Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Vernieuw het kiesstelsel, voer een opkomstplicht in

Democratie

Hans Marijnissen

Politicoloog Hans Vollaard. © *
interview

Politicoloog Hans Vollaard reageert op de serie ‘Goede raad’. Hij bepleit een stemplicht.

Een afvaardiging van burgers die door loting tot stand komt, een burgerbegroting, wijkraden, een breed raadsakkoord: je struikelt in Nederland bijna over de initiatieven die de gemeenteraad met de burgers in contact moeten brengen. “De gemeenteraad is zoekende”, zegt Hans Vollaard die aan de Universiteit Utrecht is verbonden. “Zoekende naar een nieuwe rol na een periode waarin partijen domineerden in het contact tussen maatschappij en bestuur.”

Lees verder na de advertentie
De opkomstplicht stimuleert partijen op zoek te gaan naar de stem van mensen die minder geneigd zijn te stemmen

Daardoor ontstaan veel probeersels, zegt Vollaard. “Die leveren ook verwarring op. Waar de vernieuwing eindigt is onduidelijk, maar zeker is dat er niet langer sprake kan zijn van raadsleden die sec de partijlijn volgen.”

Eliteplatform

Vollaard heeft een aardige kijk op de ontwikkeling van de lokale politiek, omdat hij zojuist de laatste hand heeft gelegd aan een boek dat hij met Joop van den Berg, Geerten Boogaard en Job Cohen samenstelde over 150 jaar gemeenteraad. De nieuwe raadsleden krijgen het allemaal bij hun aantreden eind maart cadeau.

Hij beschrijft in dat boek hoe de gemeenteraad in 1851 begon als debatplatform voor de lokale elite. De rijke boeren en de notaris spraken in die tijd over de jaarrekening en de begroting, dat was het. “Door de invoering van algemeen kiesrecht in 1917 en de opkomst van de arbeiders- en vrouwenbeweging kreeg de raad al een evenwichtiger samenstelling waarin uiteindelijk de politieke stromingen de overhand kregen. Van eliteplatform werd de gemeenteraad vervolgens een partijenarena.”

Maar ook die is toe aan vervanging, concludeert Vollaard. Steeds minder mensen zijn lid van een traditionele partij, de opkomst bij de verkiezingen zakt bijna onder de vijftig procent. “Raadsleden kunnen dus niet meer via hun partij met burgers contact zoeken, maar zoeken naar allerlei alternatieven, zoals die afgelopen weken in Trouw zijn beschreven.” Dat is ook goed, zegt hij. Met zo’n verbinding haal je kennis en ervaringen van burgers die zeer bruikbaar zijn bij het debat in de raad. Maar of bestuurlijke vernieuwing een oplossing is?

Kansarme burgers

Wat dat betreft is het belangrijk eerst het probleem te definiëren. “Waar het om gaat: hoewel lokale democratie van ons allen hoort te zijn, maken alleen bepaalde mensen daar gebruik van.” Politici zijn bovengemiddeld wit, man, van middelbare leeftijd en hoogopgeleid. Datzelfde geldt in iets mindere mate voor de kiezers.

Vollaard: “Ook de kleine groep burgers die meedoet aan allerlei initiatieven op het gebied van bestuurlijke en democratische vernieuwingen hebben die kenmerken. Dat betekent dus dat een grote groep van laagopgeleide, armere, soms werkloze en langdurig zieke burgers politiek langs de kant staat, terwijl het ín de raad vaak wel om hen gaat.”

Natuurlijk zijn er partijen die het opnemen voor kansarme burgers, maar hun inzet kan die achterstand nooit volledig compenseren. “Alleen al het gegeven dat raadsleden een andere achtergrond hebben dan kansarme burgers, betekent dat zij bepaalde problemen anders of minder inzien. Daar doet bestuurlijke vernieuwing niets aan.”

Stimuleren

Vollaard weet wel hoe er in één klap veel meer mensen naar de stembus gaan. Hij is voor de invoering van de opkomstplicht, zoals Nederland die tot de jaren zeventig kende. “Die leidde tot een opkomst van boven de negentig procent. Het voordeel is niet alleen dat iedereen wordt gestimuleerd om over zijn of haar politieke keuze na te denken, maar dat ook politieke partijen geprikkeld worden actief op zoek te gaan naar de stem van mensen die minder geneigd zijn te stemmen.” Daardoor ontstaat meer feeling met die kwetsbare groepen.

Maar wordt met een opkomstplicht populistische partijen in de kaart gespeeld? “In België werken ze nu nog steeds met de opkomstplicht, en ik kan dat land niet onbestuurbaar noemen. De proteststem heeft daar zelfs een geuzennaam: de foertstem. Een foert is een scheet. Wat geeft dat? Dat is nou het mooie van democratie. Populisten worden op die manier gedwongen bestuurlijke verantwoordelijkheid te nemen, en na vier jaar worden ze beloond of afgerekend.”

Na 150 jaar gemeenteraad komt Vollaard tot de conclusie dat het met het lokale democratische stelsel ‘best wel goed gaat’, maar mét een opkomstplicht gaat het nog beter.

Trouw besteedde aan de vooravond van de gemeenteraadsverkiezingen op 21 maart aandacht aan democratische vernieuwingen. De serie 'De Goede Raad van...' belicht wekelijks een lokaal voorbeeld. Dit was de laatste aflevering. Alle afleveringen zijn terug te lezen in ons dossier Gemeenteraadsverkiezingen 2018.

Deel dit artikel

De opkomstplicht stimuleert partijen op zoek te gaan naar de stem van mensen die minder geneigd zijn te stemmen