Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Reizen door Cuba is bijzonder, prachtig en bij vlagen frustrerend

Cultuur

Petra Vissers

© Petra Vissers
Reizen

Drie Spaans sprekende Nederlandse zussen, twintigers, reizen naar Cuba en weten de resorts - én de mannen - te omzeilen.

In Santiago de Cuba is alles muy caliente, erg warm. Niet in de laatste plaats de mannen. Het gaat van hola chiquita, van mamacita, Dios mío - handen in de lucht, ogen ten hemel geslagen - qué linda eres, wat ben je mooi... Of we een vriendje willen? Een Cubaans vriendje? Een zwart vriendje? ¡Bien hecha! Letterlijk betekent dat 'goed gemaakt', maar de bijbehorende beweging, twee handen die een figuur à la Marilyn Monroe uitbeelden, maakt vrij duidelijk wat ze bedoelen.

Lees verder na de advertentie
De bijbehorende beweging, twee handen die een figuur à la Marilyn Monroe uitbeelden, maakt vrij duidelijk wat ze bedoelen

Mijn zussen en ik reisden naar Santiago, Cuba's tweede stad, over land. Vanuit Havana reden we naar Trinidad, een plaatsje als een ansichtkaart met gekleurde huisjes, een allersnoezigst plein en witte stranden. Daar dronken we mojitos, aten we pizza, dansten we in een grot, daar brak een fietsketting en slenterden we over kinderkopjes. Via Camagüey, waar we een nacht sliepen in het mooiste huis van onze trip, stapten we na een rit van acht uur in een bus met een zeer enthousiaste airco, uit in Santiago de Cuba.

Het is een andere wereld dan Havana. De hoofdstad is hip, duidelijk geïnspireerd door Europese en Amerikaanse steden, met een vierkant stratenpatroon en geasfalteerde wegen waar oude Amerikaanse en Sovjet-auto's overheen zoeven. Santiago de Cuba is Caribisch, met stoffige straten en roepende mannen. West-Europa voelt hier ver weg.

Paardentaxi

We slenteren door de stad, lopen naar de zee, zitten in een paardentaxi en in een Amerikaanse auto met een witte leren achterbank. We eten eindeloos veel rijst en papaja's. De casa particular, een huis van particulieren waar we slapen, wordt gerund door een uiterst amicale man en zo'n vrouw die de hele tijd streng kijkt, maar erg lief is. Na drie dagen komen we erachter dat op de hoek van het terras een schildpad leeft.

De tekst gaat verder onder de afbeelding.

© Getty Images

Als we na een bezoek aan fort El Morro de schaduw opzoeken onder een grote boom, leren wij, echte stadskinderen, dat amandelen aan een boom groeien. Een Cubaanse die ze verzamelt in het netje dat ze van haar T-shirt heeft gemaakt, laat de vruchten zien. Of wij wel weten wat dit zijn? We denken dat we het verkeerd verstaan. Alsof amandelen onmogelijk van die boom kunnen komen. Ze pakt een steen, sommeert mijn zus te gaan zitten en de vrucht open te slaan.

Hoe we ook ons best doen, feit is dat toeristen hier een noodzakelijk kwaad zijn

Reizen door Cuba is bijzonder, het is prachtig en bij vlagen frustrerend. Het land faciliteert het soort toerisme waar andere landen juist vanaf willen. Het liefst hebben ze dat buitenlanders in speciale toeristenbussen naar een resort gaan en daar enkel vandaan komen om met een gids een rondje te maken door het museum van de revolutie.

Dat doen wij niet. We spreken prima Spaans en proberen zoveel mogelijk niet te lijken op de luidruchtige Amerikanen die we veel tegenkomen. Maar hoe we ook ons best doen, feit is dat toeristen hier een noodzakelijk kwaad zijn. Een manier om de zinkende Cubaanse economie nog enigszins drijvende te houden.

Geflest

Dat betekent niet alleen dat wij buitenlanders eigen geld hebben - de Cubaanse peso CUC is 25 keer meer waard dan de lokale Cubaanse peso CUP - het betekent ook dat de casas particulares met een blauw ankertje voor toeristen bestemd zijn en die met een rood ankertje voor Cubanen. Dat wij niet in de bussen mogen die voor Cubanen rondrijden en dat we steevast veel en veel meer betalen voor toegang tot nationale parken, verhuur van fietsen of een broodje kaas. Natuurlijk, toeristen worden overal geflest. Maar op Cuba schamen ze zich er niet eens voor.

De tekst gaat verder onder de afbeelding.

© petra vissers

En toch. Het is ook best charmant. Want Cubanen kunnen dankzij dit systeem nog altijd toerist zijn in eigen land. De prijzen liggen immers alleen hoog voor buitenlanders. En toerist zijn in eigen land, dat doen Cubanen met verve. Dolenthousiast bellen ze op de hoogste berg van het land (1974 meter) hun moeder en op een terras aan het water eten we verse vis terwijl een groep Cubanen dronken zingend, dansend en sigaren rokend de middag doorbrengt.

De tragiek van het toerisme is dat Cubanen in die sector zo veel meer kunnen verdienen dan waar dan ook. Dus rijden artsen rond in taxi's, staan ingenieurs uren voor een discotheek te wachten op een groep Amerikanen tot ze uitgedanst zijn, en organiseren architecten fietstochten door Havana. Het systeem implodeert, zeggen we tegen elkaar.

De tekst gaat verder onder de afbeelding.

© Getty Images

Na een week in Santiago de Cuba vliegen we terug naar Havana. Daar eten we friet die veel te duur is - maar we hebben echt genoeg van alle rijstvarianten - en komen we terecht bij een uitbundig feest dat in Amsterdam niet had misstaan. In Havana is het leven voor de westerse toerist gemakkelijker en overzichtelijker. Voor zover Cuba dat kan zijn.

"Maar Santiago", declameert de zus die drie maanden in Havana woonde, "Santiago is het echte Cuba."

Reizen en slapen

Reizen gaat op Cuba het gemakkelijkst met Víazul, bussen die bestemd zijn voor toeristen en naar Nederlandse standaarden niet duur maar ook niet goedkoop. De bussen hebben airco en tickets zijn te koop op de busstations in alle grote steden en toeristenplaatsen. Leuker en goedkoper zijn de colectivos, auto's die voor een veel lager bedrag rijden in of tussen steden. Ze gaan weg als ze vol zitten en zijn vaak sneller dan de Víazul. Enige Spaanse taalvaardigheid is vereist, al is het maar om te vragen waar ze vertrekken. Onderhandelen kan veel geld schelen.

Slapen kan in een luxe hotel of resort, of, en dat hebben wij gedaan, bij mensen thuis. Sommige casas particulares zijn echt logeerkamers, andere voelen meer als een luxe bed & breakfast. Onderhandelen over de prijs van de kamer kan, een extra bed bijzetten in veel gevallen ook. Ontbijt is vaak een optie en aan te raden. Want probeer maar eens een ontbijt te vinden in een stad waar veel eten exclusief bestemd is voor Cubanen.

Het Cubaanse orkaanseizoen duurt van juni tot en met november. Het zuidoosten van het eiland, waar Santiago de Cuba ligt, wordt vaker getroffen dan het noorden, waar Havana ligt. In de omgeving van Santiago was goed te zien dat orkaan Irma over het land heeft geraasd. Omdat in het noorden de wind vanaf zee afkoeling geeft, is het zuidoosten van Cuba een stuk heter.

In de rubriek 'Reizen' leest u reisreportages vanuit bijzondere bestemmingen, boeiende steden en verre streken. Met reistips. Lees hier meer reisverhalen.

Lees ook: 

De Castro's laten een verstard en geïsoleerd Cuba achter

De Cubaanse leider Raúl Castro trad in april af als president en maakt plaats voor een nieuwe generatie. Wat voor land laten de Castro's achter?

Deel dit artikel

De bijbehorende beweging, twee handen die een figuur à la Marilyn Monroe uitbeelden, maakt vrij duidelijk wat ze bedoelen

Hoe we ook ons best doen, feit is dat toeristen hier een noodzakelijk kwaad zijn