Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Het Stedelijk is ontredderd, de duik in het verleden weinig geslaagd

Cultuur

Joke de Wolf

Gandalf, jaargang 6 1969/70, no 40. © Studio Gandalf
Recensie

Het Amsterdamse Stedelijk Museum duikt met een tentoonstelling over 'Amsterdam Magisch Centrum' in de cultuurgeschiedenis van het laatste stukje van de jaren zestig. De kunst komt er wat bekaaid vanaf.

Witte lakens en kussens hangen te luchten uit de ramen van het Stedelijk Museum in Amsterdam. Kunst: een heropvoering van een werk van Marinus Boezem uit 1969. Nee, benadrukte de kunstenaar vorige week in deze krant, géén verwijzing naar een grote schoonmaak in het huidige museum, het gaat over het verleden. Het is wel de vraag hoeveel voorbijgangers hun historische bril meteen paraat hebben.

Lees verder na de advertentie

Want achter de ramen van het museum moeten er juist nu veel zuchten en steunen klinken, en niet van genot. Na het vertrek van Beatrix Ruf in oktober 2017 is het museum nog steeds directeurloos en beraden hogere instanties zich in achterkamers over de toekomst. Een badkuip zonder kapitein.

Weinig kunst, veel zware onderwerpen

Nu dus, met hoop op verkoeling, een duik in het verleden, met een tentoonstelling over de periode 1967 tot 1970 in Amsterdam, de tijd van de hippies, de Dolle Mina's en de grote protesten in Parijs.

Het is een samenwerkingsproject met de buren van het Rijksmuseum en met dat minder bekende Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, het IISG, ook uit de hoofdstad. Het biedt onderdak aan onder meer de archieven van Marx en Engels, de Rote Armee Faktion en Greenpeace. En natuurlijk ook van de Nederlandse protestbewegingen van de jaren zestig en zeventig. Een goudmijn voor historici, maar hoe toon je die documenten in een moderne kunstmuseum? Moet je die hier wel tonen?

Het museum vindt van wel. De tentoonstelling opent met een compilatie van polygoonbeelden over rebelse jeugd, Dolle Mina's, Damslapers en iemand die in een transparante plastic bol over de grachten loopt. Engelse ondertiteling, het Nederlands is moeilijk te verstaan, en van wie of wat de kunstwerken zijn mag je later ontdekken.

Humor en ironie waren erg belangrijk, de lol is nu ver te zoeken

Humor

Er zijn zalen met foto's van gekke acties van kunstenaars als Jan Dibbets en Jeroen Henneman, en een voorstel voor een project waarbij een doorsneegezin, de familie Van Dijk uit Amsterdam-Geuzenveld, in 1969 een maand lang op de bovenverdieping van het Stedelijk zou wonen. Een grapje, natuurlijk.

Ja, humor en ironie waren erg belangrijk, de lol is nu ver te zoeken. De aankleding is treurig: hier en daar is een muur beplakt met zilverfolie, verder zijn het witte ruimtes met teksten en papieren. Weinig kunst, veel zware onderwerpen, gelukkig vaak in vrolijkmakende jaren zestigspelling. Liekwidaatsie van de provo-organisaatsie en Hai in de Rai. De Dolle Mina's, de woningnood, de 'Hitweek' met seksuele voorlichting ('vlekken in de lakens') en de folders voor krakers liggen als in een opgedreunde geschiedenisles in vitrines. Er draait hier en daar een filmpje.

Het meest verrassend zijn de weinige wél aanwezige kunstwerken, vooral die van de vrouwelijke kunstenaars. Zo zijn er de reusachtige aaibare beelden van de Nederlandse Ferdi (1927-1969), die in de jaren vijftig in Parijs terechtkwam en les kreeg van Zadkine. Haar met sensuele, met nepbont beklede Hortisculpturen waren in 1968 in Amsterdam te zien, nog steeds zijn de 'Plastic Fantastic Lover' en het 'Groovy Coral' een sensatie.

Ook de 'Soft Living Room' van Maria van Elk (1943) is bijzonder. Met handschoenen en hoesjes om de schoenen mag ook de museumbezoeker van nu even rondhangen in de zachte, zwartwitte iglo. Van Elk gaf hiermee, zo zegt het tekstbordje, uitdrukking aan het verlangen zich terug te trekken uit de harde, turbulente buitenwereld. Een mooie tegenhanger bij Boezems luchtende lakens en onbedoeld typerend voor het ontredderde museum zelf.

Stedelijk Museum
Amsterdam Magisch Centrum. Kunst en tegencultuur 1967-1970
Tot 6 januari 2019 in het Stedelijk Museum in Amsterdam.
★★☆☆☆

Lees ook: De lakens zijn terug in het Stedelijk Museum

Conceptueel kunstenaar Marinus Boezem gooit na bijna vijftig jaar opnieuw zijn beddegoed uit de ramen van het Stedelijk Museum. 'Ik was destijds heel brutaal.'

Deel dit artikel

Weinig kunst, veel zware onderwerpen

Humor en ironie waren erg belangrijk, de lol is nu ver te zoeken