Vogelliefhebber Marc Dijksterhuis: ‘Eigenlijk is het een soort verslaving’.  Beeld Koen Verheijden
Vogelliefhebber Marc Dijksterhuis: ‘Eigenlijk is het een soort verslaving’.Beeld Koen Verheijden

InterviewNatuurliefhebbers

Gefascineerd door vogels, paddenstoelen of vlinders: de hobbyist met een schat aan kennis

Ons land is rijk aan gepassioneerde natuurliefhebbers. Ze schreven geen boek of proefschrift, wél staan ze wekelijks, soms dagelijks, in het veld. Een kijkje achter de schermen, nu de vogeltrek en het paddenstoelenseizoen staan te beginnen en de vlinderzomer erop zit.

Louël de Jong

TREKVOGELS

Marc Dijksterhuis is zo’n drie keer per week te vinden op Telpost Hazewater in het midden van het land. Vooral in de herfst, als de grote vogeltrek plaatsvindt, is de opwinding groot.

“We hebben allerlei afkortingen: een huiszwaluw is een ‘huisje’, een veldleeuwerik een ‘veldje’, een blauwe reiger een ‘blar’. Om vogels te tellen sta ik altijd op een mooie, open plek op Landgoed Den Treek. Meestal samen met andere liefhebbers. Soms ben ik er om zeven uur ’s ochtends als de wereld nog slaapt. In de herfst hangt de nevel dan over de hei, de eerste vogels vliegen over. Prachtig.”

“Toch is vogeltellen minder zen dan het nu klinkt. Het brengt me niet altijd rust. Het is intensief, zeker in deze tijd van het jaar, en in de lente, als de vogeltrek plaatsvindt. Dan is het kijken, luisteren, turen door verrekijker en telescoop en tellen. Gegevens invoeren op trektellen.nl zodat die bij Sovon terechtkomen (vereniging die de aantallen en verspreiding van vogels onderzoekt, red). Timing is het sleutelwoord.

“In oktober vliegen dagelijks gerust een paar duizend vogels langs deze telpost, op superdagen zijn dat er dertigduizend of meer. Wanneer ‘het grote moment’ is, blijft altijd een beetje een gok. Dat is ook de spanning. Maar mijn vrouw heeft een ‘vogeltaks’ ingevoerd. Dan loop ik niet meer de tuin in om tussendoor vogels te kijken en stap ik niet op mijn fiets om nog even te gaan tellen. Dan ben ik er voor mijn gezin.

“Toen de kinderen klein waren nam ik ze altijd, goed ingepakt, mee in de kinderwagen naar de telpost. Weer of geen weer. Met deze hobby krijg je trouwens ook meer verstand van het weer. Dat speelt een grote rol. Kort gezegd: bij regen wachten de vogels en ook wind is cruciaal. Zo verschuift door een oostenwind de trekbaan van roofvogels meer naar Nederland en zien we hogere aantallen.

“Wat trektellen zo mooi maakt is het onverwachte: je kunt zeldzame soorten zien, zoals eens een alpengierzwaluw, of in één keer een grote groep – kraanvogels bijvoorbeeld. En je ziet een stukje van een lange reis. Zo weet je van de grauwe kiekendief zeker dat hij onderweg is naar Afrika.

“Ik doe dit nu tien jaar en raak niet uitgekeken. Van jongs af aan heb ik interesse voor de natuur, maar toen iemand mij eens wees op de diversiteit aan vogels op en rond het water – grutto, snor, watersnip, baardman – raakte ik gefascineerd. Op kantoor – ik werk in de marketing – kijk ik met grote regelmaat verlangend naar buiten.

“In deze periode ga ik dan ook steevast twee weekenden naar de Waddeneilanden om te tellen, dan sta ik ’s morgens al tandenpoetsend in de deuropening om te luisteren. Eigenlijk is het een soort verslaving. Je wordt je bewust van iets heel wezenlijks. Vergelijk het met snorkelen, waarbij je ontdekt dat er onder water nog een hele wereld bestaat. In de lucht is dat net zo.”

Wil Schonewille is gek van paddenstoelen: ‘Wat mij het meest intrigeert aan de natuur is dat alles met elkaar samenhangt’.
 Beeld Koen Verheijden
Wil Schonewille is gek van paddenstoelen: ‘Wat mij het meest intrigeert aan de natuur is dat alles met elkaar samenhangt’.Beeld Koen Verheijden

PADDENSTOELEN

Wil Schonewille is elke dag in de natuur te vinden, om steeds weer te ontdekken hoe alles met elkaar samenhangt. Paddenstoelen zijn een verhaal apart, daarvoor gaat het spiegeltje mee.

“Ik eet ze nooit. Laat die paddenstoelen maar lekker staan, vind ik. Elk dag loop ik in het park bij mijn huis, met ook een oud bosgedeelte. In dit jaargetijde zoek ik de plekken waar de vliegenzwam meestal staat. En ja hoor, dan zie ik de bolling van het hoedje op een dag verschijnen en staat er even later een prachtige paddenstoel. Bijzonder, steeds weer.

“De vliegenzwam, rood met witte stippen, die van kabouter Spillebeen, spreekt natuurlijk tot de verbeelding. In de paddenstoelenexcursies die ik begeleid voor IVN, Instituut voor natuureducatie, willen mensen die altijd zien, anders is de rondgang niet compleet.

“Paddenstoelen hebben ook de meest fantastische namen: elfenbankje, eekhoorntjesbrood, parasolzwam, taailingen, zadelzwam, judasoren. De meeste lijken op hun naam, hoewel taailingen ook juist fragiel zijn. Dit zijn de Nederlandse namen, niet de wetenschappelijke, maar voor ons amateurs beter te onthouden.

“Loep en spiegeltje gaan mee om onder de hoed te zien of de sporen in plaatjes – een soort lamellen – of gaatjes zitten. Een paddenstoel is het vruchtlichaam van een zwamvlok, een schimmel met een netwerk van draden die meestal onder de grond zit. Wat mij het meest intrigeert aan de natuur is dat alles met elkaar samenhangt. De paddenstoel is een mooi voorbeeld daarvan.

“In de herfst maken bomen zich klaar voor de winter: bladeren vallen af, voedingsstoffen worden opgeslagen in de wortels. Ondergrondse schimmels, ook wel het wood wide web genoemd, kunnen hier mooi gebruik van maken en voeden zich aan deze rijke bron. Zo kunnen paddenstoelen dus groeien en kan de schimmel zich – via sporen – voortplanten. De natuur bestaat alleen maar uit dit soort verbanden.

“Voor mijn natuurgidsenopleiding moest ik een maand lang elke dag mijn omgeving observeren. Wat staat in bloei? Hoe ruikt het? Wat voor weer is het? Dat heeft me bewuster gemaakt van wat er allemaal gebeurt én hoe snel we daaraan voorbijlopen. Eeuwig zonde!

“Ik werkte in de gezondheidszorg en ging tijdens de lunch altijd naar buiten. Collega’s begrepen daar niks van, zo’n saai bedrijventerrein, maar ik zag puttertjes op uitgebloeide distels en mooi bloeiend onkruid. Tegenwoordig wandel ik wekelijks met een groepje geïnteresseerden – ‘opmerkzaam wandelen’ heet dat – en kijken we wat het seizoen allemaal te bieden heeft.

“Mijn ouders en grootouders waren ook natuurliefhebbers. Mijn oma maakte spijs van geperste beukennootjes, een lekkernij tijdens Sinterklaas. Die eenvoud en tegelijk rijkdom van de natuur, daar word ik blij van. Tere en magische paddenstoelen zijn daar een prachtig voorbeeld van.”

Hans van Zummeren: ‘Van de 75 soorten dagvlinders die in Nederland voorkomen, heb ik er 70 gezien’.
 Beeld Koen Verheijden
Hans van Zummeren: ‘Van de 75 soorten dagvlinders die in Nederland voorkomen, heb ik er 70 gezien’.Beeld Koen Verheijden

VLINDERS

Hans van Zummeren houdt van alles wat voor de camera langsvliegt. De laatste vijf jaar ligt de focus op vlinders. Waarschuwing: een mooie rups hoeft nog geen mooie vlinder te worden.

“Tot mijn pensioen werkte ik bij Shell. Voor die baan moest ik nogal eens op reis, naar booreilanden, maar ook naar Groningen en Drenthe. Daar ging ik na werktijd altijd struinen: verrekijker en camera mee en de natuur in. Ik was toen vogelaar, als kind had ik al een vogelgids, en al turend ontdek je meer. Je gaat nauwlettender kijken.

“Met de camera die ik heb draag je een soort microscoop met je mee, waardoor allerlei prachtige en wonderlijke details zichtbaar worden. Zo raakte ik gefascineerd door vlinders en libellen. Voor een aantal soorten was dit een goede zomer. Veel heivlinders heb ik gezien en relatief erg veel kommavlinders. Icarusblauwtjes waren er zelfs nog volop in september, terwijl het dan toch meestal afgelopen is.

“Maar over het algemeen kun je zeggen dat het aantal vlinders in Nederland vermindert door het verdwijnen van een geschikte leefomgeving. Ook rukken door klimaatverandering Zuid-Europese soorten op naar het noorden. Meerdere keren per jaar rijd ik dan ook met mijn ‘vlindergroepje’ in de auto naar Limburg. Dat zijn mooie dagen waarop we op zoek gaan naar specifieke doelsoorten zoals de zeldzame braamparelmoervlinder.

“In Nederland komen zo’n 75 soorten dagvlinders voor, daarvan heb ik er 70 gezien. Ze fladderen niet altijd van bloem naar bloem trouwens. De grote weerschijnvlinder wordt meer aangetrokken door kadavers en uitwerpselen. Ook van een zweetluchtje is hij niet vies en met een stukje stinkende kaas kun je hem lokken.

“Als onderdeel van mijn werk als vrijwilliger bij Park De Hoge Veluwe tel ik in de zomermaanden wekelijks vlindersoorten op een vaste route. De resultaten worden gedeeld met de vlinderstichting voor de statistieken. Actuele waarnemingen uit het hele land worden bijgehouden op telmee.nl en waarneming.nl, door en voor liefhebbers. Zo weten we precies waar bepaalde soorten actief zijn. En kan het zijn dat ik ineens op de fiets spring richting zo’n plek.

“Het is een mooi tijdverdrijf. Toen mijn kinderen klein waren gingen we op vakantie vaak ‘op expeditie’. Dan wees ik een plek aan in de verte: ‘Dáár gaan we heen’. En dan in rechte lijn ernaartoe hè, niet over de paden maar door de struiken. Zo zagen we allerlei insecten.

“Mooie foto’s scoren is voor mij ook belangrijk. Inmiddels heb ik een database met duizenden foto’s. De mooiste verstuur ik in een maandelijkse nieuwsbrief, met beschrijvingen erbij. Op die mailinglist staan zo’n vijfhonderd geïnteresseerden, waaronder een basisschooljuf die de vlinders met haar klas bekijkt. Dat vind ik mooi, zo raken kinderen geïnteresseerd. Wat mensen ook moeten weten: een mooie rups hoeft geen mooie vlinder te worden en anderzijds kan een kleurloze rups transformeren in een prachtige vlinder.”

Lees ook:

Natuurliefhebber Dick de Vos schreef een ode aan de nachtegaal. ‘Hun volume is ongekend’

Literatuurwetenschapper en natuurliefhebber Dick de Vos schreef een ode aan de nachtegaal. Niet zozeer om zijn uiterlijk als wel om zijn zang. ‘Een nachtegalenman kan in het pikkedonker een vrouw uit de lucht zingen!’

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden