Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ik mocht 3000 woorden maken - maar het werd een roman

Cultuur

Franca Treur

© Olivia Ettema
Column

Een paar jaar terug werd ik door een tijdschrift gevraagd voor een zomerverhaal. Het mocht wel 3000 woorden zijn en ik had er een paar weken de tijd voor. 

Zulke opdrachten vind ik prettig. Ze geven me het gevoel dat mijn verhalen gewenst zijn. Toen ik dat een keer tegen Marcel Möring zei, vond hij dat helemaal de verkeerde houding. De romantiek van het schrijven zat hem juist in iets de wereld in slingeren zonder dat iemand er op zit te wachten. Dat doe ik óók, zei ik. Ik krijg niet elke week een opdracht.

Lees verder na de advertentie
Het ging om die 3000 woorden - ik had er veel meer nodig. Nu ja, ik zou later wel schrappen...

Maar goed, dat zomerverhaal onderbrak destijds het schrijfproces van de roman waaraan ik werkte. Nu was dat proces al onderbroken geweest door het internationale schrijversprogramma van de universiteit van Iowa, waarvoor ik was uitgenodigd. Drie maanden lang had ik me verdiept in het werk van dertig daar aanwezige collega’s en we waren veel met elkaar op weg geweest - mensen uit landen als Saudi-Arabië en Afghanistan die voor het eerst in hun leven straffeloos aan de alcohol konden - en m’n roman was er enigszins bij ingeschoten.

Refovariant

En daarna kwam dus het verzoek om een zomerverhaal. Ik had veel zin om weer achter mijn computer te kruipen en ik begon er meteen aan. Het werd een refovariant op het bijbelse verhaal over Martha, Maria en Lazarus. Martha, de ziel die het huishouden doet, dominante Maria die haar uitverkorenheid op iedereen botviert en Lazarus die doodgaat.

Het probleem was natuurlijk die 3000 woorden. Ik had er veel meer nodig. Nu ja, ik zou later wel schrappen. Net voor de deadline zag ik in dat ik het verhaal nooit zo ver ingekort zou krijgen. Koortsachtig begon ik te zoeken naar nog ongepubliceerde verhalen die als alternatief konden dienen.

Mijn computer is een ongeordende berg opzetjes, beginnetjes, half-affe en gevorderde stukken, plus een hoop tussendoor opgeslagen versies van romans die al dan niet de eindstreep hebben gehaald. Gelukkig zit alles achter een password. Je moet er niet aan denken dat er ooit iemand in gaat zitten snuffelen. Toen schrijvers nog alles meteen op papier schreven of typten, moesten ze continu de kans berekenen dat er nog genoeg tijd van leven en tegenwoordigheid van geest zou zijn om bijtijds hun archief te kunnen vernietigen. J.R.R. Tolkien was het niet gegeven. Na zijn dood heeft zijn zoon dertig jaar lang in zijn papieren zitten neuzen en uit allerlei onvoltooide stukken plus wat eigen fantasie zelfs nog een roman samengesteld en uitgegeven. Verschrikkelijk.

In mijn eigen puinhoop kwam ik gelukkig iets op het spoor dat ik wel kon opsturen naar het blad. Daarna ging ik verder met het refoverhaal dat zich in onverwachte richting begon te ontwikkelen. Het werd uiteindelijk een roman van 350 pagina’s die afgelopen herfst uitkwam onder de titel ‘Hoor nu mijn stem’.

Nu wil ik op zoek naar de laatste versie van de roman waaraan ik werkte vóór ik naar Amerika ging. Mijn hoop is tweeledig: dat de tekst nog overeind staat, maar eerst en vooral: dat ie nog te vinden is.

Franca Treur en Gerbrand Bakker schrijven om beurten over schrijven, lezen en het literaire leven.

Lees ook: Wat is het geheim van een bestseller?

Franca Treur was bij een lezing van J.K. Rowling voor afgestudeerde Harvardstudenten. Die vertelde ze dat je van je mislukkingen kunt leren en dat de verbeeldingskracht een nuttig iets is. 'Er moet iets zijn wat ik niet zie', dacht Franca Treur.

Deel dit artikel

Het ging om die 3000 woorden - ik had er veel meer nodig. Nu ja, ik zou later wel schrappen...