Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Seks? Nu even niet!

Home

Henk van Straten

Een beeld van onopgemaakte lakens. © Hollandse Hoogte

In een reeks verhalen onderzoekt schrijver Henk van Straten het universum van zijn eigen verwondering. Vandaag heeft hij last van zijn libido, dat hem afleidt van belangrijker zaken.

Soms fantaseer ik over castratie. Nu niet meteen de pagina omslaan. Ik kan het uitleggen. Neem afgelopen zondag. Met een lichte kater zat ik voor de laptop. Het was zonnig en in mij woedde onrust. Ik had zin in seks. Ik had me voorgenomen om te schrijven - ik had meerdere deadlines - en om later op de dag misschien een wandeling in het bos te maken. Maar ik had dus zin in seks. Met een kater heb ik dat eigenlijk altijd.

Lees verder na de advertentie
De deadline van het ene stuk was de dag erna; ik kon het ook de volgende ochtend schrijven

Ik staarde naar buiten, vingertrommelde een ritme op tafel en nam mijn opties door. Ik kon L vragen, of anders K. Het probleem met K is dat ze niet kan ontvangen, omdat ze een huisgenoot heeft, en ze dus hiernaartoe moet komen. Dat heb ik liever niet; ik wil degene zijn die kan vertrekken. L was waarschijnlijk überhaupt niet in de stad. Ook kon ik F proberen, maar haar had ik al heel lang niets meer laten horen; dat maakt een booty call uit het niets wat lastiger.

Maar wacht eens even: ik zou gaan schrijven! Ik zou gaan wandelen! Bovendien gaat seks altijd gepaard met een paar biertjes; daarna nog schrijven is uitgesloten. En ik drink sowieso al te veel. Dus nee. Njet.

Ik deed de afwas, deed een poging tot schrijven. Na één alinea pakte ik mijn telefoon erbij en ging door de lijst met contacten. Ik bekeek foto’s van L, foto’s van K. Ik stelde me de seks met hen voor. De begeerte maakte me duizelig. Het idee dat ik ze werkelijk zou kunnen aanraken deed me koortsig zoeken naar excuses om niet te hoeven schrijven. De deadline van het ene stuk was de dag erna; ik kon het ook de volgende ochtend schrijven, en voor de andere deadline kon ik heus wel uitstel krijgen.

Nee. Ik moest sterk zijn. Ik had dit al te vaak zo gedaan. Ik ben een schrijver, een vader. Ik heb verantwoordelijkheden. Er was ook nog een roman waar ik aan wilde werken. Daar was ik amper aan toegekomen. Maar de drang, de drang…

Ik keek porno en masturbeerde.

En poef, weg was de drang. Seks? Nee, dank u! Niets voor mij!

De libido-dip

Gek hoe dat kan, hoe dat werkt. De libido-dip. Zo urgent en onontkoombaar als de lust net nog was geweest, zo afwezig en haast lachwekkend was hij nu. Het was haast niet meer voor te stellen dat ik er zoveel zin in had gehad. De eerste minuten na een orgasme is er zelfs sprake van afkeer van seks.

En zo had ik door middel van masturbatie een heel dagdeel gewonnen. Ik kon schrijven, kon wandelen, had alle vrijheid en alle rust. Zen & The Art of Masturbation.

Maar uiteraard werkt masturbatie maar tijdelijk. Na het orgasme wordt het libido meteen weer afgestoft en aangezwengeld. En dus masturbeerde ik die middag nog een tweede keer. Want typen moest ik. Wandelen wilde ik.

Niet alleen met een kater heb ik zin in seks, natuurlijk. Veel vaker. Als ik eerlijk ben: vaker dan me lief is. En even vaak als wel wend ik me niet tot masturbatie. Dan stuur ik na lang wikken en wegen (wat op zichzelf óók weer ontzettend niet-productief is) wél dat appje. Dan zijn er de biertjes, het aftasten, de seks en - naderhand, beneveld - de vraag: Moest dit nou per se? Ik had honderd andere dingen kunnen doen. Wat was er nou eigenlijk zo belangrijk aan?

Eigenlijk precies zoals met het leven en de dood: de wil om te leven is er alleen bij iemand die leeft

Het libido is een aandoening. Mijn libido is mijn ziekte.

Aandoening

Maar als dat zo is - als het libido inderdaad een aandoening is - moet ik daar dan niet eens een medicijn voor vinden? Of - om terug te komen op de omineuze openingszin van dit stuk - een chirurgische ingreep?

Ik stel me de geestelijke toestand na castratie voor als een permanente libidodip. Geen enkele behoefte meer aan seks. Je zelfs niet kunnen vóórstellen dat je er zin in hebt. Wat een rust! Wat een zee van tijd en mogelijkheden!

Je kunt nu natuurlijk zeggen: ‘Maar stel je even voor dat je nooit meer seks hebt!’ Ja, dat is een horrorscenario. Maar is het niet alléén een horrorscenario wanneer je het bekijkt met de ogen van iemand met een libido? Heb je dat niet, dan haal je er je schouders bij op. Eigenlijk precies zoals met het leven en de dood: de wil om te leven is er alleen bij iemand die leeft. Ben je eenmaal dood, dan is de dood geen probleem meer.

Bekeken vanuit die libidodip, wat héb ik dan eigenlijk aan dat libido? Misschien roept u nu naar deze pagina van uw krant: ‘Het hele leven draait om voortplanting, idioot! Zonder libido is er geen leven!’ Natuurlijk, dat is zo. Maar ik héb al twee zoons. En had ik die niet gehad, dan nóg weet ik niet of ik dat nou werkelijk zo belangrijk vind, dat hele voortplantingsgebeuren. Waarom moet ik het belangrijk vinden dat de mensheid voor eeuwig blijft voortbestaan?

Een wandeling door mijn eigen pornoscènes

Drijfveer

Is het libido misschien de bron van ándere energie? Is het de motor van mijn inspiratie en werklust? Helpt het mijn schrijverschap? Worden mijn romans er beter door? Mijn stukken in de krant? Nee, zoals ik net al aantoonde zit het libido dat alleen maar in de weg.

Ben ik er misschien een betere vader door? Ik geloof van niet. Ook hier heb ik er alleen maar last van. Zonder zin in seks heb ik meer geduld, ben ik rustiger. Een betere vader, dus.

Wandelen. Zonder libido zie ik de bomen, ruik ik de lucht, baad ik in de zon. Mét libido zie ik overal borsten, geslachtsdelen, monden. Een wandeling door mijn eigen pornoscènes.

Zal ik het sjansen missen? De vluchtige, maar hart­ver­snel­len­de blikken?

Vrouwen in mijn leven

En hoe zit het eigenlijk met de vrouwen in mijn leven? Dat zal ik vertellen. Zonder libido zal ik hen alleen nog waarderen om hun aard en hun daden, om hun woorden en hun gezelschap, hun humor en warmte. Ik zal ze benaderen zonder bijbedoelingen. Ik hoef geen indruk meer op ze te maken. O, de rust! Zal ik het sjansen missen? De vluchtige, maar hartversnellende blikken? De spanning, het bruisen van het bloed? Misschien wel, maar aan de andere kant: ook daar heb ik soms alleen maar last van, want ook die dingen maken me vaak vooral zenuwachtig en ongemakkelijk.

Ik heb even ‘castratie’ gegoogeld. Vooral veel websites over honden en katten. Ik maakte er ‘castratie mensen’ van. Hebbes. Wat blijkt? Mannen worden alleen gecastreerd in geval van kanker (dan heet het overigens geen castratie, maar orchidectomie) en in geval van geslachtsverandering. Dus óf ik moet zorgen dat ik testiculaire kanker krijg (hoe doe je dat?) óf ik ga jurken dragen en probeer een plastisch chirurg te overtuigen van mijn wens een vrouw te worden. De derde en laatste optie is natuurlijk dat ik het zelf doe. Misschien zijn er YouTube-tutorials voor. Of misschien kan ik mijn knapzakje in het terrarium van mijn hagedis Oscar hangen. Hopen dat hij toehapt.

Enfin, ik weet het verder ook niet. Dit stuk is zo wel af. Ik krijg net een appje van F. Wat ik aan het doen ben. Of ik zin heb om langs te komen.

Ze wéét dat ik ziek ben. Ze wéét van mijn libido. En toch.

Deel dit artikel

De deadline van het ene stuk was de dag erna; ik kon het ook de volgende ochtend schrijven

Eigenlijk precies zoals met het leven en de dood: de wil om te leven is er alleen bij iemand die leeft

Een wandeling door mijn eigen pornoscènes

Zal ik het sjansen missen? De vluchtige, maar hart­ver­snel­len­de blikken?