Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

In de musical Bloedbroeders overwint vriendschap zelfs de Turks-Armeense kwestie

Cultuur

Sara van der Kooi

De cast van 'Bloedbroeders' met op de stoel initiatiefnemer Ara Halici en rechts achter hem regisseur Șaban Ol (in overhemd). © Patrick Post

De musical 'Bloedbroeders' speelt zich af tegen de achtergrond van de Armeense genocide in 1915. Een gewaagde keuze van regisseur Șaban Ol (van Turkse komaf) en acteur Ara Halici (met Armeense voorouders).

Nee, het wordt géén voorstelling over de genocide en ze willen níet vingerwijzen, benadrukken Şaban Ol en Ara Halici meermaals tijdens het interview. Het verhaal van 'Bloedbroeders', de voorstelling die deze week met een uitgebreid randprogramma in het Amsterdamse Podium Mozaïek in voorpremière gaat, begint echter wel ten tijde van de Turks-Armeense 'kwestie'. Dat gegeven op zich is al controversieel: veel traditionele en trotse Turken ontkennen nog altijd dat die genocide ruim een eeuw geleden plaatsvond. Voor 'moderne' Turken is het ook een heet hangijzer: ontkennen kan eigenlijk niet meer, maar dan zet je wel je relatie met het vaderland en je familie op het spel.

Lees verder na de advertentie

In een klein repetitiezaaltje wachten de oudere, bedeesde regisseur en de energieke musicalacteur tot de rest van de crew komt. Vier acteurs en een muzikant vertellen samen het complexe verhaal van twee echte bloedbroeders. Het wordt "een echte muuusikaaal" zoals Halici gekscherend zingt. Maar dan wel een kleinschalige en abstract vormgegeven musical, eentje waarin je door middel van simpele verschuifbare panelen op een bijna filmische manier een reis door de tijd maakt.

Wij willen geen discussie over daders en slachtoffers. Wij willen een verhaal vertellen over een vriendschap.

Ara Halici

Theater Rast, geworteld in de interculturele Amsterdamse wijk Bos en Lommer, maakt het liefst cultureel diverse en maatschappelijk betrokken voorstellingen voor een zeer uiteenlopend publiek. De groep schuwt maatschappelijk gevoelige onderwerpen niet. Maar de Armeense genocide, dat ligt wel extreem gevoelig, zeker bij een deel van het vaste Turks-Nederlandse publiek. Vandaar de keuze voor een week lang voorpremières en randprogramma's, vertelt Halici. "Theatermaken moet altijd snel-snel-snel. Een paar weken repeteren en dan moet het helemaal af zijn. Terwijl wat wij maken compleet nieuw is: nieuwe tekst, nieuwe muziek, een intieme voorstelling en een precair onderwerp. Wij willen de ruimte om dingen uit te proberen, eraan te schaven zodat het na de zomer bij de landelijke tournee helemaal goed is."

Delicaat geheel

Het was een hele klus om de juiste vorm te vinden, zodat alle acteurs alle rollen kunnen vertolken, wat de universaliteit van het verhaal moet benadrukken. Ook vanwege de thematiek is het een delicaat geheel: Turken en Armeniërs, islam en christendom. Halici: "Wij willen geen discussie over daders en slachtoffers. Wij willen een verhaal vertellen over een vriendschap die alle verschillen overstijgt, waarin liefde uiteindelijk overwint."

Het idee voor de voorstelling ontstond nadat Halici in 2015 samen met de Turks-Nederlandse filmmaker Sinan Can een documentaire maakte over hun gedeelde familiegeschiedenissen. Bloedbroeders heette dat programma, het werd uitgezonden door de NPO. "We stuitten toen op het verhaal van mijn oudoom over zijn vader Abishogom", vertelt de acteur van Armeense afkomst. "Dat is het verhaal van twee ware bloedbroeders." De Armeense Abishogom wordt als kleine jongen achtergelaten in een dorpje in het Ottomaanse rijk in 1915, nog voordat de Turkse Republiek ontstond en ten tijde van de Armeense genocide. Hij wordt ondergebracht bij een Turks gezin en raakt daar bevriend met Mehmet, de jongste uit het gezin."

Ol: "Abishogom krijgt een Turkse naam en Mehmet en Abishogom worden beste vrienden. Totdat op een gegeven moment Mehmets vader overlijdt en zijn oudste broer de scepter gaat zwaaien. Die blijkt altijd al een hekel te hebben gehad aan zijn Armeense adoptiebroer en wil Abishogom aangeven. De twee jongens, twaalf en veertien jaar oud, besluiten het land te ontvluchten."

Sinan en ik moesten echt soms even ons best doen om het minder persoonlijk op te nemen

Ara Halici

Het is het begin van een waanzinnige en jarenlange reis door Europa. De jongens komen in Griekenland in een vluchtelingenkamp terecht, trekken tijdens de Tweede Wereldoorlog naar Frankrijk waar ze in het leger gaan en gevangengenomen worden door de nazi's. Ze doorstaan de meest gruwelijke ontberingen en blijven steeds samen. "Maar ze vonden nergens een thuis", vertelt Halici. "Ze waren voortdurend op zoek naar waar ze hoorden: eerst moest de Armeen een Turk worden maar in Griekenland en Frankrijk moest de Turk zich een Armeense identiteit aanmeten om niet te worden afgemaakt. Turken waren in die tijd niet geliefd in het buitenland."

Schaamte

Pas in 1962 vertelt Abishogom op zijn sterfbed aan zijn zoon wat zijn geheim is: je oom is niet mijn broer, hij is geen Armeen maar een Turk." Al die mensen die hun geheimen bewaren tot hun sterfbed, het emotioneert Halici enorm. "Mijn ouders hebben mij ook maar weinig verteld over mijn familie. En waarom? Schaamte, je kinderen niet willen opzadelen met een pijnlijke geschiedenis, enzovoort." Mensen willen hun verhalen niet meenemen in hun graf, denkt Ol. "En dat is ook de reden dat wij dit verhaal nu aan het publiek vertellen." "Opdat men niet vergeet", beaamt Halici. "En opdat men niet steeds maar dezelfde fout blijft maken. Misschien is dat ijdele ideologische hoop, maar toch."

De boodschap dat liefde alles overwint, zelfs de meest hatelijke dingen, staat voor beiden centraal. Want dit verhaal overstijgt alle tegenstellingen: twee jongens die er alles voor over hebben om bij elkaar te blijven. Identiteit, taal, alles gooien ze overboord voor de vriendschap.

Halici: "Ten tijde van die tv-documentaire moesten Sinan en ik echt soms even ons best doen om het minder persoonlijk op te nemen. Daardoor gingen we beter naar elkaar luisteren. Het zijn gepassioneerde volkeren, die Armenen en Turken, voordat je het weet slaat de vlam in de pan. Wat schieten we daarmee op? Oorlogen, haat, hokjesgeest, wij willen ervan af."

Door een voorstelling tegen de achtergrond van de genocide te maken, erkent Şaban Ol deze ook impliciet. "De voorstelling zal tot discussies leiden", dat weet hij zeker. "Maar de randprogramma's die ik voor deze week heb gekozen, hebben een positieve insteek. We hebben veel Armeense kunstenaars uitgenodigd die in Midden-Anatolie geworteld zijn. Dat is onze cultuur, ook mijn cultuur. Die zwarte bladzijde is ook mijn cultuur, niet alleen die van de Armenen. Neem het programma rondom de Armeense componist Komitas. Hij komt ook uit Midden-Anatolie. Maar in de Turkse geschiedenisboeken wordt Komitas niet genoemd. Dat is toch raar? Waarom mag ik niet van zijn muziek genieten?"

De week van de Bloedbroeders: 11 t/m 17 december in Podium Mozaïek. 'Bloedbroeders' gaat vanaf september 2018 op tournee.


Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

Door een profiel aan te maken ga je akkoord met de gebruiksvoorwaarden en geef je aan het privacy statement en het cookiebeleid te hebben gelezen.

Deel dit artikel

Wij willen geen discussie over daders en slachtoffers. Wij willen een verhaal vertellen over een vriendschap.

Ara Halici

Sinan en ik moesten echt soms even ons best doen om het minder persoonlijk op te nemen

Ara Halici