Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Hoe Al-Qaida aan een mobiele bakkerij uit Nederland kwam

Democratie

Ghassan Dahhan en Milena Holdert

© Brechtje Rood

Hoe kwam de omstreden hulp aan Syrische strijdgroepen daar eigenlijk terecht, en wat gebeurde ermee? Trouw en Nieuwsuur brachten het logistieke proces in kaart, voorafgaand aan het Kamerdebat vandaag. Er ging veel mis.

Hij was nauw betrokken bij de levering van Nederlandse hulpgoederen aan Syrische strijders. En hij weet als geen ander wat daar fout ging. “Er zijn verschillende mensen in Syrië geweest die hebben gerapporteerd over de Nederlandse hulp. Ze zeggen dat er hulp in handen is gevallen van Al-Qaida”, vertelt deze Syriër nerveus door de telefoon. Trouw en Nieuwsuur spraken intensief met hem in de afgelopen maanden.

Lees verder na de advertentie

Doorgaans is hij rustig en vriendelijk, maar deze keer lijkt hij te bezwijken onder de stress. “Er is meer gebeurd. Meneer Ad en Hassan A. waren verantwoordelijk. Ik verkeer in grote problemen. Ik kan nu niet vertellen wat er aan de hand is. We spreken elkaar vanavond”. Het gesprek, begin vorige maand, heeft niet meer plaatsgevonden. De bron lijkt van de aardbodem verdwenen. 

Het is tekenend voor de complexe omstandigheden waaronder het Nederlandse NLA-programma (Non Lethal Assistance) werd uitgevoerd. De hulp aan Syrische strijdgroepen werd niet direct aan die strijdgroepen zelf gegeven. Het Nederlandse Syrië-team, dat het programma voor ‘niet-dodelijke’ hulpgoederen uitvoerde, kwam zelf nooit in Syrië. Het liet de goederen Syrië in smokkelen door twee bedrijven: een Amerikaans bedrijf dat een controversiële rol speelde in Cuba, en een onbekend, zeer gesloten Turks bedrijf.

Daarbij spelen ook cruciale sleutelfiguren een rol zoals de Nederlandse meneer Ad, voor Nederland de voornaamste contactpersoon met de rebellen. Hij was zo belangrijk voor het steunprogramma dat met zijn arrestatie door Turkije de hulp stopte. Wat ging er allemaal mis bij dat steunprogramma, en wie waren de hoofdrolspelers? 

Meneer Ad

Alle rebellenleiders die met Trouw en Nieuwsuur wilden praten over de geboden hulp uit Nederland noemen meneer Ad, verschillende van hen ook Hassan A. De twee waren de directe contactpersonen met rebellenleiders, meneer Ad namens Nederland, Hassan A. namens een van de twee bedrijven die de hulp uitvoerden.

Meneer Ad opereerde vanuit het Nederlandse consulaat in Istanbul. Op een aparte etage werkte hij met het Syrië-team aan het geheime NLA-programma. Volgens diverse betrokkenen ter plekke werkte hij voor de Nederlandse geheime dienst. Terwijl de Nederlandse Syrië-gezant vaak Syrische oppositieleiders ontving in Istanbul, ging meneer Ad geregeld naar de Zuid-Turkse stad Gaziantep, dichtbij de Syrische grens. Daar sprak hij met leiders en commandanten van de gewapende opstandelingen. De leider van de Sultan Murad Brigade, Ahmed Osman, dacht zelfs dat meneer Ad aan het hoofd stond van het Nederlandse Syrië-team, zo vaak sprak hij met de spion.

Jullie willen een gesprek met Hassan A.? Hij is moeilijker te vangen dan Trump!

Een Syrische rebbellenleider

Hoe cruciaal zijn rol was, bleek in maart van dit jaar. Hij werd toen opgepakt door de Turkse autoriteiten. De Turkse regering beschuldigt hem van spionage: hij zou inlichtingen hebben verzameld over de vermeende banden tussen IS en Turkije, en daarnaast gesprekken hebben gevoerd over de situatie in de Koerdische regio Afrin. Vlak na zijn arrestatie stopte het hele NLA-programma. Volgens Syrische rebellen en andere betrokkenen bij het steunprogramma stonden de arrestatie en de stopzetting niet los van elkaar.

Niet minder schimmig is de rol van Hassan A. Hij werkte voor Candor, een van de twee uitvoerende bedrijven die de hulpgoederen namens Nederland Syrië binnensmokkelden. Iedere poging van Trouw en Nieuwsuur om met hem in contact te komen mislukte. Een Syrische rebellenleider die hulp kreeg van Nederland, maar niet bij naam genoemd wil worden, lacht als hij hoort over deze pogingen: “Jullie willen een gesprek met Hassan A.? Hij is moeilijker te vangen dan Trump!”

Twee geheime uitvoerders

Bijna alles rond het NLA-programma is staatsgeheim verklaard door de Nederlandse regering. Ook de namen van de twee bedrijven die zorgden dat de hulpgoederen – zoals pick-uptrucks, uniformen en voedselpakketten – bij de strijdgroepen terechtkwamen. Diverse rebellenleiders leidden ons naar de bedrijven, en ook de Nederlandse regering hielp daarbij onbedoeld. Ze komen namelijk voor in de Rijksbegrotingen van de afgelopen drie jaar. Naast het Turkse bedrijf Candor International, gevestigd in Gaziantep, gaat het om het Amerikaanse Creative Associates.

In 2015 ontving Creative Associates volgens de Rijksbegroting een bedrag van ruim twee miljoen euro van de Nederlandse staat, het jaar daarop nog eens zo’n tien miljoen. Candor kreeg in totaal ruim drie miljoen euro van de staat. De commerciële bedrijven kochten de hulpgoederen voor Nederland in op de Turkse markt. De goederen voor de gewapende opstandelingen werden volledig gefinancierd uit het Stabiliteitsfonds, dat de ‘stabiliteit en rechtsorde in conflictgebieden bevordert’. Het fonds wordt beheerd door Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingssamenwerking.

Wat voor bedrijven zijn dat? Op de website van Candor staat dat het bedrijf geleid wordt door vrouwen en goederen naar Syrië brengt. Het bedrijf zorgt ervoor dat de spullen goed terechtkomen en dat de levering op transparante wijze plaatsvindt. Het uitladen zal, ook volgens de website, worden gefotografeerd en gefilmd. Ook houdt Candor ontvangstbewijzen bij. Minder transparant is het bedrijf over zijn opdrachtgevers, Nederland wordt nergens genoemd bijvoorbeeld. Ook geen woord over de ontvangende partijen.

De donorlanden waren op de hoogte, wij stuurden dagelijks berichten

Osama al-Jasm

Creative Associates levert in opdracht van USAID – ontwikkelingssamenwerking van de Verenigde Staten – hulpgoederen in Latijns-Amerika, Afrika en Azië. Op zijn website toont Creative de hulpprojecten, waaronder die in Syrië. Zo heeft het bedrijf een app ontwikkeld voor Syrische kinderen, waarbij ze dingen leren over de Syrische cultuur, en verhalen over activisten. Maar een hulpprogramma ontbreekt: dat voor de Syrische rebellen.

Het programma dat Creative voor Nederland uitvoerde heet DAMOS (Dutch Support for the Armed Moderate Opposition in Syria). De Nederlandse regering verklaarde de naam van deze uitvoerder tot staatsgeheim: “In het belang van de veiligheid van bij de Nederlandse steun betrokken partijen doet het kabinet geen uitspraken over de uitvoerende organisatie(s) en over de gehanteerde werkwijzen.”

Geheime werkwijze

Creative zelf zegt helemaal niet om die geheimhouding te hebben gevraagd. Woordvoerder Michael Zamba schrijft in antwoord op vragen van Trouw en Nieuwsuur dat de opdrachtgever – in dit geval Nederland – dat bepaalt. Hij bevestigt dat Creative hulpgoederen leverde aan Syrische opstandelingen namens Nederland, en hij vertelt ook over de ‘geheime’ gehanteerde werkwijze: “De Nederlandse regering selecteerde het soort goederen en het aantal in te kopen spullen, alsook de groeperingen die ze zouden krijgen. Een aantal teams van specialisten monitorde en controleerde de aankopen en leveringen van de goederen. Het project verliep volgens de hoogste standaarden van transparantie en verantwoording.”

Maar Creative is een controversieel bedrijf, juist vanwege zijn verborgen agenda. Journalisten van Associated Press ontdekten in 2014 een geheim beïnvloedingsprogramma van de Amerikaanse regering in Cuba, dat werd uitgevoerd door Creative. Het Amerikaanse bedrijf ontwikkelde in opdracht van de Amerikaanse regering een ‘nep-Twitter’, genaamd ‘ZunZuneo’ die Cubanen in staat stelde om met elkaar te communiceren en de strenge internetcensuur te omzeilen. Het doel van het programma was echter niet zozeer om Cubanen met elkaar te laten praten, als wel om de gesprekken tussen hen te monitoren. Toen het aantal gebruikers toenam, begon Creative politiek gevoelige berichten te verzenden naar de gebruikers, in de hoop protesten uit te lokken tegen de Cubaanse regering. Creative-woordvoerder Zamba vindt de berichtgeving overdreven.

De rebellenleider vraagt om dertien stuks Toyota Hilux, vier Phantom-drones en een vrachtwagen

Over het programma van Creative in Syrië is weinig bekend, hoewel het bedrijf voor diverse regeringen voor vele tientallen miljoenen dollar aan ‘non-letale’ goederen heeft geleverd aan rebellen, blijkt uit openbare bronnen en antwoorden van de woordvoerder. Op internet staan maar twee verwijzingen naar de steun van Creative aan de opstandelingen: een contract tussen de Amerikaanse regering en Creative, en een opdracht van USAID voor een evaluatie van het steunprogramma.

Wat er misging

De levering van hulpgoederen geschiedde als volgt. De rebellenleiders kregen een lijst van goederen, waaruit zij de spullen mochten kiezen. Vervolgens gaf Nederland zijn fiat en leverde Candor of Creative de spullen.

Trouw en Nieuwsuur hebben zo’n bestelformulier in handen van Candor, afkomstig van de Turkmeens-nationalistische strijdgroep Suleyman Shah Brigade. Deze strijdgroep onderhoudt nauwe banden met Erdogan en staat ideologisch dicht bij de Turks-extremistische Grijze Wolven. Leider Mohamed al-Jasm stuurt het bestelformulier op.

Uit zijn verlanglijst wordt onmiddellijk duidelijk waar de voorkeur ligt: pick-uptrucks. De rebellenleider vraagt om de Toyota Hilux, dertien stuks in totaal. Verder vraagt hij om vier Phantoms (drones) en een vrachtwagen. De drones heeft hij niet gekregen, dat vindt hij niet erg. Op de vraag via WhatsApp of hij de Nederlandse Syrië-gezant Gerard Steeghs kent, stuurt hij een emoticon met hartjes voor zijn ogen en een rode roos, met de tekst ‘dat is een goede man!’

Mobiele bakkerij

Trouw en Nieuwsuur hebben ook een ontvangstbewijs in handen van een mobiele bakkerij. Op papier was de ontvangende partij een civiele hulporganisatie in de Syrische stad Atareb. De levering vond plaats in maart 2017. Onderaan het document staan twee handtekeningen: die van Candor-directeur Francesca Nurlu en die van de ontvangende partij: Mesia al-Mahmoud, het hoofd van de civiele organisatie.

Al-Mahmouds facebookprofiel staat in scherp contrast met de aard van haar civiele stichting. Op de ene foto is ze te zien met een kalasjnikov, op de andere met pistool. Ze is te zien met raketten, met een boordkanon en met een fototoestel. Ze is tevens journalist, vertelt ze, en betrokken bij de Martelaren van Atareb, een kleine strijdgroep in de provincie Idlib.

Mesia al-Mahmoud staat ons hartelijk te woord, en vertelt over het lot van de oven. Zij runde de bakkerij. Kort na de ontvangst ging het verkeerd, bij een bestorming van Atareb door Al-Qaida. “De oven werd in beslag genomen door Al-Qaida.” Dit incident werd opmerkelijk genoeg pas voor het eerst door de regering aan de Kamer gemeld, nadat Trouw en Nieuwsuur eerder deze maand over het NLA-programma publiceerden. In de brief aan de Kamer schrijft Blok dat de oven ‘na bemiddeling’ is teruggegeven.

Rechtszaak

De Martelaren van Atareb spanden een zaak aan voor de Sharia-rechtbank van Al-Qaida, vertelt Al-Mahmoud. “Ik heb zelf de rechtszaak gevoerd, en ik heb alle documenten overlegd. Ik zei tegen de Emir (van Al-Qaida, red.): ‘Jullie willen de oven alleen om winst te maken, wij willen hem voor de burgers.’ Na twee maanden kregen we de oven weer terug. Maar die oven werkt niet meer.”

In 2016 kreeg Al-Qaida via ont­vangst­be­wij­zen van Candor inzicht in de partijen die Nederlandse steun kregen

De Syrische bron waarmee dit verhaal begon en die verdween, was nauw betrokken bij Candor. Hij kent meer incidenten waarbij Nederlandse hulpgoederen in handen zijn gevallen van Al-Qaida. In 2016 kreeg Al-Qaida bij een bestorming zelfs de ontvangstbewijzen van Candor in handen, vertelt hij. Dat zou betekenen dat Al-Qaida inzicht heeft in organisaties die steun kregen van Nederland via Candor. Dit incident is nooit gemeld aan de Kamer.

In antwoord op Kamervragen heeft de Nederlandse regering in de afgelopen drie jaar slechts twee incidenten gemeld, waarbij Nederlandse hulp in handen van Al-Qaida kwam. Het eerste incident vond plaats in 2015, waarbij voedselpakketten waren buitgemaakt door Al-Qaida. Het tweede was in 2017, toen de bakkerij van Al-Mahmoud in beslag werd genomen. Maar volgens rebellenleiders en betrokkenen, hebben er meer incidenten plaatsgevonden.

Divisie 13

Zo zouden volgens Al-Mahmoud ook in januari 2017 Nederlandse spullen in handen zijn gevallen van Al-Qaida: “Al-Qaida heeft alles van Divisie 13 ingenomen, al hun voedsel en hun medische kits. Ook van andere groeperingen in Idlib heeft Al-Qaida alles afgepakt.” Divisie 13 is een van de strijdgroepen die hulpgoederen van Nederland kregen.

Twee rebellenleiders bevestigen dat er meer Nederlandse hulpgoederen terecht kwamen bij Al-Qaida. De ene is Osama al-Jasm, de leider van Jaish al-Fatiheen (‘Leger van de Veroveraars’). Trouw en Nieuwsuur ontdekten vorige week dat ook zijn groepering steun heeft ontvangen van Nederland. Hij kreeg onder meer pick-uptrucks en voedselpakketten, ook via Candor.

Al-Qaida

Al-Jasm zegt dat Al-Qaida profiteert van andere rebellenbewegingen, met medeweten van de donorlanden. “Alle donorlanden waren op de hoogte. Wij stuurden dagelijks berichten aan hen dat veel groeperingen samenwerkten met Al-Qaida. Dat wisten de donorlanden. Het was ons een doorn in het oog. Hoe kan je groepen steunen steunen als ze samenwerken met Al-Qaida? Het is hetzelfde als Al-Qaida direct steunen.”

Op de vraag van welke groeperingen Al-Qaida spullen krijgt, lacht hij: “Alle groeperingen hier hahaha! Nou ja steun… Sommigen steunden Al-Qaida vrijwillig, anderen deden het onder dwang.” Op de vraag of ook zijn groepering met Al-Qaida samenwerkt, zegt hij heel serieus: “Nee, nee, wij niet.”

De andere rebellenleider, die niet bij naam genoemd wil worden,  bevestigt dit. Ook zijn strijdgroep kreeg hulp van Nederland. “Wij weten meer dan jullie Nederlanders. De Nederlanders willen horen dat alles goed is gegaan. Maar Al-Qaida heeft ons uitgekleed.”

Het ministerie van buitenlandse zaken is om wederhoor gevraagd voor dit artikel, maar heeft niet inhoudelijk gereageerd. De namen van geanonimiseerde personen zijn bekend bij de redactie.

Lees alles over Nederlandse steun aan Syrische rebellen in ons dossier.

Deel dit artikel

Jullie willen een gesprek met Hassan A.? Hij is moeilijker te vangen dan Trump!

Een Syrische rebbellenleider

De donorlanden waren op de hoogte, wij stuurden dagelijks berichten

Osama al-Jasm

De rebellenleider vraagt om dertien stuks Toyota Hilux, vier Phantom-drones en een vrachtwagen

In 2016 kreeg Al-Qaida via ont­vangst­be­wij­zen van Candor inzicht in de partijen die Nederlandse steun kregen