Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Mallotig gedoe, zo'n inlichtingendienst, dus de Kamer houdt graag toezicht

Democratie

Paul van der Steen

Carl Romme. © ANP
deja vu

Als eerste land in de wereld kreeg Nederland in 1952 een vaste Kamercommissie voor toezicht op de veiligheidsdienst. 

"De kogel is door de kerk", schreef Het Vrije Volk in een hoofdredactioneel commentaar. "Het tot stand komen van deze controle-commissie, die door haar samenstelling al het gezag heeft dat de Tweede Kamer aan een commissie kan geven, is een stukje democratische winst."

Lees verder na de advertentie

Niemand die, zoals Lilian Marijnissen (SP) nu, uit weerzin tegen het geheime karakter van de beraadslagingen weigerde zitting te nemen in de commissie. De fractievoorzitters van de vijf grootste partijen traden toe tot het gezelschap. Carl Romme, leider van de Katholieke Volkspartij (KVP), werd voorzitter. Alleen de Communistische Partij Nederland (CPN), algemeen beschouwd als de lange arm van Moskou, werd buiten de deur gehouden.

Nog maar een paar jaar eerder, toen de herinneringen aan de bezetting met bijvoorbeeld het optreden van de Gestapo heel vers waren, toonden veel politici zich sceptisch over het optuigen van een veiligheidsdienst. Willem Wendelaar, Eerste Kamerlid voor de VVD, sprak van een Hydra die hij als een Hercules wilde bevechten. Frans Goedhart, Tweede Kamerlid voor de PvdA, had het over indiaantje spelen en mallotig gedoe op rijkskosten. Hij klaagde bovendien over amateurisme en een slechte leiding. Medewerkers van de dienst zouden zelfs geen contacten mogen onderhouden met PvdA'ers. Vrij Nederland werd kennelijk beschouwd als een instrument van de Sovjets, want het weekblad werd volop bespioneerd.

De dienst verschafte de regering enkel informatie. De openheid van de bewindslieden bleef beperkt

Opeenvolgende ministers probeerden de bestaande vrees weg te nemen door erop te wijzen dat de BVD zelf geen uitvoerende bevoegdheden had. De dienst verschafte de regering enkel informatie. De openheid van de bewindslieden bleef beperkt. In beide Kamers gaven ze een beetje antwoord op vragen maar probeerden ze vooral het werk van de geheime dienst geheim te houden.

Russenangst

De CPN en haar krant De Waarheid waarschuwden ondertussen voor een politiestaat. Het communistische Tweede Kamerlid Henk Gortzak sneerde dat de BVD alleen bestond vanwege Russenangst. Daar hielpen geen inlichtingendiensten tegen, zei hij. Daarvoor moest je naar een psychiater.

Met het oplopen van de spanningen tussen Oost en West eind jaren veertig en begin jaren vijftig verdwenen bij veel Nederlandse politici buiten de CPN de grootste twijfels over het nut van inlichtingenwerk. Goedhart mopperde nog wel op de uitvoering en hocuspocus-sfeer rond de BVD. Anderen waarschuwden voorzichtig dat de dienst geen staatje in een staat mocht worden.

Het budget voor de BVD groeide ondertussen snel. In 1950 voor het eerst boven de een miljoen, het jaar daarna al boven de twee en in 1952 al boven de 3 miljoen gulden. De activiteiten van de medewerkers namen navenant toe.

Heel bange tijden

De Vaste Commissie voor de Binnenlandse Veiligheidsdienst kwam er in 1952, toen ook de Wet Buitengewone Bevoegdheden Burgerlijk Gezag in het parlement ter sprake kwam. In heel bange tijden maakte die het de regering mogelijk om leden van de CPN en daaraan gerelateerde organisaties op te pakken en te interneren. Op de lijsten voor deze 'Operatie Diepvries' stonden duizenden mensen. Het gaf nog eens aan dat de door de BVD aan het kabinet verschafte informatie verre van onschuldig was.

De BVD was soms ook slordig en aan een bijwonen van een congres achter het IJzeren Gordijn werd onnodig veel waarde gehecht

Voor antecedentenonderzoek bij benoemingen van ambtenaren vielen overheden terug op de BVD. In de loop der jaren werd duidelijk dat rapporten soms vol slordigheden zaten en soms veel waarde werd gehecht aan feitjes als het bijwonen van een congres achter het IJzeren Gordijn. Carrières werden zo soms in de knop gebroken.

De Kamer bleef proberen om de dienst te controleren via de commissie die in 1966 een nieuwe naam kreeg: de Commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten. In de wandelgangen sprak men van de Commissie Stiekem.

De 'commissie stiekem' bestaat vandaag de dag nog alleen uit de fractievoorzitters van de vijf grootste partijen. Lees meer over het verkleinen van deze Kamercommissie: 'Splinterpartijen zijn niet welkom in de commissie stiekem'

En lees ook over het akkoord in de coalitie om de nieuwe wet op de inlichtingendiensten aan te passen naar aanleiding van het referendum: 'Snel coalitieakkoord over aanpassen inlichtingenwet'

Deel dit artikel

De dienst verschafte de regering enkel informatie. De openheid van de bewindslieden bleef beperkt

De BVD was soms ook slordig en aan een bijwonen van een congres achter het IJzeren Gordijn werd onnodig veel waarde gehecht