Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Onderzoekseconoom: Zonder maffiageld was Trump kansloos geweest

Democratie

Bas den Hond

Vladimir Poetin en Donald J. Trump schudden handen bij de G20-bijeenkomst in Hamburg in juli van dit jaar. © EPA
Interview

Zonder bakken met geld uit Rusland had Donald Trump nooit in het Witte Huis gezeten, stelt onderzoekseconoom James Henry.

De Amerikaanse media hadden Donald Trump ook anders kunnen aanpakken. In plaats van gretig verslag te doen van zijn ongewone campagne-bijeenkomsten, de opschepperij, het ruzie zoeken, het verwoorden van de politiek niet zo correcte ressentimenten van zijn blanke ­gehoor, hadden ze kunnen beschrijven hoe de Republikeinse kandidaat jarenlang optrok met figuren die je rustig als maffia kunt bestempelen, vindt onderzoekseconoom en -journalist James Henry.

Lees verder na de advertentie

Henry is een van de sprekers die morgen in Maastricht de jaarlijkse conferentie opent van de Vereniging voor Onderzoeksjournalistiek, die als motto ‘Amerikaanse Toestanden’ heeft. Hij is gespecialiseerd in het ontrafelen van internationale geldstromen van en naar landen waar je geld buiten het bereik van je eigen overheid kunt houden. Zoals Cyprus of Panama, maar ook Nederland en de Verenigde Staten. Dat specialisme kwam van pas toen hij zich ging verdiepen in de zakelijke besognes van die New Yorkse projectontwikkelaar die eerst beroemd werd via de roddelbladen, toen door een reality-tv programma en uiteindelijk als amateur-politicus met wereldschokkend succes: Donald Trump.

Een hoop van de mensen met wie Trump zakendeed waren veroordeelde misdadigers

“De VS hebben een hoop vreemde figuren tot president gekozen, maar we hebben nooit iemand gekozen die een lid was van de Vijf ­Families”, zegt Henry. Dat is bij wijze van spreken: hij verwijst naar de beruchte Italiaanse maffia-clans in New York, zoals de Gambino’s en de Genovese’s. De mensen met wie Trump ­zakendeed hebben minder vertrouwde namen: Sater, Shnaider, en hun wortels lagen niet op Sicilië maar in landen van de voormalige Sovjet-Unie. 

Maar dat had geen reden mogen zijn voor de media om aan deze connecties minder aandacht te schenken. “Een hoop van de mensen met wie Trump zakendeed waren veroordeelde misdadigers. En als die onder het vergrootglas waren gelegd in de loop van de campagne, zou dat een heel andere conversatie teweeg hebben gebracht: over criminaliteit. Ik denk dat het een brug te ver zou zijn geweest voor veel van zijn evangelicale aanhangers. Die waren nog een soort van bereid de andere kant op te kijken wat zijn opmerkingen over vrouwen en zwarten aangaat – omdat ze veel van zijn vooroordelen met hem gemeen hebben. Maar ik denk dat ze ­uiteindelijk niet zo gecharmeerd zijn van ­maffiose figuren, misdadigers. Die zien ze het liefst in de gevangenis.”

Zwaar geleund op geld uit de Sovjet-Unie

Het resulteerde in december 2016, dus na de verkiezing van Trump, in een gedetailleerd artikel in het blad The American Interest, dat hij vooraf liet gaan door een literair citaat, van Cervantes: ‘Zeg me met wie je gaat, en ik zal je zeggen wie je bent.’ Henry: “Trump heeft door de jaren heen zwaar geleund op geld uit de landen van de voormalige Sovjet-Unie, in het bijzonder Rusland en andere plekken waar de rechtsstaat zwak is. Met name financierde hij daarmee zijn wederopstanding na 2000, toen hij eigenlijk bij geen van de wereldwijd opererende banken nog terechtkon voor leningen, behalve Deutsche Bank.”

Met het zakelijke succes waar de president prat op gaat, had het al in de jaren negentig afgelopen kunnen zijn geweest. Met name de casino’s die hij in Atlantic City overnam of liet bouwen, raakten in de problemen. Henry: “Hij maakte vier tot zes faillissementen mee.”

Net in die periode vond, op veel grotere schaal, ook in Rusland een financiële aard­verschuiving plaats. Na het wegvallen van de ­Sovjet-Unie werd daar in hoog tempo de overstap gemaakt van communisme, waar de grote bedrijven in staatshanden waren, naar kapitalisme. Maar dan wel een kapitalisme dat Henry als ‘kleptocratie’ betitelt, een regering van dieven.

Opeens kocht een Rus voor 98 miljoen dollar een huis van hem, waar hijzelf 40 miljoen voor had betaald

Een selecte groep mensen mocht die bedrijven voor een appel en een ei overnemen. Een meerderheidsbelang van Gazprom, dat een derde van de toen bekende gasreserves ter wereld bezat, ging voor 230 miljoen dollar van de hand. Het complete elektriciteitsnet van Rusland hoefde maar 630 miljoen te kosten. Westerse landen en instellingen als de Wereldbank en de Europese ontwikkelingsbank EBRD hielpen mee, tot verontwaardiging van Henry: “Bij die privatisering werden enorme rijkdommen overgedragen aan oligarchen.”

Financiering met verdacht geld

De overgang naar de nieuwe economie was een chaotische tijd, die in Rusland de behoefte schiep aan een krachtig bestuur. Dat had twee gevolgen die belangrijk zijn voor de positie van Donald Trump vandaag de dag: een sterke, nationalistisch opererende leider betrok het Kremlin (Vladimir Poetin) en de oligarchen brachten voor de zekerheid veel van hun geld naar het buitenland. Onder andere naar Amerika. Daarvoor moesten ze dan op zoek naar partners die iets met dat geld konden doen. En als ze kozen voor de sectoren hotels of projectontwikkeling, dan viel hun oog al gauw op een ondernemer die het niet erg nauw nam bij het selecteren van compagnons: Donald Trump.

“Als je kijkt wie in de vroege jaren 2000 Trumps projecten financierden in Manhattan en Florida, Toronto en Panama, Baku – dat gebeurde allemaal met verdacht geld. Als Trump het niet wist, dan had hij in ieder geval moeten weten – en ik denk dat hij het wel degelijk wist – dat de mensen met wie hij zakendeed witwassers waren, fraudeurs, oligarchen, vluchtkapitalisten van allerlei soort. Niet het soort mensen met wie je een president van de VS graag zaken ziet doen.”

Tekst loopt door onder de afbeelding.

Het Trump Plaza in Atlantic City (New Jersey), waarin in de jaren negentig enkele casino’s van Donald Trump waren gevestigd die in financiële problemen kwamen. © REUTERS

Henry’s artikel in The American Interest stalt dat allemaal uit, maar stort daardoor ook een namenlawine over de lezer heen van onbekende mensen, obscure bedrijven, uit landen waar je niet vaak over hoort. “Ja, het is een doolhof”, geeft Henry toe. “Maar dat heb je nou eenmaal in die wereld, het gaat om relaties die snel ontstaan als er een project langskomt dat je samen kunt doen.

“Het is een uitdaging, de meeste journalisten zijn niet eens bereid binnenlandse verhalen te maken over het bankwezen of belastingontduiking, omdat je dan toch al gauw terechtkomt in de sector van de internationale belastingparadijzen. Je moet basiskennis hebben over hoe kleptocraten hun geld verbergen, hoe je onderzoek doet naar de eigenaars van bedrijven in Panama, de Kaaimaneilanden, Bermuda, en dan moet je eigenlijk ook nog een expert zijn op het gebied van Russische georganiseerde misdaad.”

Panama Papers

Hoe rijke mensen hun geld verbergen werd in 2016 een stuk duidelijker dankzij de Panama Papers, een gelekte schat aan gegevens van het Panamese accountantskantoor Mossack Fonseca. De data werden geanaliseerd door een internationale groep onderzoeksjournalisten, waarin ook Trouw meedeed. Henry: “Dat private banking is sterk opgekomen sinds de schuldencrisis van de jaren tachtig, toen kapitaal wegstroomde uit landen als Mexico, Venezuela en de Filippijnen. Destijds waren er in de wereld misschien een stuk of vijftien belastingparadijzen, nu zijn het er meer dan negentig. Panama is als de barscène uit ‘Star Wars’: je ziet de kleptocraten in de ene hoek, de belastingontduikers in de andere, verderop de drugshandelaren, de wapenhandelaren, allemaal gebruiken ze dezelfde faciliteiten.”

Het meest verontrustende is dat het voor de toekomst een enorm probleem voor de democratie laat zien

Heb je eenmaal zicht op die geldstromen, en hoe een zekere projectontwikkelaar te New York daar zijn voordeel mee deed, dan wordt duidelijk wat een doorslaggevende invloed die hebben gehad op de Amerikaanse politieke geschiedenis. Henry: “Dit was wat hem in staat stelde aan de verkiezingen mee te doen. Je hebt een vent die in 2008 praktisch gesproken failliet is, en dan duikt opeens een oligarch, Dmitry Ribolovlev, op in Miami en koopt voor 98 miljoen dollar een huis van hem, waar hijzelf vier jaar eerder nog maar 40 miljoen voor had betaald. Het ging toen net los met de kredietcrisis, de onroerend-goedprijzen in Miami waren juist met 20 procent gedaald.

“Die miljoenen dollars extra hebben voorkomen dat Trump zelf failliet ging. Hij was in een enorm gevecht gewikkeld met Deutsche Bank, waar hij zich persoonlijk garant had gesteld voor 40 miljoen voor een wolkenkrabber in Chicago die er nooit gekomen was. Dus het kwam voor hem op een nogal goed moment.

“En allerlei projecten daarna hadden niet gebouwd kunnen worden zonder geld uit de voormalige Sovjet-Unie. Zonder die projecten zou hij op geen enkele manier het cv gehad hebben om als succesvolle zakenman voor het presidentschap te gaan. Kortom: zonder het Poetin-geld, Russisch geld, maffiageld, oligarchen-geld, was hij een kansloze kandidaat ­geweest, zeker weten.”

Gestolen mails en nepnieuws

Voor dat aspect van Trumps levensloop komt langzaam maar zeker meer aandacht in de VS. Mopperend stelt Henry vast dat ­Europese tv-journalisten daarin hun Amerikaanse collega’s ruim voor waren. “Ik word nu eindelijk uitgenodigd door CNN en NBC en Michael Moore, maar ondertussen liepen jullie tv-programma Zembla en de Duitse ZDF voorop in de wereld. Sander Rietveld die naar het huis van een Russische maffiabaas op Long Island gaat en gewoon aanklopt, dat is iets dat niet veel Amerikaanse journalisten zouden doen.”

In ieder geval is die aandacht er nu, nog aangewakkerd door de recente aanklachten ­tegen Paul Manafort die, voordat hij in 2016 de leiding kreeg van de campagne-organisatie van Trump, miljoenen verdiende met adviezen aan Russische en Oekraïense oligarchen en politici.

Maar er komt ook steeds meer informatie los over de manier waarop Rusland de Amerikaanse publieke opinie bestookte. Niet alleen werden e-mails van de Democraten gestolen en via WikiLeaks bekendgemaakt, maar er werden via Facebook nepberichten verzonden, nauwkeurig gericht op kiezers die mogelijk naar Trump over te halen waren, in staten waar kleine verschuivingen het verschil tussen winst en verlies konden maken. De vraag is waarover Trump zich nu het meeste zorgen moet maken: gegraaf in zijn zakelijke verleden of over onderzoek naar de Russische inmenging?

Tekst loopt door onder de afbeelding.

De Rus Dmitry Rybolovlev, eigenaar van de Franse voetbalclub AS Monaco, die voor 98 miljoen dollar een huis in Miami kocht van ­Donald Trump, die daar vier jaar eerder nog 40 miljoen dollar voor had betaald. © REUTERS

“In principe vullen die twee elkaar aan. ­Mogelijk is er financiële steun geweest voor dat doelgericht bestoken van kiezers. En sommige van de mensen die zich daarmee bezighielden, hadden ook weer contacten aan de criminele kant, of hadden een relatie met Paul Manafort. Dus het overlapt elkaar allemaal.”

"Het meest verontrustende vind ik dat het, wat er ook precies gebeurd is in deze verkiezing, voor de toekomst een enorm probleem voor de democratie laat zien. Als kleptocratieën in staat zijn verkiezingen te manipuleren en een enorme hoeveelheid geld in de aanbieding hebben voor hun favoriete politici in andere landen – dat aspect van de globalisering hebben we niet zien aankomen. We dachten dat de democratie onkwetsbaar zou zijn voor inmenging van buitenaf. En de boodschap die ik vandaag heb voor mijn gehoor van onderzoeksjournalisten is: het is een wereldwijd probleem en vereist wereldwijde journalistiek. Uiteindelijk kunnen we niet bouwen op onderzoekers en politiediensten, wij zijn de enigen die over de grens kunnen werken, deze dingen onderzoeken en ze onder de aandacht van de kiezers brengen.Zodat ze begrijpen wat er aan de hand is. Er wordt dus nogal wat van de journalistiek gevraagd en dat net in een tijd dat het vak onder grote economische druk staat.”

Wie is… James Henry?

James Henry (67) studeerde rechten aan de Harvard Universiteit. Hij heeft als jurist voor grote bedrijven gewerkt en was hoofd­econoom van adviesbureau McKinsey. Nu is hij ‘onderzoekseconoom’ en onderzoeksjournalist. Hij is onder andere adviseur van het Tax Justice Network, dat onderzoek doet naar verborgen internationale geldstromen, en het Kleptocracy Initiative van de denktank Hudson Institute, dat zich verdiept in het stelen van staatseigendom door autocratische regimes. In 2014 verscheen zijn boek ‘The Blood Bankers’, over de keerzijden van de globalisering.

Lees meer op Trouw over Donald Trump

Deel dit artikel

Een hoop van de mensen met wie Trump zakendeed waren veroordeelde misdadigers

Opeens kocht een Rus voor 98 miljoen dollar een huis van hem, waar hijzelf 40 miljoen voor had betaald

Het meest verontrustende is dat het voor de toekomst een enorm probleem voor de democratie laat zien