Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Hoe de volkspartijen kopje-onder gingen

democratie

Sander Becker

© Fadi Nadrous, Trouw

Europese kiezers zijn op drift. Ze keren traditionele partijen - vooral de sociaal-democraten - massaal de rug toe. In plaats daarvan stemmen ze op nieuwkomers en randfiguren, al dan niet populistisch. Waar komt deze trend vandaan?

De ene na de andere linkse volkspartij in Europa gaat onderuit. De Franse Parti Socialiste kreeg dit jaar enorme klappen, zozeer dat voormalig premier Manuel Valls zijn partij doodverklaarde. De Nederlandse Partij van de Arbeid beleefde in maart van dit jaar een soortgelijk drama met een val van 38 naar 9 zetels in de Tweede Kamer.

Lees verder na de advertentie

De twee partijen staan bepaald niet alleen. In de afgelopen jaren scoorden hun zusterpartijen ook beroerd in IJsland, Ierland, Tsjechië, Finland, Spanje, Groot-Brittannië, Griekenland, Vlaanderen en diverse Duitse deelstaten. Voor deze trend is een speciale term bedacht: 'pasokificatie', naar de ooit oppermachtige Griekse Pasok-partij die jarenlang stabiel rond de 40 procent schommelde en in 2015 instortte naar 4 procent.

Zoveel vergelijkbare drama's in verschillende Europese landen, dat kan geen toeval zijn. Inderdaad zijn politicologen het er wel over eens dat de Europese sociaal-democratie in een crisis verkeert. Ze zoeken de oorzaak onder meer bij veranderingen in de bevolking. Zo telt West-Europa, door het wegtrekken van de industrie, steeds minder arbeiders - de klassieke achterban van de linkse volkspartijen - en meer hoogopgeleiden. Kiezers zijn veranderlijker en kritischer geworden en er is een wantrouwen ontstaan tegenover de traditionele heersende klasse. Mensen hebben ook een afkeer gekregen van brede volkspartijen met een warenhuisachtig aanbod; ze stemmen nu liever op 'boetiekpartijen' voor een specifieke doelgroep, iets wat samenhangt met de individualisering. Verder klinkt het idee dat de sociaal-democratische agenda voltooid is en daarom nog maar weinig kiezers trekt.

Zoveel vergelijkbare drama's in verschillende Europese landen, dat kan geen toeval zijn

Voor de malaise van de sociaal-democratie kun je kortom talloze externe verklaringen aanwijzen. Maar de partijen hebben de ellende ook aan zichzelf te wijten, zegt cultuurhistoricus René Cuperus. Hij is verbonden aan de Wiardi Beckman Stichting, het wetenschappelijk bureau van de PvdA. "De sociaal-democratische partijen in Europa zijn de afgelopen decennia een liberale koers gaan varen, zowel cultureel als economisch. Ze zijn pro-Europees, pro-globalisering, pro-immigranten, pro-islam en pro-gender/feminisme. Tegelijk hebben ze hard gesneden in de verzorgingsstaat en leveren ze nauwelijks kritiek op de marktsamenleving die is ontstaan. Zo maak je mensen onzeker op cultureel en economisch gebied, een fatale combinatie. Ergens is de verkeerde afslag genomen."

Het resultaat is dat veel van de traditionele kiezers zich niet meer beschermd voelen door de sociaal-democraten, die ze zelfs beschuldigen van 'klasseverraad'. Vandaar de electorale vlucht naar links- en rechts-populistische partijen, al viel hun voorspelde winst dit jaar tegen. Wilders en Le Pen scoorden weliswaar goed, maar niet zo exceptioneel als verwacht. Dat was waarschijnlijk deels een gevolg van de Brexit-chaos en de Trump-chaos: door die antireclame werd het 'jaar van het populisme' eerder het 'jaar van het contrapopulisme'.

Vooral jongeren zoeken een alternatief voor het liberalisme van de huidige so­ci­aal-de­mo­cra­tie

Dit neemt niet weg dat vooral jongeren de laatste jaren sterk op zoek zijn naar alternatieven voor het liberalisme van de huidige sociaal-democratie. Dat vertaalt zich in een afkeer van het kapitalisme en in hoge scores voor radicaal-linkse politici als de Britse Jeremy Corbyn, de Franse Jean-Luc-Mélenchon en de Amerikaanse Bernie Sanders. Ook het succes van GroenLinks-leider Jesse Klaver, populair onder jongeren, past in dit rijtje. De relatieve buitenstaanders presenteren zich vooral als voorman van een dynamische beweging, en minder als partijleider, wat hun aantrekkelijkheid nog vergroot.

Ongeacht welke kant opstandige kiezers op vluchten, ze hebben een punt, beaamt Cuperus. Neem Nederland, het land waar het poldermodel ooit is uitgevonden om de scherpe kantjes van de arbeidsmarkt af te halen. "Hoe kunnen wij zozeer zijn ontspoord dat we het meest flexibele arbeidsland van Europa zijn geworden? Bijna geen enkele jongere krijgt meer een vaste baan, terwijl deze generatie de hoogst opgeleide aller tijden is. Mensen boven de 50 zijn ook afgeschreven. Tegelijk is er een totale stress-samenleving ontstaan voor de middengroep, die zich drie keer over de kop werkt met de kinderen ernaast. De PvdA en de FNV, de sociaal-democratische beweging, zijn medeverantwoordelijk voor deze sfeer rond arbeid. Daar is de partij terecht voor afgestraft. Hetzelfde geldt voor sociaal-democratische partijen in veel andere Europese landen."

De kiem van het linkse drama ligt in de jaren zeventig en tachtig. De Europese sociaal-democratie stond er toen ook beroerd voor. Er werd zelfs gesproken over 'het einde van de sociaal-democratische eeuw'. Decennialang kwamen de linkse volkspartijen nauwelijks nog aan de macht doordat er te sterke rechtse partijen heersten, met roergangers als Thatcher, Reagan en Kohl. Pas in de jaren negentig vonden de sociaal-democraten een antwoord met hun Derde Weg: ze kozen voor een frisse, optimistische koers met ruim baan voor het bedrijfsleven. Ze omhelsden de toekomst en bewandelden voortaan een middenweg tussen het rechtse neo-liberalisme en het ouderwetse vakbondssocialisme.

(Tekst gaat verder onder de illustratie) 

© Fadi Nadrous, Trouw

Verbond met de markt

Leiders als Blair, Kok, Schröder en Clinton hadden aanvankelijk veel succes met deze strategie. Maar het verbond dat ze met de markt aangingen, kostte hen uiteindelijk de kop. Ze braken moeizaam verworven zekerheden van werknemers af, werkten mee aan privatiseringen en versoberden de verzorgingsstaat. Tegelijk omarmden ze de immigratie, ook al drukte dat de lonen van de werknemers aan de onderkant van de samenleving. Pas geleidelijk merkten mensen dat ze erop achteruitgingen of dat ze een pas op de plaats moesten maken, zeker toen de economische crisis uitbrak.

De Derde Weg ging gepaard met een enthousiaste globalisering, die in het begin veel groei en welvaart opleverde. Maar recentelijk is er volgens Cuperus een 'kantelpunt' ontstaan waarbij de globalisering voor het eerst niet meer bijdraagt aan de verzorgingsstaat maar wel aan de ongelijkheid. Het is daarom de vraag, zegt hij, of het Europees sociaal model nog overeind kan blijven.

De globalisering draagt nu niet meer bij aan de ver­zor­gings­staat maar wel aan de ongelijkheid

Cultuurhistoricus René Cuperus

In Cuperus' analyse vormden de sociaal-democraten van oudsher een corrigerende rem op het onversneden kapitalisme van de conservatieven. De christen-democraten hadden lange tijd zo'n zelfde temperende werking. Maar net als de sociaal-democraten verkeren de christen-democraten in een crisis, al sinds de secularisatie in de jaren vijftig. Cuperus spreekt daarom van een 'systeemcrisis', waarbij de grote middenpartijen zijn ingestort. "Zonder deze verzachtende factoren blijven we achter met een hardvochtig kapitalisme, ook nog eens in een globaliserende context, waardoor de effecten sterk worden uitvergroot."

Traditioneel vormden de sociaal-democraten bovendien de lijm in de samenleving, met hun ideaal van egalisering en volksverheffing. Dat verbindende dreigt nu weg te vallen, terwijl de kloven tussen burgers groeien. Er is een segregatie ontstaan tussen hoogopgeleiden, laagopgeleiden en immigranten. Die komen elkaar in het dagelijks leven nauwelijks nog tegen, aldus Cuperus. Vandaar zijn angst dat Europese samenlevingen gaan lijken op de Amerikaanse, met enorme verschillen in rijkdom en grote etnische spanningen.

Ondanks dat gevaar hebben veel kiezers voorlopig genoeg van de sociaal-democratie. Of wijst de zege van de sociaal-liberale Emmanuel Macron in Frankrijk juist op het tegendeel? De nieuwkomer die zich niet links en niet rechts noemt, heeft het politieke midden flink opgeschud. Hij wist de Parti Socialiste (PS) deze maand grotendeels weg te vagen met zijn nieuwe beweging La République En Marche. Nou gold de PS toch al nooit echt als sociaal-democratisch, maar eerder als socialistisch. Macron nam de liberale rechtervleugel van de partij over en bouwde die uit tot nieuwe beweging. Zo wil hij Frankrijk, twintig jaar na de buurlanden, alsnog meevoeren op de Derde Weg. Je zou Macrons succes dus ook kunnen interpreteren als de doorbraak van de sociaal-democratie in Frankrijk. Maar of hij werkelijk veel voor elkaar zal krijgen, met zijn belofte van economische hervorming en sociale cohesie, moet nog blijken.

Het recente succes van Jeremy Corbyn kun je ook op verschillende manieren bekijken. De verguisde radicaal-linkse Labourleider bezorgde zijn partij deze maand onverwacht dertig zetels winst bij de Lagerhuisverkiezingen, waar zijn sociaal-liberale voorganger Ed Miliband twee jaar geleden nog een verlies van 26 zetels had behaald. Betekent deze opleving nu dat Corbyn - met zijn betoog voor nationaliseringen en tegen harde bezuinigingen - de koers heeft gevonden die ook andere Europese sociaal-democraten kan redden?

Dat zou een verkeerde conclusie zijn, meent de Duitse politicoloog Herbert Kitschelt, werkzaam aan de Amerikaanse Duke University. "De stem op Corbyn was vooral een stem tegen de Brexit. Veel jonge kiezers begrepen ineens wat er op het spel staat en hebben zich laten mobiliseren." Corbyns goede uitslag betekent volgens Kitschelt absoluut niet dat de Britten zijn politiek steunen. In de praktijk willen de meeste kiezers helemaal geen radicale verandering, verklaart Kitschelt. Alleen hadden de Britten in hun beperkte kiessysteem - met maar twee grote partijen - feitelijk geen andere keus dan voor de radicale Corbyn. Labour is eigenlijk een vergaarbak voor de Nederlandse PvdA, GroenLinks, de Partij voor de Dieren, de SP en 50-plus samen. Dat maakt elke vergelijking zo moeilijk.

Spilfunctie

Kitschelt gaf woensdag op de Leidse universiteit een lezing over de toekomst van de sociaal-democratie. Dat wordt een kort verhaal, grapte iemand bij zijn introductie. Maar zelf is Kitschelt niet zo somber gestemd. Waarom zou je rouwen om de decimering van sociaal-democratische partijen als kiezers hun idealen beter vertolkt zien door andere partijen? De politicoloog liet diverse diagrammen zien waaruit blijkt dat de rol van de sociaal-democraten allesbehalve is uitgespeeld. De partijen zitten vaak midden in het centrum van een sterk uitgewaaierd politiek spectrum, waardoor ze bij de vorming van coalities heel nuttig kunnen zijn. Die spilfunctie zien we binnenkort wellicht al tijdens de coalitiebesprekingen in Nederland, waar de versplinterde politiek wel wat binding kan gebruiken.

Duitsland is een soort Mercedes die volkomen stabiel door een wervelende wereld rijdt

Cultuurhistoricus René Cuperus

Vreemd genoeg scoort de sociaal-democratie in Duitsland nog wel vrij goed. Onder de nieuwe leider Martin Schulz is de SPD in korte tijd gestegen van iets meer dan 20 procent naar ruim boven de 30, al zakken de peilingen wel weer iets in en stelde de partij in deelstaatverkiezingen teleur. Niettemin vormt Duitsland een opmerkelijke uitzondering in Europa, want ook Merkels christen-democratische CDU staat nog hoog in de peilingen. "Duitsland is een soort Mercedes die volkomen stabiel door een wervelende wereld rijdt", zegt Cuperus. "Merkel wordt straks gewoon voor de vierde keer bondskanselier. En de rechts-populistische AfD ligt al in de touwen voordat de verkiezingen zijn begonnen." Deze situatie is te danken aan het feit dat de Duitse economie goed blijft draaien, meent Cuperus. Ook de vluchtelingencrisis heeft Merkel net op tijd bezworen - anders was ze nu aan het wankelen geweest.

Toch is Cuperus al met al niet optimistisch over de toestand van de sociaal-democratie, die ooit als missie had om van iedereen een middenklasseburger te maken. Van dat ideaal zijn westerse samenlevingen volgens hem ver aan het afdrijven, mede als gevolg van de immigratie en groeiende sociale ongelijkheid. Hij vreest dat het minimaal vijftig jaar gaat kosten om de grote groepen Oost-Europese en Noord-Afrikaanse immigranten economisch mee te krijgen en hen te integreren in de 'leidcultuur' van de westerse democratische rechtsstaat en verzorgingsstaat. "Je kunt het natuurlijk als een voordeel zien dat er onder deze omstandigheden eigenlijk meer dan ooit behoefte is aan een grote sociaal-democratische partij. Maar in plaats van zo'n partij heb ik toch liever een sociaal-democratische samenleving."

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.

Deel dit artikel

Advertentie
Zoveel vergelijkbare drama's in verschillende Europese landen, dat kan geen toeval zijn

Vooral jongeren zoeken een alternatief voor het liberalisme van de huidige so­ci­aal-de­mo­cra­tie

De globalisering draagt nu niet meer bij aan de ver­zor­gings­staat maar wel aan de ongelijkheid

Cultuurhistoricus René Cuperus

Duitsland is een soort Mercedes die volkomen stabiel door een wervelende wereld rijdt

Cultuurhistoricus René Cuperus

Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang tot Trouw.nl.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.