Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

We gaan het meemaken: Amersfoort aan zee

Cultuur

Johan Nebbeling

Stadsstrand Amersfoort © Johan Nebbeling
Mooiste Nederland

In Amersfoort keken ze raar op, toen daar een stadsstrand kwam. Straks krijgt de stad ook nog een strandpaviljoen onder een appartementencomplex.

De stijgende zeespiegel maakt het onvermijdelijk: ooit komt Amersfoort aan zee te liggen. Hoe dat zal zijn? Een voorproefje geeft Zandvoort aan de Eem, een van de oudste stadsstranden van Nederland.

Lees verder na de advertentie

Annelies de Graaf uit Barneveld viert binnenkort haar 37ste verjaardag. En waarschijnlijk doet ze dat bij Zandvoort aan de Eem. “Waarom niet? De sfeer is goed, je kunt betaalbaar en prima eten en drinken, de mensen van de bediening zijn aardig en de kinderen kunnen hun gang gaan. Het is ook lekker vrijgevochten. Daar houden wij wel van.”

In het begin werd er vreemd tegenaan gekeken: hùh, een stadsstrand, wat moet dat!?

Annelies zit met echtgenoot Marc (38) en twee van hun drie kinderen aan een tafel op het stadsstrand van Amersfoort. Het is hoogzomer en hun hoveniersbedrijf ligt nagenoeg stil. Tijd zat om er even op uit te trekken. “Je hebt hier alles van het strand, behalve de zee zelf”, zegt Marc, die (‘het mag van Annelies’) zijn T-shirt heeft uitgetrokken en in korte broek en blote bast van de zoele zomeravond geniet. Hij neemt nog maar een slok van zijn Vedett-biertje. “Als we naar Zandvoort of Scheveningen willen, zitten we minstens een uur in de auto. Hier zijn we binnen een kwartier. En je bent er toch even helemaal uit.”

Boei

Een terrein van 2500 hectare volgestort met 960 kuub IJsselmeerzand, aangevoerd door zestig vrachtwagens. Picknicktafels, strandstoelen, speeltoestellen en een avondzon die alles in een gouden gloed zet. In een halfronde golfplaten loods een restaurant met bar, een beschaduwd terras onder doek, een levensgrote rood-witte boei in een hoek en een beetje achteraf een door twee binnenschepen op het droge afgebakend beachvolleybalveldje. Aan de kade van het riviertje de Eem, een stukje verderop, liggen boten afgemeerd.

Vijftien jaar geleden begon Amersfoorter André van Gelderen (63) hier met Zandvoort aan de Eem. De oud-psychiatrisch verpleegkundige - vriendelijke, oplettende ogen, halflang grijs haar, wit sikje, woest borsthaar dat uit een Hawaï-shirt steekt - had enkele jaren eerder in Amsterdam met succes club Panama opgezet in een desolaat deel van de stad. Nu liet hij zijn oog vallen op het al jaren braakliggende, zwaar vervuilde terrein waar ooit de volkswijk ’t Sasje stond - het verdomhoekje van Amersfoort, zijn eigen stad.

Festivalstad

“Het is tegenwoordig een echte festivalstad”, zegt hij. “Maar toen was er weinig te doen, zeker buiten het centrum. Ik vond: je moet in je eigen stad niet alleen kunnen uitgaan of shoppen, maar ook echt recreëren. In het begin werd er vreemd tegenaan gekeken: hùh, een stadsstrand, wat moet dat!? Nu is Zandvoort aan de Eem een begrip. We trekken een gemengd publiek van gezinnen, jongeren en ouderen, mensen van alle rangen en standen. Het hele jaar door organiseren we festivals, evenementen, feestjes en bruiloften. Ik heb dertig man personeel rondlopen.”

Na de sluiting van de Prodentfabriek in 2011 begon ook de gemeente Amersfoort de potentie te zien van het vergeten gebied. Dat ontwikkelt zich sindsdien in razend tempo tot een tweede stadscentrum, De Nieuwe Stad; een hippe, duurzame, innovatieve aanvulling op loopafstand van het prachtige, maar ook wat statische historische centrum. Oude fabriekshallen kregen een nieuwe (creatieve) functie, spraakmakende nieuwbouw is opgerukt tot vlak bij het stadsstrand. Van Gelderen, wijzend naar die nieuwbouw (appartementencomplexen, bioscoop, winkelcentrum, parkeergarage) rondom hem: “Bijna alles wat je nu ziet, was er vijftien jaar geleden niet.”

Aardigheidje

Volgens Van Gelderen heeft De Nieuwe Stad Amersfoort een ‘enorme impuls gegeven’. Maar het betekent ook het einde voor Zandvoort aan de Eem, althans in zijn huidige vorm. “Zandvoort aan de Eem was bedoeld als iets tijdelijks, een aardigheidje. Het liep zo goed en de gemeente was er zo blij mee dat we een vergunning hebben gekregen tot 2023.”

Nu die datum nadert, maakt hij zich op voor wat hij ‘mijn laatste kunstje’ noemt: de bouw van een luxe appartementencomplex van tien hoog, gecombineerd met een strandpaviljoen. De tekeningen liggen al klaar, de vergunningen zijn aangevraagd. Van Gelderen: “Een paviljoen onder de hoogbouw, dat bestaat nog niet in Nederland. Het wordt heel bijzonder. Maar voor mij is het allerbelangrijkste dat de vrijgevochten sfeer van Zandvoort aan de Eem behouden blijft.”

Water of niet, geen stad kan zonder strand

De stadsstrand-rage ontstond in het buitenland (Paris Plage, Amager Strandpark Kopenhagen, Brussel Bad, Berlin Badestrande)en waaide al snel over naar Nederland, het eerst naar Rotterdam: Strand aan de Maas. Tegenwoordig kan een beetje stad niet meer zonder eigen stadsstrand. Daarvoor heb je niet eens water nodig, zand, een paar banken en strandstoelen en een restaurantje of strandtentje (liefst met toiletten) volstaan voor een echt strandgevoel in hartje stad.

Bij stadsstranden draait het niet alleen om relaxen en genieten, maar ook om zien en gezien worden.

Stadsstranden zijn er in alle vormen en maten en voor elke doelgroep. Een selectie van Nederlands stadsstranden: Amsterdam met Blijburg aan Zee en Pllek, Utrecht met Soia en Copacabajes, Eindhoven met Playa d’Evoluon, Groningen met Stadsstrand Ebbingekwartier, Haarlem met De Oerkap, Breda met Belcrum Beach en Zwolle met Stadsstrand Zwolle.

Kijk voor een overzicht van (bijna) alle Nederlandse stadsstranden op stadsstranden.nl

Lees ook:

Zoals Hagenaars het gevaar van de Noordzee trotseren, doen de Berners dat met hun Aare

Zoals de Friezen schaatskoorts kennen, staan de Berners elk jaar te trappelen voor een sprong in de rivier de Aare. Deze zomer zijn er voor het eerst zwemlessen voor toeristen.

Deel dit artikel

In het begin werd er vreemd tegenaan gekeken: hùh, een stadsstrand, wat moet dat!?