Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Op voor de drie sterren

Cultuur

AFRA BOTMAN

Review

Eindeljk, eindelijk, gisteren opende restaurant Vossius in Amsterdam officieel de deuren. Na ruim een jaar verbouwen ging het vorige maand officieus open, voor gasten die het niet erg vonden om voor hondervijftig gulden per couvert te eten in de kelder die bijna af was, of op de bovenetage, met uitzicht op de werkende timmerman en schilder. Wegens dat ongemak was het eten wat goedkoper. Sinds gisteren betalen de gasten gemiddeld ('Als je 40gram kaviaar wilt eten verandert de prijs natuurlijk', zegt restauranthouder John Vincke) 250 gulden per persoon. Exclusief de wijn. Wie wil lunchen, betaalt voor een menu (vis of vlees, daarna kaas en twee glazen wijn) 150 gulden.

Vossius is het nieuwe project van Vincke en kok Robert Kranenborg en wordt waarschijnlijk het duurste, meest prestigieuze en meestbesproken restaurant van Nederland. Tot begin vorig jaar stonden ze aan het roer in La Rive in het Amstelhotel, waar Kranenborg twee Michelinsterren toegekend kreeg. Het verkrijgen van de felbegeerde derde ster, tot nu toe nog niet uitgedeeld aan een Nederlands restaurant, was de reden dat ze weggingen uit het Amstelhotel en voor zichzelf begonnen. Een kok in loondienst krijgt nooit een derde ster van de Michelinmannetjes. Gaat het lukken? ,,We doen ons best. Voorlopig heeft Vossius nul sterren'', zegt Vincke bescheiden.

Hier en daar is het stucwerk nog nat, van de week lag de stoep helemaal open en was de voordeur onbereikbaar, omdat eindelijk de elektriciteit in orde werd gemaakt. Koks, gasten en bouwvakkers liepen door elkaar, maar nu de fase 'Vossius in progress' (oftewel culinair genieten tussen de bouwvakkers) overgaat in 'Vossius à la carte' zal de rust neerdalen en kunnen de gasten zich volledig concentreren op het eten. En op de wijnen, het domein van ober-kelner-sommelier Vincke. Hoog boven de tafels uit torent zijn grote, ronde 'dôme-de-sommelier'. Geen gast zal het in zijn hoofd halen om een karafje rode huiswijn te bestellen.

Van buiten ziet het restaurant er imponerend uit, als een witte suikertaart, belicht door felle schijnwerpers, strategisch gelegen tussen het Leidseplein en de P.C.Hooftstraat. Voorheen zat Mirafiori er, het gezellige, Italiaanse vergane-glorie-restaurant. Daar is niets van terug te vinden. Het pand is leeggehaald en opnieuw ingedeeld. De inrichting van het restaurant is vergeleken met de buitenkant verbijsterend sober. Veel grijstinten, een zweempje lila in de gordijnen. Crapaud-achtige eetstoeltjes met stoffen bekleding. De chambres séparées op de bovenste etage, geschikt voor gezelschappen van vier tot twintig personen, hebben zachtgroene muren. Geen franje, geen goudversieringen, geen metershoge boeketten. Het meest toepasselijke woord voor het interieur is waarschijnlijk 'ingetogen', passend bij de kookstijl van Kranenborg. Maar volgens een criticus op internet heeft Vossius de sfeer van een 'Italiaans crematorium'. ,,Smaken verschillen'', zegt Vincke berustend. Kranenborg en hij hebben zich door architecten laten bijstaan en zijn Europa rondgereist op zoek naar precies het juiste glaswerk en tafellinnen. Opmerkelijk: in het restaurant mag niet worden gerookt. Gasten die toch behoefte hebben aan een sigaretje of -na de maaltijd- een mooie sigaar, kunnen zich terugtrekken in de 'lounge', een zijkamer met het interieur van een Amerikaanse snackbar.

En het eten? Dat zal goed zijn zolang Kranenborg in de buurt is. Critici op de internetsites (Specialbite.com en Smulweb bijvoorbeeld) maken zure opmerkingen, maar dat is te verwachten in de culinaire hoek. Daar is de kok een kunstenaar, met verwende lastige gasten en veel jalousie de métier.

Is het eigenlijk niet een rampzalig moment om een toprestaurant te beginnen, in een tijd van recessie met oorlogsgerommel op de achtergrond? Vincke verwacht dat het mee zal vallen. ,,Tot nu toe is er veel belangstelling. We rekenen op Nederlandse klanten en ook op buitenlandse, vooral Europese. Misschien blijven de Amerikanen nog even weg, maar daar hebben de hotels vooral last van, voor ons is dat niet zo belangrijk. Of laat ik het anders zeggen: voor ons is iedereen belangrijk, ook de Amerikanen, maar we zijn niet van hen alleen afhankelijk.''

Deel dit artikel