Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Nog vóór het Holland Festival begon, kwam de muziekliefhebber al in heuse festivalsferen

Cultuur

Peter van der Lint

Simon Rattle in het Concertgebouw. © ronald knapp
Klassiek & zo

Donderdag, het zal u niet ontgaan zijn, begon het Holland Festival. Maar de muziekconsument kwam al eerder in heuse festivalsferen, omdat er een ouderwets hoogwaardige muzikale week vol klassieke vedetten aan vooraf ging. 

Afgelopen zaterdag begon het met Richard Strauss' 'Elektra'. Vanavond krijgt de week een veelbelovend einde met het jubileumconcert van het Rotterdams Philharmonisch Orkest onder leiding van scheidend chef-dirigent Yannick Nézet-Séguin.

Lees verder na de advertentie

Wie waren die vedetten? Leest u even mee: Elena Pankratova, Asmik Grigorian, John Osborn, Ermonela Jaho, Erwin Schrott, Sir Bryn Terfel, Sophie Koch, Sir Simon Rattle en Bernard Haitink. Allen buiten het kader van het Holland Festival (HF). In vroeger tijden zag en hoorde je dit soort supersterren alleen maar gedurende het HF. Voorheen hoorde de laatste NTR ZaterdagMatinee van het seizoen automatisch bij het HF, evenals de première van de juniproductie van De Nationale Opera. Maar zowel die sensationele 'Elektra'-matinee als de (tegenvallende) eerste voorstelling van 'Les contes d'Hoffmann', een middag later, viel nu buiten de HF-boot.

En toen was daar maandagavond ook nog een enerverende uitvoering van Berlioz' 'La damnation de Faust' met Terfel nog altijd als dynamische duivel. Marc Soustrot leidde het Malmö Symfonie Orkest en het MDR Rundfunkchor, waarbij vooral het koor grote indruk maakte. Met Sophie Koch en Paul Groves was de bezetting eveneens festivalwaardig.

Maar mensen, dat allerlaatste koperkoraal dat Bruckner componeerde, is toch het mooiste ooit

Intrigerend stuk

Weer een avond later deden de keurtroepen van de Berliner Philharmoniker het Concertgebouw aan tijdens hun afscheidstournee van chef-dirigent Rattle, die Berlijn over een paar weken verlaat. Op de lessenaars een intrigerend stuk van Paul Abrahamsen en de Negende van Bruck-ner. Rattle maakte een statement door te kiezen voor de Negende mét het door anderen op basis van Bruckners schetsen voltooide vierde deel. Dat was bijna vloeken in het Concertgebouw waar Haitink, een fel tegenstander van dergelijke voltooiingen, toevallig die ochtend al aan het repeteren was.

Maar mensen, het allerlaatste koperkoraal dat Bruckner voor dat vierde deel componeerde, dat is toch het allermooiste dat hij ooit bedacht? Als Rattle zich niet zo zou inzetten voor de complete Negende (Lawrence Renes deed ooit hetzelfde bij Het Gelders Orkest), dan hadden we amper weet van dat koraalwonder gehad. Hulde, hulde dus. Ook voor de uitvoering, die stond als een huis met de machtige klank van de Berliner (soms iets te luid) op de voorgrond. Een klank die als het ware materialiseerde, zodat je hem aan kon raken. Meesterlijk.

Heel anders ging Haitink te werk met die andere Negende, die wel af is. Hoewel Mahler misschien nog wel wat veranderd zou hebben als hij niet vóór een eerste uitvoering gestorven was. Meteen toen de tweede violen van het Concertgebouworkest die heerlijke melodische zucht speelden, zo sereen en zoet, zat je in Mahler-Haitink-land. Met maar liefst tien contrabassen in het orkest (Rattle had er acht) creëerde Haitink een veel fijnzinniger en opengewerkter forte. Aan het slot van dat onthechte laatste deel - wie anders dan Haitink kan dat zó laten klinken - was het een keer niet een kucher die de stille betovering verbrak, maar Haitink zelf. Pardoes legde hij zijn baton op de lessenaar. Klaar! Maar wat een belevenis.

Peter van der Lint schrijft iedere week met aanstekelijk enthousiasme over de wereld van de klassieke muziek. Lees meer artikelen in ons dossier. 

Deel dit artikel

Maar mensen, dat allerlaatste koperkoraal dat Bruckner componeerde, is toch het mooiste ooit