreidt.

Binnen twee dagen zijn de meeste dieren dood

De ziekte beperkt zich gelukkig tot Diadema; andere zee-egelsoorten hebben er geen last van. De infectie tast de opperhuid aan, stekels breken af en er ontstaat een ring ontstoken slijm rond de afgebroken stekelstompjes. Binnen twee dagen zijn de meeste dieren dood. Het is dramatisch, niet alleen voor de toeristenindustrie maar vooral voor de koraalriffen. En het is niet de eerste keer: ook halverwege de jaren tachtig raasde een infectie door de Caribische zee-egelpopulatie die bijna alle dieren deed sterven.

Dat beeld lijkt zich nu dus te herhalen. Onderzoekers trachten nu te achterhalen wat het pathogeen precies is en of antibiotica helpen (maar ja, je kunt moeilijk de hele Caribische Zee van penicilline voorzien) en roepen op om zoveel mogelijk zieke Diadema’s te verzamelen. Uiteindelijk gaat het niet alleen om het redden van de elegante speldenkussens, maar om het hele bedreigde ecosysteem.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden