Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Niemand is hier nog veilig

Cultuur

Annemarié van Niekerk

Review

’In de plaats van liefde’ heet de nieuwe roman van Etienne van Heerden. Daarin compenseert kunsthandelaar Christian zijn gemis aan liefde en geborgenheid met cocaïne en prostitueebezoek. Christians kilte, verwarring en cynisme slaan ook over op de lezer. Dat is knap gedaan door Van Heerden, maar ook enigzins onbevredigend.

Geweld, hoe absurd en ongemotiveerd ook, is een bestanddeel van het dagelijks leven waarmee elke Zuid-Afrikaan terdege rekening moet houden. Daarbij blijft niemand buiten schot. Zekerheid bestaat niet meer, rust en vrede zijn bedrieglijke illusies. Het is deze angstaanjagende werkelijkheid die in Etienne van Heerdens nieuwe roman ’In de plaats van liefde’ trefzeker wordt geëxploreerd. Het enige houvast dat Van Heerden zijn karakters gunt, is het besef dat ze zichzelf niet kennen en hun dierbaren al evenmin. Iedereen staat voor iets anders dan alleen zichzelf, ieders identiteit ontglipt aan het oppervlakkige beeld dat anderen waarnemen. Niet voor niets gaat aan het boek een motto van Evelyn Waugh vooraf: ,,I am not I: thou art not he or she: they are not they’’.

Met het besef van een op z’n minst dubbele identiteit en de dreiging van het geweld ziet Van Heerdens hoofdpersoon zich al vroeg in de roman geconfronteerd. Christian Lemmer pendelt elke week tussen Johannesburg, waar hij in kunst handelt, en het rustige wijndorp Stellenbosch, waar hij in de weekenden een schijnbaar gewoon familieleven leidt.

Wanneer zijn vliegtuig contact maakt met de landingsbaan van de Kaapse luchthaven, komt het beeld van Edvard Munchs schilderij ’De Schreeuw’ bij hem op. Het zal nog een aantal malen terugkeren, waarmee het ironisch genoeg een stabiliserende factor in zijn bewustzijn wordt. ’De Schreeuw’ maakt de gestolde paniek en de normaal geworden angst zichtbaar die de omgang met het geweld in Zuid-Afrika vandaag de dag kenmerken.

Op weg naar Stellenbosch denkt Christian aan zijn vrouw Christine en zijn zoon Siebert. Vanwege onderlinge spanningen zijn ze wel niet het volmaakte gezin, maar toch verlangt hij naar ze. Ineens merkt hij dat er van de andere kant een auto zonder lichten op hem afkomt. Zijn waarschuwingssignalen blijven zonder resultaat. Uit ergernis dooft ook hij zijn lichten. Terwijl de twee auto’s op elkaar afstormen, ervaart hij een euforisch moment waarin de tijd stilstaat.

Een paar seconden nadat de tegenligger hem rakelings heeft gepasseerd, ziet Christian in zijn spiegel hoe het voertuig omkeert en achter hem aanjaagt. Als hij wordt ingehaald, richt een van de twee donkergekleurde inzittenden een revolver op hem. Voor hij goed en wel beseft wat er gebeurt, verbrijzelt de eerste kogel zijn voorruit. Hoewel er daarna nog twee keer op hem wordt geschoten, blijft hij ongedeerd.

Even onverwacht als ze zijn verschenen, verdwijnen de geweldplegers weer. Naderhand zal Christian tegen zijn vrouw zeggen dat hun jachtlust kennelijk snel bevredigd was, al was er misschien wel opgekropte woede en eeuwenoude frustratie in het spel. Een paar dagen later bekruipt hem het vermoeden dat de jagers terug zullen komen nu ze bloed hebben geroken. Maar welke rekening er precies vereffend moet worden, weet hij niet.

Parallel met Christians verhaal, dat ons langs een hele rits wereldsteden leidt, loopt het in de Karoo gesitueerde relaas van het eenvoudige meisje Snaartjie Windvogel, dat toevallig betrokken raakt in de geschiedenis van Christian en zijn gezin. Van Heerden beschrijft de wereld van het Karoodorp Matjiesfontein met de blik van iemand die vertrouwd is met de magie van de landelijkheid. Desondanks vervalt hij niet in een eenduidige idealisering. Integendeel, zijn satirische en ironische visie treedt hier sterk naar voren en laat geen enkel personage ongemoeid.

De manier waarop de twee plotlijnen, die van Christiaan en die van Snaartjie, verweven worden maar tegelijkertijd op zichzelf blijven staan, geeft iets weer van de verhouding tussen Christian en Christine, die zowel met als zonder elkaar leven. De verbinding tussen de beide verhaallijnen komt ook voor rekening van Christine, ooit een weeskind dat op latere leeftijd zoek gaat naar het geheim van haar afkomst. Zo probeert ze licht te brengen in de zwarte plekken van haar geheugen, die alles van doen hebben met Matjiesfontein, en daarmee ook naar de verborgen lagen van haar psyche. Het betreft hier een onderdeel van de intrige dat voor de nodige spanning zorgt en daarom beter onbesproken kan blijven.

De weg die Snaartjie aflegt gaat niet terug maar vooruit, haar noodlot tegemoet. Haar passie voor muziek, aangewakkerd door haar geheimzinnige vioollerares Miss Edelweiss, laat haar belanden in de diepste diepten van het stedelijk verval. Net als de zoektochten van Christine loopt ook Snaartjie queeste vast in doolhoven en doodlopende straten.

Anders dan Christine wordt Christian voortgedreven door zijn ambities. Allerlei aspecten van zijn dubbelleven zitten hem daarbij in de weg: zijn geheime appartement in Kaapstad waar hij bevriend raakt met zijn buurvrouw, de prostituee Okapi; de vrouwen met wie hij affaires heeft; maar vooral zijn cocaïneverslaving. Stuk voor stuk vervangen ze de liefde waarnaar hij zo wanhopig op zoek is en die moeilijk te vinden is bij zijn eveneens zoekende vrouw. Ten slotte besluit hij te kiezen voor Christine door zichzelf te ontmaskeren. Met zijn bekentenis, die veelbetekenend inzet met de woorden ’Mijn naam is Christian’, eindigt de roman.

Van Heerdens boek, door Robert Dorsman soepel vertaald, laat de lezer min of meer ontheemd achter, bevangen door het gevoel dat elke thuiskomst buiten bereik blijft en dat liefde stelselmatig door surrogaten wordt verdrongen.

Dit gevoel hangt samen met het onvermogen om één te worden met de romanfiguren en mee te voelen met de verschrikkingen waaraan ze worden blootgesteld. Zonder twijfel moet dat worden toegeschreven aan Van Heerdens cerebrale en afstandelijke aanpak.

Aan de ene kant werkt dat ontnuchterend, aan de andere kant zou je de auteur kunnen prijzen omdat hij erin slaagt je te bevrijden van de drang tot identificatie. Ook wat dit betreft is het schilderij van Munch een passende metafoor. Je ziet de schreeuw, maar hoort geen geluid en weet niet van enige afloop of vervolg.

Je zou Van Heerdens stilistische en retorische vermogens dus kunnen kwalificeren als een meesterlijke vorm van manipulatie. De enige keren dat dit meesterschap het een klein beetje laat afweten, is er paradoxaal genoeg sprake van een voorzichtig aftastende empathie die het alomtegenwoordige cynisme naar de achtergrond dringt. Op zulke momenten krijgt deze vernuftig geconstrueerde roman een menselijke toon en geloof je dat Van Heerden oprecht geïnteresseerd is in de vraag wat liefde is en of ze überhaupt bestaat.

Wilt u de reacties op dit artikel lezen? Registreer u hier voor een proefperiode van twee maanden.

Het plaatsen van reacties is voorbehouden aan de betalende abonnees van Trouw. Kijk hier voor een overzicht van onze abonnementen.

Het bekijken en plaatsen van reacties is voorbehouden aan onze betalende abonnees. Kijk hier voor een overzicht van onze abonnementen.

Als betalend abonnee kunt u een reactie plaatsen op dit artikel. Deze is alleen zichtbaar voor andere (proef)abonnees.

Om uw reactie te kunnen plaatsen, hebben we uw naam nodig. Ga naar Mijn profiel


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie