Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Heerlijk, zo’n staatssecretaris voor de vervelende klusjes

Democratie

Redactie

Minister Ank Bijleveld en staatssecretaris Barbara Visser van defensie, tijdens een bezoek aan de Nederlandse troepen in Irak. © ANP Handouts
Plein 2

Het lijkt de droom van iedere minister: een staatssecretaris die de hoofdpijndossiers op zich neemt, die je voor het wekelijkse vragenuurtje naar de Tweede Kamer kunt sturen om tekst en uitleg te geven over het laatste incident op het ministerie. 

Bij Defensie is deze rolverdeling sinds het begin van dit kabinet staande praktijk. Terwijl Ank Bijleveld (CDA) de grote lijnen uitzet, gaat Barbara Visser (VVD) als staatssecretaris voor materieel en personeel over munitietekorten en uit de hand gelopen ontgroeningen.

Lees verder na de advertentie

Neem vorig jaar oktober. Op de negende moest Visser vragen beantwoorden over giftige kruitdampen op een schietbaan van het Korps Commandotroepen. En passant mocht ze ook toelichten waarom de vakbonden haar cao-voorstel afwezen. De week daarvoor moest ze al uitleggen waarom de landmacht geen winterjassen had gekocht voor een grote oefening in Noorwegen.

Diezelfde week kon Bijleveld goede sier maken. Samen met haar inlichtingenchef Onno Eichelsheim vertelde ze op een persconferentie in geuren en kleuren hoe de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst een groepje Russische spionnen in de smiezen kreeg en zo belette in Den Haag de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens te hacken.

De terugkeer van een staats­se­cre­ta­ris op Defensie toont ook dat het departement er weer toe doet

Intussen zet Bijleveld ook bij de aanschaf van nieuwe wapens de grote lijnen uit. Bij de Navo bespreekt ze hoe de Nederlandse krijgsmacht er in de toekomst uit moet zien, en bij de Europese Unie onderhandelt ze over een gezamenlijk wapenfonds. Pas daarna kan Visser de aanbestedingen voor de gewenste wapensystemen uitschrijven.

Hennis

De ondersteuning door een staatssecretaris komt tegemoet aan een oproep van de Kamer tijdens het vorige kabinet. Partijen wilden toen zo vaak met minister Jeanine Hennis in debat, dat zij zich afvroegen of die nog wel voldoende tijd had om de relatie met bondgenoten te onderhouden en na te denken over militaire strategie. Uiteraard kwam er halverwege de rit geen staatssecretaris bij; Hennis en haar VVD zouden dat opvatten als een teken van zwakte.

Maar de terugkeer van een staatssecretaris op Defensie toont ook dat het departement er weer toe doet. In de jaren zestig had Nederland een omvangrijk dienstplichtigenleger, en kreeg de minister hulp van aparte staatssecretarissen voor de landmacht, luchtmacht en marine. In de jaren zeventig ging het aantal staatssecretarissen terug naar twee: een voor personeel en een voor materieel. In de nadagen van de Koude Oorlog voegde Lubbers-II deze twee functies samen.

Onder Rutte-II moest het helemaal zonder staatssecretaris. De krijgsmacht ondernam toch geen grootschalige missie in het buitenland en een minister kon ook wel op eigen houtje bezuinigen, zo was de gedachte. Maar door de gespannen relatie met Rusland wil Den Haag de paraatheid van de krijgsmacht weer verhogen, dus moet een staatssecretaris de tekorten aan kogels en reserve-onderdelen oplossen.

Cees van der Knaap © ANP

Jenever

Die problemen zijn nog niet verholpen, maar een ding doet Visser wel goed. Ze baart geen opzien, zoals enkele markante voorgangers. Cees van der Knaap moest tijdens de eerste drie kabinetten Balkenende overmatig drankgebruik bij de krijgsmacht aanpakken. Hij besloot tot een algehele drooglegging op missies. Maar op werkbezoek kon hij het niet opbrengen solidair te zijn. In zijn slaapcontainer genoot hij in het geniep van zelf meegebrachte jenever en in het regeringsvliegtuig stak hij graag een sigaret op.

Ook zijn opvolger Jack de Vries nam het niet zo nauw met de discipline. Hij gelastte dat militairen een relatie met een collega moesten melden en legde het zelf aan met zijn adjudant. Volgens De Vries golden de regels niet voor hemzelf: hij was geen militair. Zijn echtgenote was minder coulant. Al spoedig kon De Vries zich bij een kazernepoort melden voor een slaapplaats.

Voorts ontkomen we niet aan de arme Charl Schwietert. Hij hield het in 1982 maar drie dagen vol als staatssecretaris van defensie in het kabinet Lubbers-I, nadat bleek dat hij zowel zijn universitaire titel als zijn officiersrang als dienstplichtige had verzonnen.

Markante ‘hulpjes’ op Defensie

1. Cees van der Knaap
2. Jack de Vries
3. Charl Schwietert

In Plein 2 leest u de belangrijke en minder belangrijke bijzaken in politiek Den Haag, beschreven door de parlementaire redactie van Trouw.

Deel dit artikel

De terugkeer van een staats­se­cre­ta­ris op Defensie toont ook dat het departement er weer toe doet