Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Schrijver Jane Gardam: Mijn personages hebben me gered

Cultuur

Vivian de Gier

© Hollandse Hoogte / Lebrecht Music + Arts
Interview

Als auteur op leeftijd internationaal gevierd worden - dat overkwam de Britse schrijfster Jane Gardam (89). ‘Het is een geschenk van God.’

Interviews geeft ze nog maar weinig, en optreden op literaire festivals - nee, daar is ze echt te oud voor, vindt de bijna 90-jarige Jane Gardam. Haar oude ogen lichten soms verrassend fel op, en ze is gevat, met die onderkoelde Britse humor die haar romans ook kenmerken. Vorige maand kwam het beroemde tijdschrift The Paris Review over uit New York, nu ontvangt ze nog één interviewer uit Nederland en daar blijft het voorlopig bij. Want ze is weliswaar blij verrast door haar plotselinge buitenlandse succes, maar het moet niet te gek worden.

Lees verder na de advertentie

Tot een paar jaar geleden hadden buiten het Verenigd Koninkrijk nog maar weinigen van Jane Gardam gehoord. Opmerkelijk, want als enige Engelse auteur won ze tweemaal de Whitbread Novel Award, ze stond op de shortlist voor de Booker Prize, en won tijdens haar veertig jaar omspannende literaire carrière tal van onderscheidingen. Maar pas sinds de verschijning van deel I van de trilogie ‘Old Filth’ in 2004 is Gardam ook buiten Groot-Brittannië aan een gestage opmars bezig, met succesvolle vertalingen in onder meer Duitsland, Zweden, Finland, België en Nederland. Na ‘Een onberispelijke man’ en ‘Een trouwe vrouw’ verscheen deze week het laatste deel: ‘Laatste vrienden’.

Een grap van de duivel zorgt ervoor dat de hoogbejaarde Eddie en Terry directe buren van elkaar worden

De romans draaien om de levensgeschiedenissen van Edward Feathers (bijnaam: Filth, wat staat voor Failed in London, Try Hong Kong), diens vrouw Betty en Feathers’ grote rivaal Terrence Veneering. Tegen wil en dank zijn hun levens tot aan de dood onlosmakelijk met elkaar verbonden; vanwege hun vak, hun achtergrond en gemeenschappelijke kennissenkring, en vanwege de heimelijke liefde tussen Betty en Veneering. Een grap van de duivel zorgt ervoor dat de hoogbejaarde Eddie en Terry directe buren van elkaar worden. Hun levensgeschiedenis neemt de lezer mee van Maleisië, Singapore en Hongkong naar Herringfleet, Londen en Dorset, en bestrijkt bijna een eeuw Britse geschiedenis en de neergang van het British Empire.

De eerste roman vertelde vooral Feathers’ geschiedenis, ‘Een trouwe vrouw’ werd verteld vanuit Betty’s perspectief en ‘Laatste vrienden’ draait om het levensverhaal van Terry Veneering. Tegelijk geeft elk deel toch inkijkjes in de gedachten en handelingen van de andere personages, waardoor hun perspectieven listig op elkaar reageren, elkaar aanvullen of elkaar tegenspreken. En niemand kent de precieze waarheid.

‘Old Filth’ begon als een kort verhaal. Hoe is dat uitgegroeid tot een trilogie?

“Zestig jaar geleden wandelde ik in mijn eentje rond Piccadilly Circus. Bij het Ritz Hotel zag ik een man in een prachtige lange tweedjas, met mooie glimmende schoenen, en in zijn hand hield hij een oeroude, gedeukte aktentas. In die tijd was dat het attribuut dat elke barrister droeg om te laten zien dat hij een zeer ervaren advocaat was. Het was een prachtige man, maar niet van een gevaarlijke schoonheid, eerder goedmoedig. Hij zag eruit alsof hij tot het verleden behoorde, zo perfect maar toch ook heel levendig. Even snel als hij kwam, was hij weer verdwenen. Ik had het idee dat ik een geest had gezien.

“Toen me werd gevraagd of ik een kort verhaal wilde schrijven voor het magazine The Oldie, ging ik zitten en kwam deze figuur weer boven. Ik schreef een verhaal over twee oude juristen die elkaars vijanden zijn, maar op hun oude dag naast elkaar komen te wonen. Als de ene oude idioot zichzelf op een winterdag buitensluit moet hij noodgedwongen bij de ander aanbellen. Inderdaad, het eerste hoofdstuk van ‘Een onberispelijke man’. Daarna kon ik niet meer stoppen. Het verhaal kwam als vanzelf. Het gemak en het zelfvertrouwen waarmee ik deze romans heb geschreven zijn een mysterie - het was haast alsof iemand anders aan het werk was. Old Filth heeft me gered.”

Gered? In welke zin?

“Mijn echtgenoot David was stervende. Hij leed aan dementie. Net als Edward Feathers was hij Queen’s Counsel in bouwgeschillen. We hebben samen de wereld over gereisd, maar nu raakte hij de wereld kwijt en had hij veel zorg nodig. Om mijn eigen geest gezond te houden, had ik iets omhanden nodig. Ik ging verder met het verhaal van Filth.

Toen ik me zó verloren voelde, boden al die figuren me houvast

“Mijn arme David heeft het helaas niet meer kunnen lezen, maar veel van de grapjes zijn van hem afkomstig. Niet lang na zijn dood, toen ik aan ‘Een trouwe vrouw’ werkte, stierf ook mijn dochter aan borstkanker. Het waren vreselijke jaren. Ik voelde me zó verloren. Old Filth, Betty en al die andere figuren gaven me wat houvast. Dus ik schreef een boek, en daarna nog een. En ‘Laatste vrienden’ schreef ik omdat er naar mijn gevoel nog losse eindjes waren en ik nog over de kleinere personages wilde schrijven, die grappige figuren op Privilege Hill op wie ik gesteld was geraakt.

“Naar mijn idee zijn er in het leven geen bijfiguren. Net als bij insecten heeft iedereen zijn eigen plek en functie in het bestaan. Als een film, boek of muziekstuk goed is gecomponeerd, zijn de kleine rollen even belangrijk als de grote.”

Edward, Elizabeth en Terrence representeren verschillende kanten van de Britse koloniale geschiedenis. Als uw boeken iets laten zien, is het wel de beschadiging die de kinderen opliepen van ouders die in de koloniën werkten.

“Ik was zeer geïnteresseerd in de Raj-wezen, kinderen die in het Verre Oosten werden geboren en op hun vierde of vijfde jaar werden teruggestuurd naar Engeland en daar in vaak vreselijke pleeggezinnen terechtkwamen. Hun ouders zagen ze jarenlang niet meer, soms nooit meer. Mijn neven en nichten waren Raj-wezen, die op jonge leeftijd uit Afrika, India en Fiji naar ‘huis’ waren gestuurd.

“Hun ouders zeiden later dat het hun geen kwaad zou hebben gedaan, maar het was glashelder hoezeer ze ook als volwassenen nog in de knoop zaten. Rudyard Kiplings verhaal ‘Baa Baa Black Sheep’ gaat daarover. Als 6-jarige - en zijn zusje was nog maar 4 - kwam hij terecht in een verschrikkelijk pleeggezin. Hij draaide door en werd zelfs bijna blind. Zijn zusje kwam er iets beter van af; zij was lief en knap en werd meer geknuffeld. Toch kreeg ook zij op latere leeftijd een zenuwinzinking.

“Geloof het of niet, maar soms werd de kinderen niet eens verteld wat er te gebeuren stond. Iemand vertelde me dat hun werd gezegd dat ze een rondleiding zouden krijgen op een mooi schip. Ze gingen met de matrozen aan boord, het schip voer weg en ze zagen hun ouders jarenlang niet meer. En die moeders… Ook zij hadden het er zwaar mee.”

Hoe reageerden lezers in Engeland op dit verborgen drama?

“De brieven stroomden binnen, van oude mensen, voornamelijk mannen - zij lijken er het meest onder geleden te hebben dat ze in de steek werden gelaten. Ik herinner me een brief van een oude man uit Kent. Hij was geslaagd in het leven, gelukkig getrouwd en alles, maar hij zei dat hij beslist een betere man was geweest als hij niet op zo’n jonge leeftijd in de steek gelaten was. Velen van hen keerden terug, trouwden, kregen kinderen, en stuurden die vervolgens zelf ook weer weg, naar Engeland.”

Van Bangladesh hield ik het meest, al was dat het armste land dat je je maar kunt voorstellen

Heeft u hier veel research voor moeten doen?

“Nee, maar ik kende natuurlijk wel de verhalen van familie en vrienden die hetzelfde hadden meegemaakt. De advocatenwereld kende ik door Davids werk. We zijn veel in Hongkong geweest, en in Singapore. Van Bangladesh hield ik het meest, al was dat het armste land dat je je maar kunt voorstellen, met overal kleine kindertjes zonder kleren aan, die geld verdienden door stenen tot kleine brokken te slaan. Vreselijk - ze waren zo zachtaardig. En ze bleven maar bedelen: alstublieft, mogen we met u mee naar huis?”

Wat een wrang contrast: het tegenovergestelde van de Raj-wezen.

“Dat is zo. Die kinderen wilden niets liever dan weggaan, terwijl Engelse kinderen tegen hun zin naar pleeggezinnen of kostschool werden gestuurd. Mijn man David zat vanaf zijn zesde op een kostschool. Zijn vader was overleden en zijn moeder lag hele dagen schreeuwend en jankend in bed, dus hij werd weggestuurd. Ook mijn man was als jochie van het stiff upper lip-type.”

Was het moeilijk om na ‘Laatste vrienden’ afscheid te nemen van uw geliefde personages?

“Niet als ik het puur als een boek beschouw, want dan weet je wanneer iets is afgerond. Maar bij personen met wie je jaren hebt doorgebracht… Ze zijn nog steeds om me heen. Ik heb de afgelopen tijd vooral korte verhalen geschreven, maar nog geen roman waar ik zoveel om geef als deze. Voor mijn gevoel heb ik met deze boeken écht mijn eigen stem gevonden. Ik ken Old Filth, Betty en Veneering heel goed. De meeste sympathie heb ik voor Filth, maar hij was op een bepaalde manier ook beperkt, zo correct. En die arme Betty kwam toch niet heel dicht bij hem, hè? We weten niet of hij nou afwist van haar passie voor Veneering of niet. De geruchten die de ronde deden kunnen hem toch onmogelijk zijn ontgaan.

“‘Laatste vrienden’ beschouw ik als mijn beste boek. Herinner je je de passage over het optreden van de Russische dansers, de kozakken? Mijn uitgever zei dat het mooi was, maar niet geloofwaardig. Mannelijke Russische dansers in Engeland rond 1942, dat was niet mogelijk, zei hij. Maar ik heb ze echt gezien. Een vriendin van me heeft ze ook gezien, in een kustplaatsje niet ver van mijn woonplaats.

“Ik zou eigenlijk nog graag een roman schrijven over Edwards jeugdliefde Isobel Ingoldby. Een vreemde, enigszins sprookjesachtige figuur. Er valt nog zoveel te ontdekken aan haar. Ik weet niet of ik voldoende uithoudingsvermogen heb om al die passie tegemoet te treden, misschien ben ik daar een beetje te oud voor. Maar ik heb er wel veel over nagedacht… Dus wie weet.’’ 

De Britse schrijfster Jane Gardam (1928) debuteerde als romancière toen zij de 40 al voorbij was. Ze schreef meer dan 25 kinderboeken, korte verhalen en romans en won als enige schrijver de Whitbread Prize twee keer. Gardam is weduwe en moeder van 3 kinderen.

De trilogie

Na ‘Een onberispelijke man’ (over Edward Feathers) en ‘Een trouwe vrouw’ (vanuit het perspectief van diens vrouw Betty), draait het in ‘Laatste vrienden’ vooral om Terrence Veneering, Feathers’ aartsrivaal en Betty’s geheime liefde. Gardam snijdt grote thema’s aan, zoals de teloorgang van de oude wereld, maar ook de invloed van jeugd en opvoeding op een mensenleven; de waarde van liefde, passie en trouw; kennen en gekend worden; vriendschap, ouder worden en de dood. Haar stijl is geestig en lichtvoetig en kent sprankelende metaforen.

Jane Gardam
Laatste vrienden
Vert. Gerda Baardman & Kitty Pouwels. Cossee; 219 blz.
€ 22,99

© TR BEELD

Deel dit artikel

Een grap van de duivel zorgt ervoor dat de hoogbejaarde Eddie en Terry directe buren van elkaar worden

Toen ik me zó verloren voelde, boden al die figuren me houvast

Van Bangladesh hield ik het meest, al was dat het armste land dat je je maar kunt voorstellen