Purperslak met kleurbanden.
 Beeld
Purperslak met kleurbanden.Beeld

Jelle's WeekdierPurperslak

De purperslak was de kanarie in de kolenmijn

Jelle Reumer

Er zijn diersoorten die op zodanige wijze reageren op een verandering in hun leefomgeving, dat ze worden gebruikt als indicator voor als er iets misgaat of dreigt te gaan. Het bekendste en zelfs spreekwoordelijk geworden voorbeeld van zo’n indicatorsoort was de kanarie in de kolenmijn. Gewoon een vogeltje in een kooitje dat van zijn stokje tuimelde wanneer het gehalte aan koolmonoxide in de mijn te hoog werd. Op dat moment hadden de mijnwerkers nog tijd om heelhuids de mijn te verlaten (bij voorkeur onder medeneming van het vogeltje).

Maar er zijn meer indicatorsoorten, en een ervan is de purperslak, Nucella lapillus. Het is een in zee levende slakkensoort die een mooi, dikwandige slakkenhuis vormt dat gemeten van de top tot de onderkant van de mondrand maximaal 5 centimeter hoog wordt. De kleur van het slakkenhuis is variabel, meestal lichtgrijs maar er zijn veel variaties mogelijk, zoals gele, bruine, bijna zwarte, en soms zelfs groene, blauwe of roze huisjes. Of huisjes die zijn voorzien van een bandenpatroon.

Het zijn roofslakken die leven van vastzittende prooi, vooral zeepokken en (jonge) mosselen. Purperslakken kunnen een gaatje boren in de schelp van een mosselachtige; ze beschikken daartoe over een raspachtig orgaan, de radula. Zodra het gaatje is geboord, worden verdovingssappen en enzymen in de argeloze schelp geïnjecteerd die daarna oplost tot een soort soepje dat door de purperslak met behulp van een slurfje wordt opgeslurpt. Van nature komen de slakken voor langs de kusten aan beide zijden van de noordelijke Atlantische Oceaan, bij voorkeur op hard substraat waar hun favoriete prooidieren ruimschoots aanwezig zijn.

TBT bleek funest voor de puperslak

Dat purperslakken zo heten, komt doordat er uit deze en aanverwante slakkensoorten al in de oudheid een purperen kleurstof werd gewonnen waarmee textiel kon worden geverfd. Maar dat heeft nooit wezenlijk tot hun teruggang geleid. Gif wel. Het ging al lang slecht met de purperslakken in de wateren rond de Noordzee, in België waren ze zelfs helemaal verdwenen. De oorzaak van de achteruitgang bleek de toepassing van een gifstof in verf die bedoeld was om aangroei van zeepokken en ander zeefruit aan scheepsrompen te voorkomen. Dergelijke aangroei vermindert de stroomlijn van een schip, waardoor de snelheid afneemt en er meer brandstof nodig is – en dat kost geld.

Schepen werden daarom behandeld met een tinhoudende verf, waarin de stof tributyltinhydride (TBT) zit. En dat TBT is funest gebleken voor de purperslak, die juist precies de prooidieren die met de TBT worden bestreden als maaltijd prefereert. Het stofje heeft al in lage concentraties een bijzondere uitwerking op de slakken: het leidt tot wat imposex wordt genoemd, het verschijnsel waarbij vrouwelijke slakken mannelijke geslachtskenmerken ontwikkelen, inclusief een penis. Bijgevolg raakt de voortplanting verstoord en gaat de populatie achteruit.

Maar gelukkig gaat het nu langzaam beter. De toepassing van TBT is nu in Europa verboden, en als resultaat daarvan herstelt de purperslakkenpopulatie zich weer. In de Oosterschelde schijnt de populatieomvang weer op 70 procent van de oorspronkelijke grootte te zijn aangeland, zo meldde het CBS. De kanarie heeft zijn werk gedaan, TBT is verboden.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden