Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Popov stamt uit Vriezenveen

Cultuur

Gert Jan Rohmensen

Review

Vele Nederlanders gingen prins Willem-Alexander voor in Sint-Petersburg. Nederlanders waren al betrokken bij de oprichting van de Russische stad, 300 jaar geleden. Hun nazaten wonen er nog, al heten ze geen Heijneman meer maar Popov.

Pas na luid gekraak geeft het antieke dressoir zijn geheimen prijs. Kyra Borisovna Popov moet hard aan de deuren trekken. ,,Hier ligt ons familie-archief'', zegt de 77-jarige Russische. Ze haalt een vergeeld, dichtbeschreven vel papier uit een van de tientallen mappen met foto's en andere documenten. ,,De stamboom met 128 familieleden'', zegt ze trots. ,,Zelf gemaakt.''

Elders in het bescheiden appartement in een buitenwijk van Sint-Petersburg ligt haar anderhalf jaar oudere broer Wsevolod ziek in bed. Hij heeft al een half jaar last van zijn longen. Hij hoest veel en spreken valt hem zwaar. ,,Het spijt hem heel erg dat hij niet kan deelnemen aan ons gesprek'', zegt Kyra Borisovna met een bezorgde blik in haar ogen. ,,Ik had wel al een mooi pak klaargelegd, maar hij voelt zich te slecht.''

De bleke man knikt zwak. ,,Hij leest nog wel Nederlands. Dat kan ik niet'', zegt Kyra Borisovna.

Hun overgrootvader Konrad Heijneman kijkt vanaf de muur streng de kamer in. De besnorde man in uniform is de laatste met volledig Nederlands bloed in de aderen, zegt Kyra Borisovna. Konrad was paardrij-instructeur in het Russische leger en getrouwd met een Duitse vrouw. Doordat zijn kleindochter met een Russische man trouwde veranderde de familienaam in Popov.

Generaties van de familie leefden er in Sint-Petersburg. Het begon met Koert Heijneman, een textielhandelaar uit het Overijselse dorp Vriezenveen. Hij kwam met zijn gezin in 1761 aan in de stad aan de moerassige monding van de rivier de Neva. Een aantal Vriezenveners was hem al voorgegaan en er zouden nog de nodige volgen. Voor deze 'Ruslui' was er goed geld te verdienen in de stad.

Naast zijn werk was Koert Heijneman koster van de Hollandse kerk in Sint-Petersburg, die twee eeuwen lang een centraal punt is geweest voor de Hollandse gemeenschap. De grondlegger van de kerk was Cornelis Cruys, een zeeman van Nederlands-Noorse afkomst, die door tsaar Peter de Grote persoonlijk was uitgenodigd om hem terzijde te staan bij de realisering van zijn grootse hervormingsplannen.

De twee hadden elkaar ontmoet tijdens het eerste bezoek van de tsaar aan Holland in 1697. Cruys was equipagemeester bij de Amsterdamse admiraliteit, toen Peter de Grote hem vroeg vice-admiraal te worden van de Russische marine, die vanaf de grond moest worden opgebouwd. Cruys voelde er weinig voor, maar liet zich uiteindelijk ompraten.

Peter de Grote wilde het boerse Rusland van de 17e eeuw moderniseren. Hij had een diepe fascinatie voor schepen en zeevaart, maar kennis daarvan was in het land nauwelijks voorhanden. In Moskou had hij al Hollandse handwerkslieden ontmoet die hem de eerste beginselen van de scheepsbouw bijbrachten. Zijn oorlog tegen de Turken dreef hem naar West-Europa op zoek naar bondgenoten en kennis van de organisatie van een eigen marine. Hij verbleef maanden in Nederland -eerst in Zaandam en later op een scheepswerf in Amsterdam- om de scheepsbouw onder de knie te krijgen.

Vice-admiraal Cruys en de Nederlandse zeelui stonden bij Peter de Grote in hoog aanzien. Op zijn feesten waren zij vaste gasten. De tsaar sprak met hen in een mengelmoesje van Duits en Nederlands, terwijl de mannen hun lange pijpen rookten. Vaak tot ergernis van gegoede Russische edellieden, die zich afvroegen waarom die lui niet uit de paleistuinen werden verjaagd.

Cruys was een vroom man. Hij was lutheraans, zijn Nederlandse vrouw was hervormd. Peter de Grote begreep dat hij er niet in zou slagen voldoende buitenlandse experts naar Rusland te halen als zij hun geloof zouden moeten afzweren. De machtige Russisch-orthodoxe kerk zag zich echter als enige kerk met rechten in Rusland. Daarom vaardigde de tsaar, die weinig ophad met het patriarchaat, al in 1702 een decreet uit waarin buitenlanders vrijheid van godsdienstoefening werd beloofd.

Dankzij het besluit van de tsaar mocht Cruys kerkdiensten houden, eerst in zijn huis aan de Neva en vanaf 1708 in een klein houten kerkje dat hij op zijn erf had laten bouwen. Alle buitenlanders waren welkom, ongeacht hun religie. Op zondagen hees Cruys de witte admiraalsvlag met een blauw kruis, ten teken dat er een dienst was.

Na verschillen van inzicht over de liturgie werd in 1717 de 'Hollandse kerk' in Sint-Petersburg officieel gesticht, en werd er een predikant uit Nederland gehaald. Dertien jaar later werd een nieuw stenen gebouw in gebruik genomen aan de Nevski Prospekt, de hoofdstraat van de stad. In 1834, toen de inmiddels welvarende Hollandse kooplieden zich een vaste plaats in de gemeenschap hadden verworven, verrees een nieuw kerkgebouw met een koepelzaal en groenmarmeren pilaren op hetzelfde terrein. Na de communistische revolutie van 1917 werd de kerk door de bolsjewieken leeggehaald en geheel ontmanteld.

De archieven leken ook verloren te zijn gegaan, maar de Nederlandse hervormde kerk vond ze in 1993 terug in het Centraal Historisch Staatsarchief in Sint-Petersburg. Het onderzoek ernaar kwam in handen van de Theologische Universiteit in Kampen, onder leiding van de oecumene-historicus professor Pieter Holtrop (60). Het onderzoek krijgt op 10 oktober z'n bekroning met de presentatie van de eerste van drie boeken met bronnenpublicaties.

,,Over zo'n onderzoek droomde ik in de jaren zestig al'', zegt Holtrop. ,,Het gaat per slot van rekening om een van de weinige Hollandse kerk in het buitenland in een niet-koloniale setting, een echte handelskerk.'' Hijzelf heeft het archief -ongeveer zeven meter materiaal- maar een keer gezien. ,,Het kostte enorm veel tijd en energie om toegang te krijgen. Eigenlijk begrijp ik nog steeds niet helemaal waarom. In elk geval beschouwen Russische archivarissen een fotokopie ook als een origineel, dus dat was al moeilijk. Pas toen duidelijk was dat dit geen commercieel onderzoek was kregen we toestemming om de stukken te publiceren.''

Uit de verslagen van kerkraadsvergaderingen, de geboorte-, doop- en trouwregisters, brieven en andere documenten bleek hoe groot de rol van de kerk was binnen de Nederlandse gemeenschap in de stad, vooral in de 19e eeuw. ,,Het ging zeker niet alleen om de eredienst'', zegt Holtrop. ,,Dat diaconale werk was erg belangrijk en ze hadden, samen met de Duitse en de Franse hervormde kerk, een school gesticht die erg goed aangeschreven stond.'' Ook werd gezorgd voor de armen, binnen maar ook buiten de kerk, en werd er geld gegeven voor een weeshuis.

In de tweede helft van de 19e eeuw namen de Vriezenveense kooplui, rijk geworden door de verhuur van naast de kerk gelegen panden, de gemeente eigenlijk over. Holtrop: ,,We moeten de aantallen Hollanders overigens niet overdrijven, het ging misschien om drie- of vierhonderd kerkleden. Het aantal Duitsers was veel groter. Doordat veel Nederlanders trouwden met Russen of Duitsers zie je een langzaam proces van integratie. Wel kwam er nog steeds nieuw bloed uit Vriezenveen. Dat gaf spanningen in de kerk, vooral over de voertaal. De kwestie of er Nederlands of Duits gesproken moest worden heeft zeker 150 jaar gespeeld.''

Na 1917 kreeg de geschiedenis voor de Nederlandse gemeenschap een tragische wending. In tien jaar tijd werden alle eigendommen geroofd of gesloopt, vertelt de kerkhistoricus. Alleen het orgel ontsprong de dans en staat nu in de Academische Kapella. De Vriezenveners, die als kapitalisten werden beschouwd, werd werken en leven onmogelijk gemaakt. Velen besloten terug te keren. Ingeburgerde families, zoals de Popovs, bleven achter.

,,Het was diep treurig. Op een bepaald moment kwam er een kerel langs die zei orders te hebben van de communistische machthebbers om het zilverwerk op te halen. Ook was er een prachtige avondmaalsschaal uit 1717 waarvan we niet weten wat ermee gebeurd is. Het wonderlijke is dat de archieven wel heel goed bewaard zijn'', zegt Holtrop.

In het hedendaagse Sint-Petersburg ligt het kerkgebouw aan de drukste straat van de stad. Het brede, kleurige gebouw wordt in het midden gesierd door zes statige kolommen, waarachter zich de voormalige kerk bevindt. Aan weerszijden zijn winkels, net als in de 19e eeuw. De ronde koepelzaal is nu in gebruik als tentoonstellingsruimte, terwijl in de zijkamers een bibliotheek is gevestigd, vernoemd naar de jonge revolutionair Alexander Block.

In het verleden is enkele malen geprobeerd om het kerkgebouw weer in Nederlandse handen te krijgen. Maar die kwestie bleek zo gevoelig te liggen dat eigenlijk niemand de goede Nederlands-Russische banden ermee wil belasten. De geschiedenis leeft nog. ,,Er staan hier nog bijna dagelijks Nederlanders -vaak Vriezenveners- aan de deur die geïnteresseerd zijn in de geschiedenis van het gebouw'', zegt een medewerkster van de bibliotheek.

De theologische universiteit zoekt nog steeds naar nazaten van Nederlandse families in Sint-Petersburg. Holtrop houdt zo nu en dan voordrachten over genealogie in de Hermitage. Soms is er dan een verrassing. ,,Eens stond er een man op in de zaal die vroeg of ik de naam Van der Vliet kende. Ja, zei ik, dat was een belangrijk kerklid uit het begin van de 19e eeuw. Hij zei dat hij in een directe lijn afstamde van deze familie. Dit soort gebeurtenissen zijn goed; wie weet wat voor schatten aan informatie zij nog thuis hebben liggen.''

Temidden van de oude meubels en familiestukken biggelen bij Kyra Borisovna Popov plotseling de tranen over de wangen. Op de tafel ligt een stapel brieven. Veel ervan komen uit Vriezenveen, waar broer en zus enkele jaren geleden op bezoek zijn geweest. Ze verontschuldigt zich honderduit dat ze nauwelijks tijd heeft om te antwoorden. Schrijven in het Engels kost haar veel moeite en de zorg voor haar broer neemt veel tijd in beslag.

Op de vraag of ze zich nog Nederlands voelt, antwoordt ze ontkennend. ,,Ik heb mijn hele leven in Rusland gewoond, mijn scholing en mijn cultuur zijn Russisch. Natuurlijk, mijn familie heeft Nederlandse wortels en die geschiedenis interesseert me steeds meer. Maar uiteindelijk voel ik me natuurlijk Russische, Sovjet-burger zelfs nog.''

Deel dit artikel