De oppositie in Turkije verkeert in zwaar weer

democratie

Melvyn Ingleby

Aanhangers van het 'nee'-kamp bij het referendum protesteren tegen de uitslag in Istanbul. © AFP

De Turkse oppositie worstelt met zichzelf. Partijen zijn onderling verdeeld en hebben het contact met veel Turken verloren.

Straffe regenstralen dalen neer op een groep demonstranten. Het is avond in Besiktas, een wijk in Istanbul waar zo'n 83 procent van de inwoners afgelopen zondag 'nee' stemde. Sindsdien protesteren hier iedere avond honderden met name jonge Turken tegen de uitslag van het referendum.

Lees verder na de advertentie

'Wij zijn de soldaten van Mustafa Kemal!' brult een groep jongens. De verwijzing naar de stichter van het moderne Turkije is voor hen een krachtige oppositiekreet geworden. Maar de aanhangers van de Koerdische HDP in diezelfde menigte voelen zich duidelijk ongemakkelijk bij de Turks-nationalistische slogan.

Plotseling klinkt er een kreet die wel verenigt: "Overal Taksim!" Langzaam vertrekken de doorweekte demonstranten richting het beroemde plein waar in 2013 massale protesten tegen de regering plaatsvonden. Maar een groepje van zo'n tien agenten verspert de weg. De demonstranten komen Besiktas niet uit.

Veel partijleden denken tegenwoordig dat 'links' iets met levensstijl te maken heeft

Toen was links nog heel gewoon

Eerder die dag kwam de gepensioneerde ambtenaar Ayse Dündar in diezelfde wijk het partijkantoor van de CHP, de grootste oppositiepartij binnen. Terwijl een groepje mannen theedrinkt en de regering verfoeit, is Dündar vooral kritisch over haar eigen partij. "Links bestaat niet meer in Turkije."

Dat was weleens anders, vertelt de 59-jarige. "In de jaren zeventig was de CHP een brede volkspartij. We werkten nauw samen met de vakbonden en waren overal: in de dorpen, de fabrieken, op straat. Maar vanwege ons verzet tegen neoliberale hervormingen pleegde het leger in 1980 een staatsgreep. Anderhalf miljoen mensen werden aangehouden, mijn vrienden verdwenen de cel in."

Die ruimte op links werd volgens Dündar opgevuld door islamistische bewegingen. Zij stonden dichtbij de gewone man en werden door het bedrijfsleven als een stabiele factor gezien. Het uiteindelijke resultaat was de AKP van Erdogan: een neoliberale moslim-volkspartij.

Verontrust door de emancipatie van gelovige Turken verving de seculiere CHP ondertussen haar oude linkse idealen voor identiteitspolitiek. "Het typische voorbeeld daarvan is de hoogblonde CHP-dame," vertelt Dündar. "Veel partijleden denken tegenwoordig dat 'links' iets met levensstijl te maken heeft."

Bruggen slaan

En dus zochten veel progressieve Turken hun heil elders, zoals bij de pro-Koerdische HDP. Een paar straten bij het kantoor vandaan heeft HDP-woordvoerder Sebnem Sünnetcioglu dan ook geen goed woord voor hun collega-oppositieleden over.

"Het zou beter zijn voor de Turkse democratie als de CHP überhaupt niet bestond", beweert ze stellig. "In het parlement stemden CHP-politici vorig jaar samen met de AKP vóór het opheffen van parlementaire onschendbaarheid. Dat doen ze omdat ze weten dat met henzelf als elite-partij niets zal gebeuren. Maar door dat besluit verdwenen onze HDP-politici de cel in."

Volgens de regering heeft de HDP banden met de Koerdische PKK. Terroristische aanslagen door TAK, een afsplitsing hiervan, eisten sinds juni 2015 zo'n 220 doden en 950 gewonden op. Sünnetcioglu verwerpt het geweld, maar ontkent niet dat er persoonlijke connecties bestaan tussen de HDP en de PKK.

"Het gaat om familiebanden. Zo zijn er gezinnen die op de HDP stemmen van wie de kinderen samen met de PKK strijden. Wij proberen dat juist te voorkomen, want we kunnen die families niet in de steek laten. We proberen een brug te zijn. Je kan ons niet de schuld geven voor wie die brug oversteekt."

Bovendien voelt een deel van dat volk zich nog altijd niet thuis bij de partij

Geen alternatief

Toch lijkt de HDP haar potentieel van een paar jaar terug te verliezen. Het terroristenstempel dat de Turkse media genadeloos op de partij plakken, weekt niet meer los. Dat het partijkantoor van de HDP in Besiktas versierd is met een poster van Abdullah Öcalan, de oprichter van de PKK, helpt daar ook niet bij. "Ikzelf was er tegen", verklaart Sünnetcioglu. "Maar het betekent veel voor onze leden uit het zuidoosten."

De vraag blijf dus: bij welke partij kan de doorsnee Turk nog effectief oppositie voeren? Volgens CHP'er Ayse Dündar is het duidelijk: als de oppositie een kans wil maken, moet haar partij weer terug naar de linkse idealen van vroeger.

Die koerswijziging staat al op de agenda, vertelt ze. "Onze partijleider Kilicdaroglu probeert de CHP weer tot een brede volkspartij te maken. In het parlement dient de CHP momenteel de meeste voorstellen over arbeidsrechten en mensenrechten in. Maar omdat we zo weinig ruimte krijgen in de media, hebben we moeite om mensen van onze koers op de hoogte te brengen."

Bovendien voelt een deel van dat volk zich nog altijd niet thuis bij de partij.

Ayse Dündar: "Ik heb eens een meisje met hoofddoek kunnen overtuigen om bij de partij gegaan, maar er wordt nog steeds stiekem op haar neergekeken." In een land waar de meerderheid van het electoraat praktiserend moslim is, is dit een recept voor eeuwig verlies.

Zolang de Turkse oppositie geen uitweg vindt uit deze structurele problemen, ziet het ernaar uit dat Erdogan aan de macht zal blijven. Want al wordt de Turkse president slechts door de helft van de Turken gesteund, een alternatief is ver te zoeken.

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

Deel dit artikel

Advertentie
Veel partijleden denken tegenwoordig dat 'links' iets met levensstijl te maken heeft

Bovendien voelt een deel van dat volk zich nog altijd niet thuis bij de partij