Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Zo houden we de oorlog op afstand

Democratie

Leonie Breebaart

'Guernica'. De kopie van dit schilderij van Picasso in het VN-gebouw in New York moest worden afgedekt toen de VS daar in 2003 de oorlog aan Irak verklaarden. © Hollandse Hoogte / Sime s.r.l.

Hoe verander je mensen in vijanden, die je mag bombarderen? Die ongemakkelijke vraag onderzoekt de Brits-Canadese denker Derek Gregory. Donderdag spreekt hij over de mechanismes waardoor het verschil tussen 'ons hier' en 'zij daar' tot stand komt.

We zien afgerukte ledematen, vlammen, een schreeuwende vrouw met een dode baby in haar armen. 'Guernica' van Picasso, geschilderd naar aanleiding van het bombardement op de gelijknamige stad in de Spaanse Burgeroorlog, geldt wereldwijd als dé aanklacht tegen het brute geweld van bommenregens uit de lucht. Sinds 1985 hangt een kopie ervan, in tapijtvorm, in het gebouw van de Verenigde Naties in New York. Maar toen de Amerikaanse minister Colin Powell op 5 februari in 2003 in datzelfde gebouw voor draaiende camera's aankondigde dat de Verenigde Staten Irak zouden binnenvallen, bleek er opeens een blauw doek overheen gehangen, alsof de wereld niet herinnerd mocht worden aan de pijn, dood en paniek die bommen veroorzaken.

Lees verder na de advertentie

Lastige vragen

Dat beeld gebruikt Derek Gregory graag. De 66-jarige Brits-Canadese historisch geograaf, publicist en denker Derek Gregory, spreekt donderdag in Nijmegen over het thema 'Oorlog op afstand: het moderne slagveld'. Want dat is wat hij onderzoekt: welke strategieën we gebruiken om oorlog, de slachtoffers daarvan vooral, op afstand te houden. Binnen zijn vakgebied, de geografie van het conflict, geldt Gregory als de absolute top, reden waarom de Radboud Universiteit hem een tweejarige aanstelling als gasthoogleraar heeft aangeboden.

Eén van de strategieën is om te doen alsof in het vijandelijk gebied hoegenaamd geen herkenbare mensen wonen

De lastige vragen die Gregory oproept, zetten ook leken aan het denken. Neem de oorlog in het Midden-Oosten, is dat onze oorlog? Waarom voelt Raqqa dan zo ver weg? Of zijn we in oorlog met het terrorisme?

Nederlanders hebben vaak het gevoel dat oorlog iets vreemds is - iets van verre landen of van het verleden. Maar door de dreiging van aanslagen vervaagt de grens: er heerst, om met Gregory te spreken, een 'overaloorlog'. Wij leven in vrede, maar we wennen aan de goed-kwaad-mechanismes die we kennen uit oorlogstijd. Een terrorist is bijvoorbeeld echt een vijand, iemand die je volgens de meeste mensen mag doodschieten; bij een 'gewone' crimineel ligt dat anders. Het interessante aan Derek Gregory is, dat hij zulke mechanismes naar boven haalt: wie hoort bij ons en wie bij hún en hoe komen zulke verschillen tot stand?

De Engelsman Derek Gregory (1951) was oorspronkelijk werkzaam in Cambridge, waar hij de industrialisatie in Groot-Brittannië onderzocht, maar raakte na zijn verhuizing naar het Canadese Vancouver geïnteresseerd in kolonialisme, vooral naar de manier waarop het Westen het Oosten in de loop der tijd heeft bekeken. Na 9/11 startte hij het project 'Killing Space', waarin hij onderzoekt hoe de Amerikaanse bombardementen op respectievelijk Hitler-Duitsland, Zuid-Oost Azië en het Midden-Oosten aan het thuisfront werden gepresenteerd. Hoe rechtvaardigden de Verenigde Staten en hun bondgenoten het vernietigen van steden als Dresden, Saigon en Bagdad?

Mensen zoals u en ik

Eén van de strategieën, stelt Gregory, is om te doen alsof in het vijandelijk gebied hoegenaamd geen herkenbare mensen wonen. De doelen die geraakt worden, zijn voertuigen, bruggen en wegen, het terrein is 'op magische wijze ontdaan van menselijke wezens'. De vreemde stad is een 'doel', een anoniem target. "Hún mensen, hún wijken, hún gewone alledaagse levens worden buiten zicht gehouden", schrijft Gregory.

'Had Bush het Amerikaanse volk meegekregen, als de bewoners van Bagdad nog voor de inval waren neergezet als mensen zoals u en ik?'

Als voorbeeld van hoe de media dat spel soms meespelen, noemt hij Irak. Vlak nadat de VS dat land waren binnengevallen publiceerden Amerikaanse media een grote hoeveelheid kaarten, waarop Bagdad teruggebracht was tot een serie 'doelen'. In sommige online-versies, kon je er met je muis overheen scrollen, en de explosies zien opvlammen. Pas nadat Saddam Hoessein was verslagen, kwamen andere kaarten boven tafel. Time Magazine liet zien dat Bagdad ongeveer even groot was als de stad Columbus in Ohio. "De Irakese hoofdstad bleek bij nader inzien een mozaïek van verschillende buurten, waarin niet alleen tirannen en terroristen woonden, maar ook ingenieurs, winkeliers en schoolkinderen: mensen zoals jij en ik. Had Bush het Amerikaanse volk meegekregen, als de bewoners van Bagdad nog voor de inval waren neergezet als mensen zoals u en ik?"

Een andere constante in het rechtvaardigen van bombardementen, is volgens Derek Gregory de suggestie dat het bij een luchtoorlog - anders dan bij terrorisme - gaat om een relatief humane militaire techniek, die er niet op gericht is om angst te zaaien, maar om vrede en ordeherstel te bespoedigen. Historisch, beter gezegd geografisch-historisch gezien, ligt het ingewikkelder: bombardementen zijn volgens Gregory juist altijd ingezet om angst te zaaien.

Het eerste bombardement vanuit een vliegtuig, schrijft hij, was eigenlijk een experiment. In de oorlog tegen het Ottomaanse rijk (1911-1912) liet de Italiaanse piloot Giulio Gavotti een stel granaten los bij een kampement nabij Tripoli. Die hadden, aldus een Italiaans bericht, "een geweldig effect op de moreel van de Arabieren". Luchtoorlog werkte intimiderend.

Als koloniale macht bombardeerde Engeland na de Eerste Wereldoorlog dorpen in India, Egypte en Ethiopië, later ook in Afghanistan, Soedan, Iran en Somalië. Maar pas in 1937, met het Duits-Italiaanse bombardement op de drukbezochte markt in het Noord-Spaanse Guernica, drong tot het Europees publiek door welke menselijke ellende een bommenregen op de grond veroorzaakt. Journalisten ontstaken in woede. Picasso begon aan zijn Guernica.

Maar die moest dus afgedekt worden in 2003, toen Bush de oorlog verklaarde aan Irak. Inmiddels, schrijft Gregory, hebben militairen nog weer andere strategieën verzonnen om afstand te scheppen tussen 'ons' en 'hun'. Eén militaire strategie is die van de drones, die bediend worden vanuit Amerikaanse kantoortjes, waardoor de afstand tussen piloot en doel nog groter werd.

'Afstand houden kan een heel begrijpelijke vorm van zelf­be­scher­ming zijn, maar het kan ook onbedoelde gevolgen hebben'

Vluchtelingen

Triest, zou je kunnen tegenwerpen, maar wie zich begeeft in een oorlog, móet de vijand tot op zekere hoogte ontmenselijken. Met medelijden valt een oorlog niet te winnen. Dat tegenargument vindt begrip bij Gregory's Nijmeegse collega Huib Ernste. De vraag is steeds hoeveel begrip we ons kunnen veroorloven. Maar volgens Ernste wil zijn Canadese collega niemand de les lezen. "Ik denk niet dat hij een idealist is, hij doet geen moreel appèl. Gregory wil vooral de mechanismes zichtbaar maken, waardoor het verschil tussen 'ons hier' en 'zij daar' tot stand komt. Hij is er van overtuigd dat we die niet herkennen, waardoor we blijven hangen in een weinig constructief zwart-witdenken."

Wel zou Ernste zijn gast uit Vancouver donderdag willen vragen om zijn theorie ook eens te betrekken op vredessituaties, want die roepen voor Nederlanders minstens zulke urgente vragen op. Hoe zit het bijvoorbeeld met Groningen - is dat vanuit Den Haag ook niet gezien als een soort ver koloniaal wingewest, waaruit het menselijk drama is weggedacht? Ontbrak het in Den Haag ook niet aan de emotionele verbeeldingskracht die volgens Gregory uit het afstandelijke generaalsjargon is weggefilterd?

En hoe zit het met de vluchtelingen die hier binnenkomen? Moeten we afstand houden of juist niet? "Hier op de universiteit hadden we een programma waaraan vluchtelingen konden meedoen", vertelt Ernste, "maar dat werd al snel weer afgeblazen, omdat de vluchtelingen telkens moesten verhuizen. Dat is overheidsbeleid: zolang ze geen verblijfsvergunning hebben, moeten ze zich niet gaan hechten. Pas als ze een verblijfsstatus hebben, mogen ze integreren, maar dan is het vaak al te laat. Daar gaat het debat dus ook over. Missen we misschien oplossingen als we anderen alleen vanuit de verte bekijken - vanaf een scherm of uit de krant? Afstand houden kan een heel begrijpelijke vorm van zelfbescherming zijn, maar het kan ook onbedoelde gevolgen hebben."

Lezing

Op donderdag 7 september spreekt Derek Gregory in Nijmegen over 'War at a Distance: The Modern Battlefield'. De lezing, gehouden in het Engels, vindt plaats in LUX, Nijmegen, en duurt van 19.30 tot 21.15. Op www.ru.nl/radboudreflects zijn voor 5 euro kaarten te bestellen. Voor studenten is de lezing gratis.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
Eén van de strategieën is om te doen alsof in het vijandelijk gebied hoegenaamd geen herkenbare mensen wonen

'Had Bush het Amerikaanse volk meegekregen, als de bewoners van Bagdad nog voor de inval waren neergezet als mensen zoals u en ik?'

'Afstand houden kan een heel begrijpelijke vorm van zelf­be­scher­ming zijn, maar het kan ook onbedoelde gevolgen hebben'