Het karkas van een vinvis is aangespoeld op het strand bij het Zeeuwse Westkapelle.

Jelles weekdierVinvis

De gewone vinvis is eigenlijk heel bijzonder

Het karkas van een vinvis is aangespoeld op het strand bij het Zeeuwse Westkapelle.Beeld ANP
Jelle Reumer

Onlangs stond een nogal bizar opiniestuk in deze krant over het bewust consumeren van vis naar aanleiding van de Bewuste Visweek, een zeer lovenswaardig initiatief. Het betoog over visconsumptie begon met overpeinzingen over twee diergroepen die weliswaar ‘vis’ heten maar dat toch echt niet zijn. Er werd gesproken over de intelligentie van dolfijnen en het voedingsgedrag van walvissen.

Ik neem aan dat het stuk niet gericht was op de hopelijk zeldzame Japanner die nog wel een stukje walvisvlees wil nuttigen, maar bestemd was voor de klanten van de viskraam op de zaterdagmarkt. Bij mijn eigen favoriete vishandel heb ik nog nooit een stukje dolfijnsteak of walvisvlees gezien, zelfs geen varkenvis (oftewel bruinvis) die vroeger nog wel werd geconsumeerd. Het idee alleen al!

Wie toch nog de onbedwingbare behoefte zou hebben om af en toe walvis te proeven en daar van af wil, kon deze week terecht in het Zeeuwse Westkapelle. Daar was een gewone vinvis aangespoeld. Het in verregaande staat van ontbinding verkerende karkas was al eerder voor de Belgische kust gespot; men berichtte dat daar een 20 meter lange dode walvis ronddreef.

Gevaar voor de scheepvaart

Zo’n enorm drijflijk kan een gevaar voor de scheepvaart opleveren, maar voordat men hem kon wegslepen, was hij uit zicht verdwenen. Kort daarna spoelde het dier aan op het strand van Westkapelle. Hij bleek ‘slechts’ 14 meter lang. Men vermoedt dat hij vanuit de Golf van Biskaje is komen aandrijven; in de Noordzee hoort een vinvis niet thuis, daar is simpelweg niet voldoende voedsel aanwezig voor deze enorme slokops.

Vinvissen eten door een enorme bel water van wel een paar kubieke meter met daarin rondzwemmende garnalen (het zogenoemde krill) of een school visjes in de bek te nemen en door de baleinen naar buiten te filteren. Het krioelende voedsel blijft daarbij in de bek achter om te worden doorgeslikt.

De gewone vinvis (Balaenoptera physalus) is de op een na grootste diersoort die momenteel leeft. Ze bereiken een lengte van maximaal zo’n 25 à 26 meter en moeten alleen de blauwe vinvis (Balaenoptera musculus) voor zich dulden – die kan bijna 30 meter lang worden. Ondanks deze enorme omvang zijn het uiterst gracieuze dieren, die dankzij de wet van Archimedes in het water bijna gewichtloos zijn.

Torpedo

Vinvissen bezitten een fraaie torpedovorm; zeker wanneer je ze van boven bekijkt, hebben ze vrijwel dezelfde ranke vorm als een jacht uit de Volvo Ocean Race. Zo’n zeiljacht kan een op volle snelheid cruisende vinvis overigens niet bijhouden.

Het dier dat in Zeeland aanspoelde, was al ver heen. Toen het karkas nog ronddreef, was hij als een ballon opgeblazen door rottingsgassen. Op het strand was hij alweer leeggelopen, gelukkig maar, want een ontploffende walvis (er zijn filmpjes van op internet te vinden, ook van walvislijken die met dynamiet en desastreuze gevolgen werden opgeruimd) is geen pretje.

De stank van een dode walvis is overweldigend. Het moet ook in Westkapelle flink gemeurd hebben, genoeg om iemand voor de rest van het leven te weerhouden van het eten van walvisvlees, zeker tijdens de Bewuste Visweek.

Jelle Reumer is paleontoloog. Voor Trouw bespreekt hij iedere week een dier dat het nieuws haalt.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden