Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Jeruzalem was eerst bijzaak, maar werd essentieel in het Palestijns-Israëlisch conflict

Democratie

Van onze redactie buitenland

© Trouw

Wat is de historische achtergrond van het conflict rond Jeruzalem? Een overzicht.

1948 Oprichting van de staat Israël

Lees verder na de advertentie

Om het conflict over Jeruzalem te duiden kun je zo ver teruggaan in de tijd als je wil. Je kunt er de Bijbel bijhalen, de Thora en de Koran, zoals religieuze hardliners dat doen, maar het conflict begon pas echt begin vorige eeuw, en vooral na de vestiging van de staat Israël in 1948 en de oorlogen die daarop volgden.

Het conflict tussen Palestijnen en Joden ging aanvankelijk over de Joodse migratie en de opdeling van Palestina, de status van Jeruzalem was bijzaak. In 1947 bepaalden de Verenigde Naties dat Jeruzalem onder internationaal bestuur zou komen. Maar toen de Palestijnen en Arabieren het opdelingsplan verwierpen en de nieuwe staat de oorlog verklaarden, won Israël. Een van de resultaten was dat het westelijke deel van de stad in handen van Israël kwam en het oostelijke deel in die van buurland Jordanië.

De oude stad, met de belangrijke religieuze plaatsen, kwam in 1967 in Israëlische handen.

Zesdaagse oorlog, verovering Oost-Jeruzalem

Toen in 1967 weer een oorlog uitbrak - deze keer viel Israël Egypte aan, waarop Syrië en Jordanië de aanval openden op Israël - won Israël opnieuw. Het land veroverde daarbij de Sinaï-woestijn op Egypte, de Golan-hoogte op Syrië en de Westelijke Jordaanoever en Oost-Jeruzalem op Jordanië. De oude stad, met de belangrijke religieuze plaatsen voor zowel joden, moslims en christenen, kwam in Israëlische handen.

1980: Annexatie van Jeruzalem

In de periode na 1967 werd Jeruzalem voor Israël steeds belangrijker. De Palestijnse inwoners werden gedwongen te kiezen tussen Israëlisch staatsburgerschap of een permanente verblijfsvergunning. Ook begon Israël nederzettingen te bouwen rondom Jeruzalem om daarmee de scheidslijn tussen het Joodse westen en het Palestijnse oosten op te heffen. In 1980 verklaarde Israël Jeruzalem als zijn ‘ondeelbare hoofdstad’, een besluit dat tot deze week door vrijwel geen enkel land werd erkend.

In 1990 liep het helemaal uit de hand toen de Israëlische politie bij de Tempelberg 22 Palestijnen doodschoot

Israël bouwde veel nederzettingen, en lokte kolonisten daarnaartoe met financiële douceurtjes. Tegelijkertijd traineerde Israël de Palestijnse inwoners van de stad om zo het demografisch voordeel te behouden - ongeveer 70 procent is Israëlisch en 30 procent Palestijns. Huizen van Palestijnen werden met regelmaat vernield en bouwvergunningen op dubieuze gronden geweigerd. Van veel Palestijnse inwoners werd bovendien de verblijfsvergunning ingetrokken.

De VN bepaalden in 1980 dat alle wijzigingen die Israël aanbracht in Jeruzalem ongeldig waren, waaronder de oprekking van de stadsgrenzen tot aan de Palestijnse stad Ramallah. Toch ging de bouw in rap tempo door, met als resultaat dat de meeste Palestijnse wijken inmiddels door nederzettingen zijn ingekapseld en onderling van elkaar zijn afgesneden.

Een poster van Ayman Bardawil uit 1990. © Wikimedia

1987: Eerste Intifada

De situatie in Jeruzalem leidde ook tot verschillende geweldsuitbarstingen, zoals de Eerste Intifada (1987-1993). Bij de Tempelberg in de Oude Stad kwamen Palestijnse jongeren vaak bijeen om vervolgens de Israëlische politie en het leger met stenen en molotovcocktails te bekogelen. In 1990 liep het daarbij helemaal uit de hand toen de Israëlische politie bij de Tempelberg 22 Palestijnen doodschoot. In totaal vielen bij de Eerste Intifada ongeveer 1600 Palestijnse en 270 Israëlische doden.

Sharon werd gehaat door de Palestijnen vanwege zijn rol bij het bloedbad in de Pa­les­tijns-Li­ba­ne­se vluch­te­lin­gen­kam­pen Sabra en Shatila in 1982

1993: Oslo Akkoorden

De opstand had het beeld van Jeruzalem als de ondeelbare hoofdstad van Israël vernietigd, althans voor de buitenwereld. De Intifada kwam pas ten einde met de ondertekening van de Oslo Akkoorden in 1993 door de PLO en Israël, waar beide partijen onder meer afspraken dat de definitieve status van Jeruzalem zou worden bepaald via vredesonderhandelingen.

Aan deze rust kwam een einde toen de Israëlische oud-generaal Ariël Sharon in 2000 een bezoek bracht aan de Tempelberg, waar de Al-Aqsa Moskee is gelegen. Sharon werd gehaat door de Palestijnen vanwege zijn rol bij het bloedbad in de Palestijns-Libanese vluchtelingenkampen Sabra en Shatila in 1982, dat was uitgevoerd door christelijke milities in Libanon. Zijn bezoek leidde tot hevige rellen en ontaardde in de Tweede Intifada (2000-2005).

Joden en moslims komen elkaar tegen in de oude stad van Jeruzalem. Sinds het uitbreken van de Tweede Intifada passeren ze elkaar zonder elkaar een blik waardig te keuren. © Trouw

2000: Tweede Intifada

De geweldsspiraal tijdens de Tweede Intifada was veel bloediger dan de eerste. De Israëliërs gebruikten zwaar militair geweld, hele wijken werden vernietigd. De Palestijnen zetten terrorisme in als wapen, en pleegden onder andere  zelfmoordaanslagen. Bij deze strijd kwamen meer dan drieduizend Palestijnen en ruim duizend Israëliërs om het leven. 

Het religieuze component kreeg in de Tweede Intifada een grotere rol, net als de status van Jeruzalem. Sommige Palestijnse groeperingen noemden de opstand zelfs de ‘Al-Aqsa Intifada’, refererend aan de Al-Aqsa Moskee in Jeruzalem. De gewapende tak van Fatah, de Al-Aqsa Martelarenbrigade refereerde eveneens aan de stad, net als de gewapende vleugel van Islamitische Jihad: de Al-Quds Brigade (vertaald: de Jeruzalem-brigade). Jeruzalem leek kortom de belangrijkste kwestie te zijn geworden in het Palestijns-Israëlische conflict.

Het geweld nam na 2004 scherp af, maar dat gold niet voor het nederzettingenbeleid. De uitbreiding en bouw van nieuwe nederzettingen werden weliswaar niet goedgekeurd, maar wel gedoogd door Israëls belangrijkste bondgenoot, de Verenigde Staten. In 2004 schreef president George W. Bush in een brief aan de Israëlische premier Sharon dat de nederzettingen ‘een nieuwe realiteit’ vormden en dat het onrealistisch was om deze af te breken. Barack Obama zei in 2008, toen hij nog presidentskandidaat was, in een speech dat Jeruzalem de ‘eeuwige’ en ‘ondeelbare hoofdstad’ zou blijven van Israël.

2017: President Trump erkent Jeruzalem als hoofdstad

President Trump doet wat hij als kandidaat beloofde: hij zal Jeruzalem Israëlisch maken. Want alleen een land met het gewicht van de Verenigde Staten kan zoiets gedaan krijgen. Wat zo’n maatregel voor de Palestijnen en de inwoners van Jeruzalem zal betekenen is onduidelijk, maar vredesbesprekingen hebben in ieder geval weinig zin als de status van Jeruzalem vaststaat.   

Lees ook: Trump verhuist ambassade VS naar Jeruzalem: waarom is dat omstreden?

Lees ook: Trumps erkenning van Jeruzalem wekt wrevel



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
De oude stad, met de belangrijke religieuze plaatsen, kwam in 1967 in Israëlische handen.

In 1990 liep het helemaal uit de hand toen de Israëlische politie bij de Tempelberg 22 Palestijnen doodschoot

Sharon werd gehaat door de Palestijnen vanwege zijn rol bij het bloedbad in de Pa­les­tijns-Li­ba­ne­se vluch­te­lin­gen­kam­pen Sabra en Shatila in 1982