Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Op zoek naar sporen van mensenhanden in Wijk aan Zee

Cultuur

Monica Wesseling

© Monica Wesseling
Mooiste Nederland

In de maand van de geschiedenis ontdekken we dat de duinen niet puur natuur zijn. Ook hier vinden we sporen van menselijke bewoning.

Oktober, tijd van oudsher, toen, ooit en eens. Het is de maand van de geschiedenis; ook die van het landschap.

Lees verder na de advertentie

Ik aarzelde toen Charlotte Mooij, historisch ecoloog, me uitnodigde in het duin op zoek te gaan naar sporen van mensenhanden. Dat duin dat ik zo graag blijf zien als puur natuur, als land waar slechts wind en zee regeren. Nieuwsgierigheid won en dus trekken we de duinen in bij Wijk aan Zee.

Zilte wolkenluchten

De herfst knabbelt aan de zomer. Veel bloemen maken plaats voor bessen en zaden en de weinige die stand weten te houden, ogen flets en zieltogend. In de struiken groepen trekmaatjes, klaar voor de volgende etappe op hun lange vleugeltocht naar het zuiden.

Gelokt door de zilte wolkenluchten, het goudgele helm en de blonde duinen wil ik er meteen flink de pas in zetten, maar we zijn koud het dorp uit of Charlotte houdt me staande. Ze wijst op een stukje min of meer vlak duin. “Zie je die walletjes? Hier moeten tot in de 20ste eeuw duinpiepers zijn verbouwd. Mooi voorbeeld van duingebruik, net als dit”, zegt ze wijzend op een hondendrol. De twee relicten blijken de eersten van een lange serie te zijn. Want puur natuur of niet; het duin blijkt al meer dan achthonderd jaar te worden gebruikt.

Historisch ecoloog Charlotte Mooij © Monica Wesseling

Dat begon al voor de 13de eeuw vertelt Charlotte. De duinen waren toen nog adellijk bezit en ook op stand kluifde men graag een konijnen- of hertenboutje. Brute straffen ten spijt liet het plebs zich niet weerhouden op strooptocht te gaan. En hout te jatten. Het echte werk was voor het gewone volk de visserij op zalm, haring, wijting, schol en kabeljauw. Noest en gevaarlijk werk, maar wel winstgevend. De visgronden waren rijk, de behoefte in het achterland groot, de vakbekwaamheid ongekend. Vrouwen boetten de netten in het duin en legden er hun was te drogen.

Maar zoals zo vaak bleek het gouden geld vergankelijk. De zwaarbeladen vissersboten vielen steeds vaker ten prooi aan kapers en ook de oorlogen met de Engelsen maakten het steeds gevaarlijker om op zee te vissen. Bovendien beschikte Wijk aan Zee niet over een haven. Zolang er gevist werd met platte bomschuiten gaf dat niet - die konden immers zo op het strand worden getrokken - maar dat lukte niet meer met de grotere schepen.

Verdorde zomerrestanten

Langzaam maar heel zeker werden de vissers brodeloos. Duinpiepers brachten verlichting. En die niet alleen. Met bramen plukken, brandhout sprokkelen, wat koeien en schapen probeerden de armelieden zich in leven te houden. Door al dit verrommelen van de duinen ontstond het typische zeedorpenlandschap, legt Charlotte uit, een landschap dat qua vorm en begroeiing afwijkend is van het natuurlijk duin. Het gegraaf om akkertjes aan te leggen deelde de grote duinen op in kleine duintjes. De eeuwenlange extensieve beweiding bracht planten als hondskruid, silene, grote en kleine ratelaar en wondklaver. We speuren en turen en vinden zowaar nog enkele verdorde zomerrestanten. De planten zijn vooral nabij het dorp te vinden; daar liep immers het meeste vee.

In een bosje ontdekken we nog meer walletjes en het duin wordt steeds leuker. Met merels op de duindoornbessen, meeuwen die scheren en luchten die de zee in zich dragen. Een laatste rimpelroos weet nog heerlijk te geuren.

Duindoorn © Monica Wesseling

De duinpiepers ten spijt bleef het sappelen in Wijk aan Zee, om niet te zeggen creperen. Tot begin 19de eeuw toen de opbloeiende belangstelling voor de natuur en vooral ook de sterk vervuilde steden tot nieuwe duinliefde leidden. Het strand, de rust, de blonde toppen en vooral ook de frisse lucht. De eerste ‘zeebadinrigting’ opende in 1939, waar men zich in tonnen gevuld met zeewater verkwikte. Met badkoetsjes de zee in kon natuurlijk ook, maar dan wel geheel gekleed, want bruin worden moest te allen tijde worden vermeden. Alleen armeluizen en ambachtslieden waren immers zongetint.

Echt bloeiend is het verblijfstoerisme nu niet meer, die van de dagjesmensen en hondenrecreanten wel. Sporen genoeg: paden, wegwijzers, prullenbakken en bankjes en ja, ook hondendrollen.

Net als in veel duinterreinen is hier ook hard gewerkt aan het opnieuw laten stuiven van het duin

We lopen door, richting zee. De duinen worden hoger en natuurlijker. Net als in veel duinterreinen is ook hier hard gewerkt aan het opnieuw laten stuiven van het door de stikstofdepositie, de zure regen, dichtgegroeide duin. Het plaggen en struikjes trekken heeft geholpen. Duintop én duinhelling zijn weer kaal en blond. Mooi mensenwerk. Nu wel.

De oorlog bracht duinmisbruik. Door de Duitsers met hun Atlantikwall, de verdedigingslinie langs de kust die aanvallen van de geallieerden moest pareren. Wijk aan Zee was een belangrijk steunpunt met een enorme radarinstallatie en de nodige bunkers. Even later komen we bij het veel vredelievender waterwingebied, waar nu ecologisch verantwoord en al sinds eind 19de eeuw helder, schoon duindrinkwater wordt gewonnen. We dwalen verder door het duin, stiefelen zonder woorden. Een koperwiek vliegt over, een kruisspin spint, een teunisbloem bloeit kwarrend. Fijn. Nu.

Duinherstel

Om de bijzondere planten van het zeedorpenlandschap terug te brengen en in stand te houden, laat duinbeheerder PWN sinds tien jaar het duin begrazen door ‘gewone’ koeien. Het vee loopt van augustus tot april in het duin. Ze doen hun werk goed; de zeedorpenplanten doen het steeds beter.

Vuurtoren

Door de overheersende zuidwestenwind is er in Wijk aan Zee, net als in veel andere zeedorpen, in het grijze verleden aan de zuidwestzijde een hoog duin tegen het dorp opgewaaid. De bult werd gebruikt als vuurbaken. Vuurbaken werd vuurtoren.

Route

In het duingebied zijn heel veel routes uitgestippeld, terug te vinden op de PWN Wandel- en fietskaart Noordhollands Duinreservaat. Wij begonnen in Wijk aan Zee en liepen de oranje route. Vanaf de Spar aan de Zeestraat in Wijk aan Zee richting duin lopen. Langs Boshuisplein, Meeuwenweg naar infopaneel. Daar route oppakken. De Spar is prima met bus 78 bereikbaar vanaf NS-station Beverwijk. Horeca in het dorp.

PWN Wandel- en fietskaart Noordhollands Duinreservaat. 1:20.000 (€ 7,95). De kaart is te koop in de bezoekerscentra van de PWN, VVV’s en te bestellen onder meer bij reisboekhandel Pied à Terre.

Deel dit artikel

Net als in veel duinterreinen is hier ook hard gewerkt aan het opnieuw laten stuiven van het duin