Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Paulus de boskabouter wil het dialect op Terschelling redden van de ondergang

Cultuur

Sander Becker

Aquarel van Paulus de boskabouter uit 1948. © Aquarel Jean Dulieu

Meestal is hij druk met het bestrijden van de heks Eucalypta, maar nu heeft Paulus de boskabouter even tijd voor een nieuw avontuur: hij wil de Terschellingse dialecten redden van de ondergang.

Het aandoenlijke menneke met de witte baard kent Terschelling als zijn broekzak, want hij is er opgegroeid. Zijn geestelijk vader, Jan van Oort (1921-2006), streek in 1946 op het eiland neer, gedesillusioneerd over zijn carrière als violist bij het Concertgebouworkest. Van Oort ging ooit de muziek in omdat zijn vader dat van hem verlangde. Maar toen de concerten vanwege de hongerwinter stil kwamen te liggen, keerde Van Oort schielijk terug naar zijn ware liefde: het tekenen.

Lees verder na de advertentie

Op Terschelling bouwde hij onder het pseudoniem ‘Jean Dulieu’ een indrukwekkend Paulus-oeuvre op. Hij liet zich dankbaar inspireren door de dieren en het bos- en duinlandschap. En nu doet Paulus iets voor het eiland terug door de lokale taal te eren.

Paulus heeft een monumentje opgericht voor de Terschellingse dialecten

Concreet heeft uitgever Maarten de Meulder een oud stripverhaal, ‘De hansop’, uitgebracht onder de nieuwe titel ‘Et ynstroeperke’. Het is vertaald in de drie dialecten die Terschelling rijk is. Jawel, drie, op een eiland van hooguit dertig kilometer lang. Van oorsprong spraken alle inwoners Fries, maar in 1502 kwam het eiland onder Hollands bestuur, het middendeel nam toen een Hollands dialect over (het Midslands), het westen ontwikkelde iets wat nu het Westers heet, en in het oosten ontstond het Aasters.

“Er zijn steeds minder mensen die het dialect nog spreken”, vertelt De Meulder. Om iets ervan te behouden bracht hij negen jaar geleden al eens een Paulus-strip in het Terschellings uit: ‘De winskhoed’ (de wenshoed). “Er was veel vraag naar”, zegt hij. “Maar veel lezers wisten al niet meer hoe ze de tekst moesten uitspreken. Daarom zit er nu een cd bij waarop het verhaal is ingesproken.”

Monumentje

In het dialect klinkt Paulus nog schattiger dan in het ABN van de radiohoorspelen en de tv-serie, die in de jaren vijftig en zeventig razendpopulair waren. De boze Eucalypta klinkt juist extra eng als ze met haar raspende stem uitkraait: “Noe is’t klaer!” De verschillende dialecten houd je als buitenstaander niet uit elkaar, maar dankzij het woordenlijstje blijft alles redelijk te volgen - zeker voor eilanders en Friezen.

In het fantasierijke verhaal trekt de kabouter een hansopje (nachtkleding) met toverkracht aan, waarna hij wordt belaagd door droomwezens: dromosaurussen. Of het boekje zal helpen om de dialecten te redden, valt te bezien. Maar in elk geval heeft Paulus er een prachtig monumentje voor opgericht. Een verrassende actie van een onvoorspelbaar ventje. Of zoals Salomo de raaf zegt: “Et bin’ en bloeë fremde wezens, di boskabouterkes.”

Lees ook: Het Drents is springlevend: 'Het past ok zeker in dizze tied'

Dialecten zijn al decennia op hun retour, maar Drents is nog net zo populair als tien jaar geleden. Hoe kan dat?

Deel dit artikel

Paulus heeft een monumentje opgericht voor de Terschellingse dialecten