Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De altijd terugkerende vraag: waar is het sociale gezicht van het CDA?

Democratie

Jelle Brandsma

© Tom Janssen

Het was een tijd stil, maar het debat over het sociale gezicht van het CDA laait nu weer op. ‘De koers moet linkser, zodat wij weer in het midden uitkomen.’

Waar is het sociale gezicht van het CDA? Het is een vraag die voortdurend rond de partij hangt. Al sinds de oprichting is het sociale een opdracht, maar ook een worsteling. Regelmatig klinkt het verwijt dat het sociale gezicht – of in andere woorden de ‘compassie’ of de ‘barmhartigheid’ – ontbreekt. Waar komt die voortdurende strijd vandaan en hoe staat het met het sociale gezicht anno 2019?

Lees verder na de advertentie

Het sociale karakter van de partij was recent aan de orde bij de discussie over het kinderpardon. Jaren hield de partijleiding vast aan een streng asielbeleid, ook voor in Nederland gewortelde kinderen. Toen de uitzetting van Lili en Howick in september vorig jaar aan de orde was, gaf de partijleiding geen krimp. Maar bij de achterban broeide het. Diverse fracties in gemeenteraden namen het op voor kinderen in dit soort situaties.

Bij het kerkasiel voor de Armeense familie Tamrazyan kreeg het pleidooi voor coulance met gewortelde kinderen een vervolg. CDA’er en voormalig Shell-directeur Rein Willems roerde zich en afdelingen stelden onder aanvoering van Sandra Wolvekamp, fractievoorzitter in Meppel, een resolutie op voor het partijcongres. Partijleider Sybrand Buma liet zich eind januari overtuigen en accepteerde een soepeler kinderpardon. Wolvekamp verklaarde hoe CDA’ers nadenken over het kinderpardon : “Dit onderwerp leeft breed. Dit is typisch CDA. Het gaat om het evenwicht tussen de verantwoordelijkheid die mensen zelf hebben en de zorg voor kwetsbaren.”

Een beetje scheef

Lotte Schipper, voorzitter van de jongerenorganisatie CDJA, zegt dat er al kritiek is op de koers sinds het CDA in het kabinet zit. Eerst omdat partijleider Sybrand Buma de afschaffing van de basisbeurs niet terugdraaide en vanwege de afschaffing van de dividendbelasting. Daarna omdat het kabinet ervoor koos arbeidsgehandicapten onder het minimumloon te betalen. Vervolgens was het kinderpardon aan de beurt. Schipper: “Wij willen dat het CDA vaker het sociale gezicht laat zien. Daar hebben wij twee jaar geleden, toen ik voorzitter werd, al voor gekozen.”

Veel christenen, protestanten in het bijzonder, hebben de eigenschap zich regelmatig de vraag te stellen: ben ik wel goed genoeg, ben ik sociaal?

Jan Schinkelshoek, oud-Kamerlid voor het CDA

De koers van Sybrand Buma ‘is centrum-rechts geweest’, meent Schipper. “De landelijke lijsttrekker heeft grote invloed op het beeld van het CDA. De partij hangt een beetje scheef en daarom is het nodig om de koers naar links te verleggen, zodat wij weer in het midden uitkomen.”

De discussie over het sociale gezicht is altijd aanwezig in de partij, zegt Jan Schinkelshoek, voormalig politiek journalist, campagneleider in de jaren tachtig en oud-Kamerlid voor het CDA. “De partij wil niet sociaal-economisch links of rechts zijn, hoort niet in bijvoorbeeld het straatje van de werkgevers of de werknemers te denken, maar moet aandacht besteden aan beide kanten van het verhaal. Het CDA leunt niet op één been, maar op beide benen. Het CDA wil een volkspartij zijn. Dat betekent dat je kiezers wil vertegenwoordigen over de volle breedte en dan ontkom je niet aan tegenstellingen in je eigen partij. En het CDA is calvinistischer dan je denkt. Veel christenen, protestanten in het bijzonder, hebben natuurlijk de eigenschap om zich regelmatig de vraag te stellen: ben ik wel goed genoeg, ben ik sociaal?”

Christendemocratie laat zich niet vangen in een keuze tussen sociaal en asociaal, vervolgt Schinkelshoek. Het antwoord is niet altijd simpel zwart of wit. Bij maatregel moet steeds weer de vraag op tafel: is dit sociaal? Hebben wij de goede balans te pakken? Dat is altijd een beladen vraag, maar die houdt je ook scherp.”

Schinkelshoek werkte jaren als politiek adviseur aan de zijde van premier Ruud Lubbers en fractievoorzitter Bert de Vries. Die zetten in de jaren tachtig het mes in de verzorgingsstaat en kregen veel commentaar van partijgenoten en ook van bijvoorbeeld vakbond CNV. Hoe durfden zij aan de sociale zekerheid te tornen, een stelsel dat nota bene door CDA’ers was opgezet – minister Gerard Veldkamp bijvoorbeeld, een KVP’er, voerde in 1966 de arbeidsongeschiktheidsverzekering WAO in.

Lubbers en De Vries werden permanent langs de sociale meetlat gelegd. Schinkelshoek meent dat Lubbers hard ingreep maar ook sociaal was. “Hij was van beide markten thuis. Het evenwicht handhaven, daar gaat het om. Dat gold ook voor De Vries. Hij verdedigde de ­beperking van sociale zekerheid om de zaak betaalbaar te houden. Een lager voor­zieningen­niveau was geen doel op zich, het ging hem om de betaalbaarheid op langere termijn. Hoe houden we de sociale zekerheid in stand? In de verzorgingsstaat alles houden zoals het is, is niet altijd sociaal. Soms moet je een stap terugzetten om sociale voorzieningen op langere termijn veilig te stellen.”

IJkpunt

Jan Eerbeek is emeritus predikant in Den Haag. Hij groeide op met ‘de sociale roeping’. In zijn jeugd vond hij die bij de Arjos, de jongerenvereniging van de ARP. Voor hem stond de kern van wat het CDA moet zijn in een van de eerste verkiezingsprogramma’s, ‘Niet bij brood alleen’, een document doordrenkt met zinnen als: ‘Doorlopend is onderzoek nodig naar de oorzaken van de specifieke noden in de samenleving’. Voor Eerbeek is dat nog steeds zijn ‘ijkpunt’.

Eerbeek was hoofdgevangenispredikant en richtte Exodus op, een organisatie met vijftienhonderd vrijwilligers die ex-gedetineerden begeleidt. Hij was CDA-raadslid in Den Haag. Nu is hij tijdelijk voorzitter van de basisgroep sociale zekerheid. Deze club bestaat verder uit CDA-leden die zelf een uitkering hebben en ervaren hoe dat is of dat van anderen horen. “Wij kijken naar het inkomen van uitkeringsgerechtigden en ouderen. Komen zij rond en kunnen zij betaalbaar wonen? Wij verwachten van CDA-politici dat zij daarvoor opkomen.”

Ik snap dat Buma de kiezers rechts van het midden bedient, maar het CDA is een middenpartij. De achterban is wel degelijk sociaal

Lotte Schipper, voorzitter jongerenorganisatie CDJA

Voor Eerbeek is het sociale ‘een levensovertuiging’. “Wat ik op zondag verkondig, moet ik op maandag doen.” In het regeerakkoord ziet hij veel goeds. Met name over de prestaties van vicepremier en CDA’er Hugo de Jonge is hij enthousiast. Veel is goed geregeld in de zorg, zegt Eerbeek, maar er is ook veel waar je vraagtekens bij kan zetten. “Hugo de Jonge hamert er steeds op dat de uitvoering van de zorg liefdevol hoort te zijn.”

Toch vindt Eerbeek het CDA op sociaal terrein ‘te flets’. In de zorg en de sociale zekerheid wordt te veel zelfredzaamheid verwacht. Er is een groep die dat niet kan opbrengen en achterblijft. Partijleider Buma benoemt dat ook wel, maar er moet meer gebeuren, vindt hij. “Het moet krachtiger.” Eerbeek is blij met de draai die Buma maakte over het kinderpardon. Als predikant leidde hij een aantal keren een dienst in Haagse Bethelkapel, waar de met uitzetting bedreigde familie Tamrazyan onderdak vond. “Ik was diep onder de indruk.”

De discussie over het sociale gezicht speelt niet alleen bij het CDA, meent Eerbeek. “Bij de PvdA is het ook aan de orde, vooral sinds daar de ideologische veren zijn afgeschud. Daar valt ook het woord herbronnen. Moeten de socialistische principes weer op tafel? Bij GroenLinks weten ze er ook wat van. Die partij schoof ten tijde van partijleider Femke Halsema in de liberale richting. Dat riep ook vragen op over het karakter van de partij.”

Opportunisme

Bij het CDA is de kiezer in het algemeen rechtser dan de leden, beaamt veteraan Schinkelshoek. “Als het CDA wat rechtser is, komen VVD-kiezers naar het CDA en als het CDA wat linkser is gaan ze naar de VVD. Dat lokt een zeker politiek opportunisme uit”, zegt hij. “Een groot deel van de actieve leden zet zich in op allerlei maatschappelijke terreinen, onder meer in de kerken. Dat merk je ook bij de discussie over het kinderpardon. Het CDA kan het denken in de kerken niet helemaal negeren.” In grote steden – ontkerkelijkt als die zijn – is dat misschien nog wel mogelijk, maar op het platteland zijn het CDA en de kerken nog sterk met elkaar verbonden, signaleert Schinkelshoek.

Volgens Schipper schenkt Buma te veel aandacht aan de rechtse kiezer. “De opvatting van het CDA over het kinderpardon was niet barmhartig. Gelukkig is dat inmiddels veranderd. Buma wijst ook op boze burgers in gele hesjes en zegt dat wij bij het maken van klimaatplannen wel iedereen moeten meenemen. Ik snap dat hij de kiezers rechts van het midden bedient, maar het CDA is een middenpartij. Ik zie dat de achterban wel degelijk sociaal is en vind dat wij weer op zoek moeten naar de juiste balans.”

Schinkelshoek ziet 2010 als het ‘breukjaar’, waarin een meerderheid van de partij koos voor samenwerking met de PVV van Geert Wilders. “De haarscheurtjes waren al eerder zichtbaar. De partij ging zich richten op het rechter deel van het electoraat. De premier verkondigde dat rechts Nederland de vingers kon aflikken bij zijn kabinet, waarin ook het CDA zat. Het CDA ging op één been staan. Ik houd niet zo van etiketten, maar je kunt er niet omheen dat het CDA een soort VVD-light werd. De traditie van het CDA ontbrak: samen verantwoordelijkheid nemen, verbindingen leggen en zoeken naar het juiste evenwicht was de afgelopen jaren afwezig. Alleen de boze burger telde.”

Het oud-Kamerlid denkt dat in het CDA een nieuwe fase is aangebroken. “Het CDA begint weer op twee benen te lopen. Dat proef je. Het rechtse verhaal begint uitgewerkt te raken. Het heeft natuurlijk ook te maken met de peilingen. Die zijn voor het CDA niet geweldig. Als het prima gaat, heb je niet zo veel recht van spreken, maar als de partij na een oppositie­periode niet boven de twintig zetels uit weet te komen ontstaat er discussie: zitten wij wel op de goede weg?

Het debat is niet klaar en dat moment komt ook niet. “Het CDA maakt het voor zichzelf vaak moeilijk. Iedere keer moet de partij opnieuw nadenken over wat de meerwaarde van de christen-democratie. Het is veel te lang stil geweest. Wat betekenden de kernwaarden van het CDA? Het hoort niet statisch te zijn. De Bijbel is geen receptenboek. Het CDA ontleent aan die Bijbel wel een aantal kernwaarden, zoals rentmeesterschap en solidariteit. Ik zie dat er meer discussie is in de partij over wat die betekenen. Erg concreet is het nog niet, maar goed, het is weer een thema. Zo wordt geleidelijk het andere been weer bijgetrokken. Dat zie je, dat voel je.”

Lees ook:

Een linkser CDA? Dat gaat veel leden nog te ver

Het is duidelijk waarom CDA-leider Sybrand Buma een deal over het kinderpardon wilde vóór het partijcongres. Het gesloten compromis werd in Amsterdam met instemming door de leden begroet.

Het CDA bezint zich op de Christen-democratie: ‘Ieder mens telt. Wat betekent dat?’

Het CDA houdt zaterdag de Dag van de Christen-democratie, waar de leden op zoek gaan naar een toekomstvisie. Pieter Jan Dijkman, directeur van het wetenschappelijk instituut: ‘Gevoelens van onbehagen vertolken is niet genoeg.’ 

Deel dit artikel

Veel christenen, protestanten in het bijzonder, hebben de eigenschap zich regelmatig de vraag te stellen: ben ik wel goed genoeg, ben ik sociaal?

Jan Schinkelshoek, oud-Kamerlid voor het CDA

Ik snap dat Buma de kiezers rechts van het midden bedient, maar het CDA is een middenpartij. De achterban is wel degelijk sociaal

Lotte Schipper, voorzitter jongerenorganisatie CDJA