Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Zelfs Femke Halsema ontkomt niet aan een metamorfose

Democratie

Hans Goslinga

Nieuwe afbeelding Hans Goslinga, focuspoint helemaal rechts zetten © Trouw
Column

De politicoloog Hans Daalder nam het scherp waar: de eerste daad van een nieuw benoemde burgemeester is het afwerpen van zijn partijpolitieke kleed. Met die demonstratie van onafhankelijkheid laat hij zien loyaal te zijn aan de functie, niet horig aan zijn partij.

Al zijn er uitzonderingen, op grond van deze wet van Daalder hoeft Amsterdam niet te vrezen dat het linkse stadsbestuur met Femke Halsema als burgemeester nog een extra accent krijgt. Halsema zei al in haar eerste reactie op de voordracht door de gemeenteraad: 'Ik zal me inspannen burgemeester van alle Amsterdammers te zijn'.

Lees verder na de advertentie

Die inspanning zal in haar geval wel nodig zijn. Als vertegenwoordiger van GroenLinks in de Tweede Kamer was ze politiek zeer uitgesproken, fel in haar optreden en sterk ideologisch gedreven. Zonder twijfel droeg daar aan bij dat haar partij afkomstig is uit een politieke traditie van straatprotest, activisme en radicaliteit.

Als burgemeester zal het voor Halsema lastiger zijn een bo­ven­par­tij­di­ge positie in te nemen dan voor een politicus van VVD, CDA of PvdA

Als burgemeester zal het voor haar dus lastiger zijn een bovenpartijdige positie in te nemen dan voor een politicus van VVD, CDA of PvdA, partijen met een lange bestuurstraditie. Ze brengt niet als vanzelf de relativering mee die komt met het sluiten van compromissen en het nemen van moeilijke besluiten inzake de openbare orde.

Gevestigde machten

Voor zover dat wel gebeurt, wordt dat in haar omgeving op gevoelsniveau nog altijd snel gezien als een conformeren aan de gevestigde machten. Met het leiderschap van haar opvolgster Jolande Sap als fractievoorzitter was het gedaan na haar keukentafelakkoord met premier Rutte over de politiemissie naar Kunduz in 2011 en het Lenteakkoord met de middenpartijen in 2012.

De verzoening van links met het politieke en bestuurlijke bestel beslaat een lange weg. In 1914, kort na zijn aantreden, benoemde het vernieuwende kabinet-Cort van der Linden de socialist Klaas ter Laan tot burgemeester van Zaandam. Hij was de eerste SDAP-burgemeester van een grote(re) stad. Wat gebeurde er? Ter Laan schafte als bewijs van zijn rode hart het vlaggen op verjaardagen van het Oranjehuis af, maar oefende tegelijk een matigende invloed uit op de SDAP-wethouders.

Links is in ons land, anders dan over de grenzen, nooit in de meerderheid geweest. Daaruit is de licht schizofrene verhouding tot de gevestigde machten te verklaren. De PSP, een van de voorlopers van GroenLinks, weigerde zelfs burgemeesters te leveren, omdat zij zich dan zou committeren aan politie, Openbaar Ministerie en veiligheidsdiensten, in de ogen van deze doctrinaire socialisten stuk voor stuk steunberen van het kapitalisme.

Dit sentiment leeft nog sterk bij de sektarische SP, een stuk minder bij GroenLinks dat, meer dan voorheen, geneigd is in het centrum van macht zaken te doen. De beduchtheid voor het nationalistische populisme werkt hier als katalysator en trekt een nieuwe scheidslijn in het krachtenveld. Bovendien begint in het bewustzijn door te dringen dat ons politieke bestel, meer dan een tweepartijenstelsel, dwingt tot samenwerking. Dat gaat, als vanzelf, gepaard met relativering van het machtsdenken.

Schakel

Een van de gevolgen is dat het burgemeestersambt niet langer de verbeelding is van oude macht, maar zoals de vluchtelingencrisis in 2015 liet zien, de onmisbare schakel tussen publieke emotie en bestuurlijke urgentie. Niet een regent, maar een vertrouwde anchorman, wat iets anders is dan burgervader of -moeder. Het zou daarom onwijs zijn tot rechtstreekse verkiezing over te gaan en daarmee het ambt te politiseren.

Het bur­ge­mees­ters­ambt is niet langer de verbeelding van oude macht, maar de onmisbare schakel tussen publieke emotie en bestuurlijke urgentie

Hans Daalder schreef in de jaren negentig dat het regentenambt, dat in de culturele revolutie van de jaren zestig zo belast is geraakt, een status van onafhankelijkheid heeft nagelaten, die ambtsdragers nog altijd van pas komt. Een land met zoveel politieke verscheidenheid zou dat als een grote kwaliteit van ons bestuur moeten waarderen.

Vanwege de wetmatigheid die ons bestel meebrengt, is het dus niet te verwachten dat Halsema straks de rode vlag laat wapperen op het Amsterdamse stadhuis of het vlaggen op Koningsdag verbiedt. André van der Louw hees in 1974 als burgemeester van Rotterdam op 1 mei de rode vlag aan de Coolsingel. Zulke overmoedigheid loopt hier snel op grenzen, zoals de PvdA wat later met de mislukte formatie van een tweede kabinet-Den Uyl ondervond. "We waren in die tijd hartstikke gek", zei vele jaren later Ed van Thijn, een van de dragers van het meerderheidsdenken in de PvdA.

De eerste GroenLinkser burgemeester van de hoofdstad, de eerste D66'er, Thom de Graaf, vicepresident van de Raad van State: een beter bewijs van veranderende verhoudingen in de politiek is er niet. Wat blijft is de ironische metamorfose: uit het stof van het politieke gekrakeel vooraf staat een onafhankelijke bestuurder op.

Hans Goslinga schrijft elk weekend een beschouwing over de staat van onze politiek en onze democratie. Lees al zijn columns terug in dit dossier.

Lees ook:

Halsema's eerste opdracht: burgemeester van álle Amsterdammers worden

Ze was een gedoodverfde kandidaat, en toch kwam haar voordracht als burgemeester van Amsterdam als een verrassing. Femke Halsema riep binnen de Amsterdamse vertrouwenscommissie grote weerstand op, maar ook onder de Amsterdamse bevolking was twijfel.

Femke Halsema: Conservatieve politici hebben linkse waarden gekaapt

Tolerantie, gelijkheid, nationale trots: Femke Halsema eist de veren terug waar rechts mee is gaan pronken. Een voorpublicatie uit haar essay voor de Maand van de Filosofie.

Deel dit artikel

Als burgemeester zal het voor Halsema lastiger zijn een bo­ven­par­tij­di­ge positie in te nemen dan voor een politicus van VVD, CDA of PvdA

Het bur­ge­mees­ters­ambt is niet langer de verbeelding van oude macht, maar de onmisbare schakel tussen publieke emotie en bestuurlijke urgentie